Vorige aflevering | Overzicht van afleveringen | TidBITS Homepage | Volgende aflevering

TidBITS#354/18-Nov-96

Terwijl Adam zijn 29ste verjaardag viert lezen wij over plannen van Apple om zich in het restaurantwezen te begeven, en over nieuwe versies van de on-line werkpaarden Anarchie en BBEdit. We hebben nieuws over een 43.2 Kbps modemtechnologie van AetherWorks, en over Apples Open Transport/PPP. Bovendien recenseert Tonya het nieuwste boek van Robin Williams, en heeft Dan Meriwether het over de invloed van het Web op de wijze waarop bedrijven geacht worden zaken te doen.

Onderwerpen:

Copyright 1996 TidBITS Electronic Publishing. All rights reserved.
Information: < info@tidbits.com > Comments: < editors@tidbits.com >


Deze editie van TidBITS werd gedeeltelijk gesponsord door:


MailBITS/18-Nov-96

Patat met PowerBook? -- Vorige week kondigde Apple wel zeer onverwacht een nieuw samenwerkingsverband aan voor het opzetten van een serie "cyber-based" thema-restauranten (echt waar!) die de naam "Apple Cafe" zullen dragen. De eerste eterij zal eind 1997 in Los Angeles worden geopend (in de toekomst worden vestigingen in Londen, Parijs, New York, Tokio en Sydney overwogen), en de nadruk zal liggen op multimedia, het Internet, technologie-demonstraties, en het bedrijfsimago van Apple. Er zijn nog geen mededelingen gedaan over wat er op het menu zal staan, maar ik mag aannemen dat Apple Apple niet zou zijn zonder "Empty Trash". [GD]

<http://product.info.apple.com/pr/press.releases/1997/q1/961112.pr.rel.cafes.htm >l>

Anarchie 2.0.1 -- Peter N. Lewis heeft versie 2.0.1 van zijn populaire FTP-client Anarchie uitgebracht. (2.0.1. lost een kleine bug op met internationale tekensets, die in de nog maar drie dagen oude 2.0 zat). Nieuwe mogelijkheden zijn onder andere het kunnen verzenden en binnenhalen van hele mappen, verscheidene verbeteringen in de gebruikersinteractie (zoals een voortgangs-indicator in de vorm van een kangaroe), en ook een Tips-venster om de gebruiker vertrouwd te maken met de mogelijkheden van Anarchie. Als belangrijkste verbetering pronkt Anarchie 2.0.1 met een nieuwe MacSearch-functie (ontwikkeld samen met Ambrosia Software) waarmee je snel Macintosh-bestanden in de Info-Mac en UMich archieven kunt vinden, aangezien de Archie-dienst inmiddels niet meer zo betrouwbaar is voor het vinden van bestanden op het Internet. Voor nieuwe gebruikers kost Anarchie $10 aan shareware-bijdrage. Het programma is gratis voor gebruikers die in 1996 een vorige versie registreerden, en $5 voor vroegere gebruikers. Het programma zoals u het downloadt is ongeveer 1 MB groot. [GD]

<ftp://ftp.tidbits.com/pub/tidbits/select/anarchie.hqx>

Bare Bones Software brengt BBEdit 4.0.2 uit -- De in brede kring gebruikte teksteditor BBEdit werd vorige week 4.0.2. Verbeteringen en mogelijkheden in de nieuwe versies zullen ongetwijfeld populair zijn in kringen van zowel ontwikkelaars als gewone gebruikers. Voor programmeurs is er ondersteuning voor CodeWarrior 9 en 10, en iedereen die van toetsenbord-equivalenten houdt zal het vernieuwde Set Keys-dialoogvenster weten te waarderen. Bovendien heeft BBEdit 4.0.2 een nieuwe BBEdit Startup Items (opstartbestanden)-map; je kunt misschien wel raden dat BBEdit bij het opstarten van het programma bestanden in die map automatisch opent in de bijbehorende applicatie. De nieuwe versie heeft ook andere veranderingen, onder meer verbeterde samenwerking met een aantal utilities, zoals QuicKeys, KeyQuencer, en Spell Catcher. Officiële gebruikers van BBEdit 4.0 of 4.0.1 kunnen gratis opwaarderen; de het binnen te halen bestand telt ongeveer 2.2 MB. Wie een eerdere versie heeft kan opwaarderen voor $39 plus porto. Bare Bones Software -- 617/778-3100 -- 617/778-3111 -- <custservice@barebones.com> [TJE]

