Vorige aflevering | Search TidBITS | Volgende aflevering
TidBITS English | TidBITS Nederlands

TidBITS Logo

TidBITS#1230, 7 juli 2014

Apple heeft een beveilingsslotadapter voor de nieuwe Mac Pro uitgebracht, maar is $ 49 te veel voor wat tot de standaarduitrusting zou moeten behoren? De slotadapter van de Mac Pro is, in tegenstelling tot zo veel andere accessoires voor Apple-producten, waarschijnlijk geen rommel, en Josh Centers heeft er nog zes andere ontdekt die hun geld waard zijn. Nu iPhoto en Aperture de zonsondergang tegemoet rijden, werpt Jeff Carlson een blik op de toekomst voor fotografen. De MacBook Air lijkt te stagneren in vergelijking met zijn pc-rivalen. Is dit nog steeds een concurrerende machine? Julio Ojeda-Zapata laat de MacBook Air uitkomen tegen drie Windows-laptops om te zien of hij het haalt. Josh sluit deze aflevering af met ons laatste FunBITS-item: Blek, een prijswinnende puzzel-game gebaseerd op kalligrafie. Vermeldenswaardige software-releases deze week zijn onder meer LaunchBar 6.0.2, ScreenFlow 4.5.2