<http://www.barebones.com/update s.html>
<ftp://ftp.barebones.com/pub/updaters/>

Was u snel genoeg? -- Vorige week vrijdag bracht CE Software haar nieuwe QuickMail Pro POP3 e-mail-programma uit, en verwijderde uiteraard net een paar dagen nadat we de URL publiceerden in TidBITS-353 de beta-versie van haar Web-site. QuickMail Pro is nu beschikbaar voor een adviesprijs van $69,95, en er wordt gezegd dat het bedrijf toekomstplannen heeft voor een uitgeklede gratis versie.[MHA]

<http://www.cesoft.com/>


AetherWorks gaat sneller dan het geluid

door Mark H. Anbinder <mha@publiccom.com>

AetherWorks Corporation kondigde vorige week haar eerste marktklare technologie aan, een analoog modem met hoge snelheid dat symmetrische verbindingen op 43.2 Kbps over een gewone analoge telefoonlijn mogelijk zal maken. De technologie, door het bedrijf uit Minnesota V.Mach genoemd, zal worden besproken in de hotel-suite van het bedrijf in Las Vegas op de Comdex van deze week.

<http://www.aetherworks.com/>

Het bedrijf zal haar technologie verhuren aan een niet nader genoemde lijst van modemfabrikanten, en de eerste modellen worden midden 1997 verwacht. Hoewel Aetherworks zegt dat haar standaardmodel alle huidige modemnormen ondersteunt, inclusief v.34+ (33.6 Kbps) en helemaal terug tot 300 bps, is het niet zeker dat alle fabrikanten zeldzame protocols zullen kunnen ondersteunen, zoals v.32terbo van AT&T (19.2 Kbps, opgenomen in Global Village Mercury-modems). Compressie- en foutcorrectienormen zoals de MNP-serie en v.42 en v.42bis worden in de huidige prototypen ondersteund, en zouden door de meeste, zo niet alle, modems van de uiteindelijke fabrikanten geaccepteerd moeten worden.

Dr. Jonathan Sachs, de president en directeur van AetherWorks, merkte op dat de V.Mach-technologie opmerkelijk goed werkt op telefoonlijnen met ruis, waar de snelheid van sommige modem-protocols terugvalt. Hier voegde hij aan toe dat V.Mach tenminste zo goed presteert als eerdere technologieën als de kwaliteit van de lijn nog slechter wordt.

V.Mach-modems zijn waarschijnlijk erg geschikt voor hogesnelheids-telefoonverbindingen met het Internet, en het met elkaar in vebinding brengen van hele netwerken (network-to-network routing). Sachs vertrouwt erop dat de vraag voor analoge modems, zoals die met de V.Mach-technologie, nog een aantal jaren lang hoog zal blijven; hij zegt dat recent aangekondigde asymmetrische 56 KBps-technologieën een "digital local loop" aan een kant van de verbinding nodig hebben, en daarbij een uitzonderlijk hoge kwaliteit van de analoge lijn vereisen, zodat deze niet erg geschikt zullen zijn voor de meeste consumenten- en akentoepassingen waar hogesnelheids-technologieën zoals ISDN niet geschikt zijn.

AetherWorks is ook aan het werken aan een telefonische dienst met de naam Jeeves, die volgens het bedrijf een revulutie zal inluiden in de computer-technologie door het aanbieden van mogelijkheden als het voorlezen van e-mail over de telefoon en het overbrengen van ingesproken berichten naar een laptop.

AetherWorks Corporation -- 888/552-3309 -- 888/552-3301 (fax)
<info@aetherworks.com>


Web Authoring met Robin Williams

door Tonya Engst < tonya@tidbits.com >

Wanneer je computerboeken moet kiezen, kan je je meestal niet vergissen als je een Peachpit-boek koopt, dat geschreven is door Robin Williams. Robin schreef "The Little Mac Book" ( het boek voor Macintosh-beginners), "The Mac is not a Typewriter" (zie TidBITS-106 ), "The Non-Designer's Design Book", en nog andere. Ik ben een fan van Robin's werk, zodat ik onlangs haar laatste boek las, getiteld "Home Sweet Home Page", dat Robin schreef in samenwerking met Dave Mark. De bedoeling van het boek is Internet te introduceren aan een nieuweling en deze nieuweling te leren een opwindende, nuttige en familiale Web Site te maken.

< http://www.peachpit.com/peachpit/titles/catalog/88667.html >

Home Sweet Home Page begint met een summiere opsomming van onderwerpen, die nutig zijn voor Internet-nieuwelingen: een Internet service provider vinden, URL's, hoe links identificeren op Web-pages, zoekprogramma's gebruiken, enzoverder. In tegenstelling met de meeste boeken over Web authoring handelt het boek zelden over HTML: het handelt vooral over het starten: de nodige software kiezen, de pagina-indeling opzetten, dokumenten en folders organizeren. Het toont aan dat het Web een goedkoop middel is om in kleur te publiceren, en het geeft richtlijnen voor pagina-ontwerp, met pittige raadgevingen zoals "als het er uitziet als moeilijk te lezen, dan IS het zo, en "Wees Geen Doetje". De grote finale van het boek is een reeks project-ideeën voor secties van een familiale Web Site. Het boek toont o.a. hoe je links en data kunt organizeren in een familie-kalender, en bespreekt het gebruik van thumbnails in een virtueel foto-album. De project-sectie geeft niet veel stap-voor-stap-richtlijnen voor hoe je het moet doen, maar ze is rijkelijk gevuld met suggesties voor organizatie en samenstelling.

Het ontwerp en de layout zijn typisch Robin Williams - terloops, vriendelijk en professioneel. Het 180 pagina's tellende boek biedt heel wat blanke bladzijden en weinig tekst, wat garant staat voor zeer toegankelijk ogende pagina's. Hoewel de inhoud accuraat is en uitstekende raadgevingen bevat, is het niet uitgebreid genoeg om menige relevante vragen te beantwoorden, in het bijzonder voor een Internet-nieuweling. Gelukkig echter zet het boek de lezers aan intelligente vragen te stellen.

Als ik steun op mijn ervaringen met mijn familie, vraag ik me af hoeveel families Internet snappen (of het tenminste willen doen) en dan ook nog de motivatie hebben een puik afgewerkte Web Site te beheren. Hoewel, dit boek is een uitgelezen start voor families die deze betrachting hebben, en potentiële Web-auteurs kunnen het gebruiken om te experimenteren met (of óp) hun eigen familie terwijl ze de basistechniek leren van Web-ontwerp-grondbeginselen.

Hoe dan ook, als je jezelf beschouwt als een Internet-amateur en -Web-auteur, ben je waarschijnlijk al verder gevorderd dan het gros van de stof van het boek. Ik vind dit eigenlijk jammer, wan het boek valt biezonder op door het pagina-ontwerp en de raadgevingen voor organizatie van een eigen site, raad die welkom zou zijn in een meer gesofistikeerd boek waarin lezers zouden kunnen groeien, in plaats van dit boek, waar lezers vlug zullen uitgroeien.

Robin vertelt me dat ze aan het werken is aan nog twee interessante boeken voor Web auteurs. Het eerste (dat verwacht wordt in januari, en niet in december zoals Peachpit's Web site verkeerdelijk zegt) is getiteld "Home Sweet Home Page and the Kitchen Sink" , en is eigenlijk niets meer dan "Home Sweet Home Page" gebundeld met een CD-ROM met connectie-kits voor AOL en AT&T WorldNet, en daarbij clip art, fonts en andere nuttige dingen. Het tweede "The Non-Designer's Web Book" komt uit later in het jaar.

< http://www.peachpit.com/peachpit/titles/catalog/88680.html >

Home Sweet Home Page, Robin Williams met Dave Mark, ISBN 0-201-88667-7, 180 bladzijden. U.S.$14.95, Can$ 21.

Peachpit -- 800/283-9444 -- 510/548-4393 -- 510/548-5991 (fax)
< tell@peachpit.com >


De P-P-P-intrige houdt aan: Open Transport/PPP 1.0

door Geoff Duncan <geoff@tidbits.com>

Verleden week gaf Apple Open Transport/PPP 1.0 vrij, de eerste in-huis-toepassing van PPP, het protocol dat door de meesten gebruikt wordt voor aansluiting aan Internet via een modem. Er is al wel een hele keuze aan PPP-toepassingen voor de Macintosh -zoals versies van MacPPP, FreePPP en NTS PPP, plus nog enkele commerciële produkten- maar OT/PPP is de eerste versie die Open Transport-"native" is (dus niet gebaseerd op mechanismen ontworpen voor MacTCP) en slechts de tweede PPP-toepassing is die officieel ondersteund wordt door Apple.

Denk nu niet dadelijk dat je je huidige Internet-wereldje op z'n kop moet zetten en met OT/PPP moet beginnen te werken. OT/PPP mag dan wel een verbetering zijn voor een aantal dialup Internet-gebruikers, de Gouden Regel van PPP blijft nog steeds geldig: voel je je goed met je huidige PPP-software, dan is er geen reden om te veranderen.

Waar en hoe -- OT/PPP 1.0 is beschikbaar op de Apple sites als een disk image of als een Net Installeerpakket, met daarbij inbegrepen een handleiding in Acrobat PDF-versie. (Deze handleiding is trouwens apart binnen te halen). Hoe dan ook, het is een totaalpakket van 2 MB.

<ftp://ftp.support.apple.com/pub/apple_sw_update s/US/mac/Networking-Communications/Open_Transport/>

OT/PPP werkt met een 68030-processor en Open Transport 1.1.1 (tevens verkrijgbaar op hogervermelde URL. zie TidBITS-351). Apple beveelt aan OT/PPP te gebruiken met Systeem 7.5.3 of beter, maar blijkbaar kan het ook werken met Systeem 7.1.x. In dezelfde lijn kan OT/PPP niet gebruikt worden met Systemen 7.5, 7.5.1, of 7.5.2, maar die versies kan je dan toch gratis upgraden naar 7.5.3 en dan naar 7.5.5.

<ft p://ftp.support.apple.com/pub/apple_sw_updates/US/mac/system_sw/>

Overigens blijft het nog steeds verstandig backups te maken (tenminste toch van de System Folder) vooraleer nieuwe systeem-software te installeren. Nochtans hoef je de PPP-software niet weg te gooien: OT/PPP is er volledig compatibel mee (zie hieronder).

Het gebruik van OT/PPP -- Configureer OT/PPP in de nieuwe Modem- en PPP-regelpanelen, eventueel met de hulp van Ballon Help en/of Apple gids. Zoals ook het geval is met de regelpanelen AppleTalk en TCP/IP van Open Transport, kan je de vroegere configuraties wijzigen zonder de Mac terug te moeten starten. Het PPP-regelpaneel zoekt je dialup username en eventueel paswoord, tegelijk met het telefoonnummer van je provider en de rest van de ingestelde opties. Het PPP-regelpaneel bevat ook zend- en ontvangst-indicaties (zodat je weet wat je modem aan het doen is) en een ingebouwd "logging"-functie. Hoewel de uitgebreide inlog-mode nuttig kan zijn voor foutzoeken, kan het gebeuren dat die niet alle informatie kan opsporen, die je provider eventueel nodig heeft voor het uitzoeken van connectie-problemen.

Het Modem-regelpaneel laat je het modem type en de opties kiezen. In tegenstelling tot MacPPP en FreePPP gebruikt OT/PPP echter modem-scripts (CCL's genoemd) voor het instellen van de modem. Dit heeft een goede en een minder goede kant. Van een kant laten CCL's een meer gesofistikeerde controle toe dan modem init strings, en CCL-scripts worden ook gebruikt dor Apple Remote Access. Van de andere kant is het schrijven van CCL-scripts meer kunst dan wetenschap: als OT/PPP geen functioneel script heeft voor jouw modem, heb je pech. [Erger nog: Mijn ervaring met de eerste editie van de Internet Starter Kit voor Macintosh en InterCon's gratis InterSLIP bewezen dat gewone gebruikers er een afschuw van hebben te moeten werken met CCL-scripts. -Adam]. Apple, Info-Mac en andere bronnen bewaren archieven van third-party CCL-scripts, en Apple heeft een niet-ondersteunde Modem Script Generator in het OT/PPP's Extra's pakket zitten. Het kan helpen CCL-scripts te maken en bevat wat CCL-documentatie.

<ftp://ftp.support.apple.com/pub/apple_sw_u pdates/US/mac/Networking-Communications/Apple_Remote_Access/>
< ;http://devworld. apple.com/dev/opentransport/ppp.html>

Zodra alles geconfigureerd is, is het tot stand brengen van een PPP-verbinding met OT/PPP even eenvoudig als het klikken van de Connect-knop in het PPP-regelpaneel. Als je vroeger Open Transport hebt gebuikt, zal je waarschijnlijk het TCP/IP-regelpaneel moeten openen en de instellingen naar PPP moeten veranderen in plaats van die van MacPPP of FreePPP. Bewaar de bestaande TCP/IP-setup (met de configuratie-dialoog) voor je overschakelt naar OT/PPP. Dat maakt het wat gemakkelijker wanneer er iets niet werkt.

Prestaties & Geheugen -- In de rapporten zit weinig verschil, maar bij het testen van mijn Power Macintosh blijkt dat OT/PPP lichtjes sneller is dan FreePPP op mijn Supra 28.8 modem (meestal 50 tot 100 bps sneller gedurende volgehouden transfers). Dit mag dan weinig lijken, maar vergeet niet dat dit toch de snelheidsbepaler is van een modem. Gebruikers van ISDN-terminal adapters en andere hoge snelheids-PPP-connecties kunnen grotere verbeteringen verwachten. Vermits overigens OT/PPP Open Transport- "native" is, zullen de prestaties van toepassingen, specifiek voor Open Transport ontwikkeld, ook verbeteringen tonen.

OT/PPP-prestaties vragen natuurlijk ook hun "prijs": 500 à 600 K meer RAM, en iets meer dan 350 K voor het PPP-regelpaneel (als je het openlaat). Er rekening mee gehouden dat Open Transport zelf tussen 500 en 1500 K RAM nodig heeft, wordt dat al een hele som, vooral voor Power Macs die nu MacTCP gebruiken.

Overige functies -- In tegenstelling tot andere PPP-toepassingen is OT/PPP "scriptable" uit het doosje, zodat scripters PPP-connecties kunnen automatiseren met behulp van AppleScript, Frontier of andere. Hoewel OT/PPP's schrijfbaarheid mooi is (en de AppleScript-voorbeelden duidelijk zijn), is dit niet echt een dwingende reden om over te schakelen, vooral daar Mark Aldritt's Control PPP scripting-bijvoegsel toch heel wat script-control voorziet voor MacPPP- en FreePPP-gebruikers.

<ftp://ftp.scriptweb.com/pfterry/applescript/osaxen/MacPPPControl1.5 b2.sit.hqx>

Gelukkig is de flexibiliteit van Open Transport groot genoeg om OT/PPP met gerust gemoed te laten bestaan naast MacPPP, FreePPP en andere PPP-toepassingen. Als je Open Transport gebruikt, creëer dan andere configuraties in het TCP/IP-regelpaneel en gebruik dan het Configuraties-dialoog om tussen beide te schakelen.

Voor hen die veel reizen kan OT/PPP wel eens een stap terug zijn tegenover FreePPP. Hoewel de Modem, PPP en TCP/IP-regelpanelen alle configuraties bewaren, zijn deze veelvuldige instellingen toch moeilijk, vergeleken met FreePPP's locatie-instellingen. Sommigen verkiezen dan ook de interface van FreePPP. Ikzelf geraak echter van geen van beide gepassioneerd.

Heb je OT/PPP nodig? OT/PPP is zorgvuldig gebouwd (mede dankzij grondig intern en publiek testwerk), en naar de geluiden van dit moment kan OT/PPP stabieler zijn dan FreePPP of MacPPP. Indien je huidige PPP instelling problematisch is (en je hebt voldoende RAM), dan is OT/PPP de investering waard, speciaal als je al Open Transport 1.1.1 gebruikt. Ook als je een of meer van OT/PPP's features nodig hebt, zoals de sterke Open Transport compatibiliteit, snelheidsverbetering, configuraties, of scriptabiliteit, dan is OT/PPP waarschijnlijk iets voor je.

Toch blijft Apple nog enige tijd MacPPP ondersteunen, en de FreePPP Group gaat verder met het ontwikkelen en verfijnen van FreePPP. Blijf de Gouden Regel van PPP onthouden: zolang je tevreden bent over de PPP software die je hebt is er geen reden om deze te vervangen.


Rijk worden met Internet

door Dan Meriwether <drm@dis.org>

Hoeveel geld kan mijn bedrijf halen uit het Internet?

Deze vraag hoor ik vaak vanuit de zakenwereld. Het antwoord luidt meestal, "In het gunstigste geval speel je quitte". Wanneer mensen blijven aandringen vraag ik meestal "Hoeveel geld haalt een bank uit geldautomaten?"

Per geldautomaat betaalt een bank duizenden dollars voor installatie, verzekeringen, dagelijks onderhoud, huur, netwerkaansluiting, voorkoming van diefstal, en nog veel meer. Een bank haalt geen geld uit geldautomaten, maar legt erop toe om ze aan te kunnen bieden.

Volgende vraag: Zou je een bank kiezen zonder geldautomaat? Waarschijnlijk niet. geldautomaten zijn een gewaardeerde, vaak essentiële, dienst die we normaal zijn gaan vinden. Zo doe ik zaken met een krediet maatschappij waarvan het dichtstbijzijnde kantoor 500 km ver weg is. Ik heb in meer dan twee jaar geen balie gezien.

Ik suggereer niet dat de volgende modem die je koopt een geldla moet hebben. Ik zeg dat het Web diensten verleent die snel essentieel worden en op prijs worden gesteld. Net zoals het aantal geldautomaten in de jaren '80 explosief toenam verwacht ik dat Websites zullen opkomen in de nabije en verre toekomst.

Het Web zal een noodzakelijk middelpunt voor handel worden op drie terreinen:

1. Technische en verkoop-ondersteuning. Intelligente programma's die draaien op Internet servers (CGI's of andere programma's) kunnen gebruikersvragen opsplitsen in sleutelwoorden, kans-scores toekennen, en vragen groeperen in welbepaalde categorieën. Daarna kunnen de vragen groepsgewijs doorgestuurd worden naar wie ze het beste kan behandelen, of een programma kan bepaalde vragen afhandelen. Als allerminste kan een programma een geruststellende bevestiging sturen naar de gebruikers die de vragen stellen. Al deze functies vereenvoudigen - nog los van de besparingen op de tastbare en ontastbare kosten van het uren aan de lijn houden van bellers naar gratis nummers - dramatisch de kosten van het ondersteunen van producten en diensten. Ondersteuning is niet een traditioneel terrein van inkomsten, maar het Web kan de kosten wel verminderen (zij het niet wegnemen).

2. Nexus for product information and specifications. We hebben allemaal weleens wedstrijdregels of de details van een autohandel horen afraffelen aan het einde van een reclamespotje op radio of televisie. Zo'n samenvatting is juist genoeg om aan de wet te voldoen. Kijk vervolgens eens naar advertenties in tijdschriften voor medicijnen: lappen tekst in superkleine letters. De traditionele media hebben zo hun beperkingen in de hoeveelheid informatie die ze kunnen overbrengen. Op het Web, daarentegen, kunnen bedrijven tegen betrekkelijk lage kosten gedetailleerde beschrijvingen geven, zonder de minder geïnteresseerde gebruiker lastig te vallen met een overvloed aan informatie.

3. Aankoop en vernieuwing van producten. Het is zo duur geworden om software langs de gebruikelijke kanalen te verspreiden (zie TidBITS-352) dat evenzeer voor de internationale onderneming als voor de onafhankelijke ontwikkelaar het Web gedefinieerd kan worden als een plaats om veel geld te besparen. Software upgrades en updates kosten tienduizenden bij verspreiding met traditionele middelen (zoals het verzenden van floppy disks). De kosten van het opzetten en onderhouden van een Internet systeem dat duizenden gebruikers per dag kan bedienen zijn maar een fractie van de kosten van rondzendingen. Dit bevordert meer tijdige in incremental updates. Het nieuwste, "cool"ste materiaal komt naar buiten zodra het is ontwikkeld, en wordt niet opgehouden tot een aanzienlijke inhaalslag die de kosten van een zending rechtvaardigen.

[Er zit ook een keerzijde aan het gemakkelijke verspreiden van incremental software updates - zie "Waiting with Beta'd Breath" in TidBITS-328. -Geoff]

Je vraagt misschien: "Dit is allemaal leuk en aardig voor software bedrijven, maar hoe zit dat met mijn zaak?" Dit is maar een model hoe het Web geld kan besparen. Ik heb handelsinformatie-centra gebouwd op abonnementbasis, veilige tweewegs aansluitingen op gegevensbanken, internationaal verspreide boekingssystemen, bestelsystemen die de koper kunnen helpen alle vereiste delen te verkrijgen van een aankoop die bestaat uit meer delen, en meer. Alleen de fantasie legt grenzen op aan de gebruiksmogelijkheden.

En Webreclame Dan?Ad-tegels - kleine grafische panelen, meestal bovenaan een Web pagina die een surfer uitnodigen om een bepaalde site te bezoeken - hebben de naam een "click-through" (succesgraad) te kennen van twee procent. Van die bezoekers die doorklikken bekijkt misschien twee procent de site zodra ze doorhebben dat het om reclame gaat.

Ad-tegels zijn voor het grootste gedeelte een slecht idee. Ze zijn in het algemeen storend, ineffectief en misleidend. Ze raken op dit moment snel uit de gunst van diegene die Webreclame zoeken. Een andere manier van Web advertenties die misplaatst is is het gebruik van zg. meta-ads, die, voordat de gebruiker wordt toegestaan om de bedoelde plek te bereiken, bekeken moeten worden. Web surfers zijn nog niet zo afgestompt door dit soort taktieken als TV kijkers, en velen reageren op onplezierige wijze.

Een beetje achtergrond zet de nieuwheid van het Web misschien in perspectief. In de begindagen van de radio werd de beste reclame-methode ook onderzocht. In het geval van televisie bleek dit model niet de optimale oplossing. Ik denk dat de juiste wijze van Webreclame nog niet is gevonden.

De beste methode om grote aantallen mensen naar een site te lokken - en ik maak hier een slag in de lucht - is een inhoud van niveau. Dit vereist het kennen van je doelgroep, grondige analyse van je logfiles en kwaliteitsmensen die met de juiste gereedschappen werken.

Wie Is Er? -- Tot nu toe is de Web doelgroep onbekend voor de reclame-business. Web surfers zijn veel technischer dan TV-kijkers. Hun doel op het Web is het vergaren van informatie. Bevader ze nooit, en geef ze geen onjuiste informatie. Het belangrijkste is om, binnen je mogelijkheden, te begrijpen wat ze willen, en geef ze die informatie die ze vragen.

Wacht Niet Voor De Janssens -- Iedere commerciële Web site heeft een log van de gebruikers, van een soort waarvoor TV reclamemakers harde munt voor zouden betalen. Slechts weinig sites maken echter volledig gebruik van deze logs. Er is belangrijke informatie uit deze logs te halen, zoals waar mensen in geïnteresseerd zijn, wat ze lezen en wat niet, waar ze vandaan komen en (globaal) hoeveel tijd ze in de site besteden. Alhoewel deze informatie niet perfect is, is ze wel van onschatbare waarde voor het plannen van aanpassingen aan de site. De meeste technische mensen concentreren zich op data en analyse-gereedschappen die zich feitelijk onderscheiden, en letten niet op de demografische gegevens doordat ze meer waardevolle informatie negeren.

Webmastery -- Maar al te vaak is het budget voor een Web site een fractie van wat voor andere diensten uitgegeven wordt. Het Web is een opvallend medium, in staat om hoge kwaliteit - en reacties! - te genereren in directe relatie tot wat er in geïnvesteerd wordt. Veel mensen noemen zichzelf webmasters, slechts gebaseerd op een beetje kennis van de basis, een beetje zoals iemand die een artikel voor de schoolkrant heeft geschreven zichzelf een journalist noemt. Het verschil is dat de markt het begrip journalist goed kent. Webmastery is niet meer dan de term zegt: een vaardigheid om onder de knie te krijgen. Kwalificaties en verseisten hiervoor zijn bevoorbeeld gevoel voor ontwerp, programmeerkennis, communicatieve en managementvaardigheden en een behoorlijke kennis van vele technische gebieden. Wanneer een bedrijf al een goede webmaster heeft wordt deze maar al te vaak door angst, negatieve ervaringen uit het verleden of onbegrip opgezadeld met een bijna onwerkbaar budget.

OK: alles wat je hebt staat er, je hebt je site aangepast aan wat je logs je vertellen over de gebruiker, en, met wat de webmaster produceert overweeg je van baan te veranderen. Waarom heeft je Web site een zo slecht resultaat? Laten we eens kijken naar sommige problemen waardoor veel bedrijven die er vroeg bij waren gedesillusioneerd zijn geraakt over het Web:

Als een site een degelijke maar gelaagde informatie-structuur kent met adequate informatie (in kwantiteit, zo compleet mogelijk, en kwaliteit, met goedgeschreven, adequate en interessante informatie), zal de site wel degelijk bezocht worden.

Klanten verwachten van een bedrijf dat ze al een Web site hebben; en hun verwachtingen zullen alleen maar toenemen. Alhoewel je Web site misschien nooit een cent op zal brengen, zal het misschien wel je zaken ondersteunen. Zoals ATMs voor banken zijn, zal het voor een bedrijf vereist zijn om over een Web site te beschikken om de concurrentie aan te kunnen.

Het is ook verstandig om aan te nemen dat je concurrentie dit artikel ook leest.

[Dan Meriwether is de auteur van The Macintosh Web Browser Kit, gepubliceerd door John Wiley & Sons, en een consultant met klanten als Canon, Wells Fargo Bank, Tsutomu Shimomura en andere nationale en internationale organisaties. Dan is ook webmaster van BMUG.]


Niet-winstgevende en niet-commerciele publikaties en Websites mogen artikels overnemen of een HTML link maken als de bron duidelijk en volledig vermeld wordt. Anderen gelieve ons te kontakteren. We garanderen de precisie van de artikels niet. Caveat lector. Publikatie-, produkt- en firmanamen kunnen gedeponeerde merken zijn van hun ondernemingen.

Vorige aflevering | Overzicht van afleveringen | TidBITS Homepage | Volgende aflevering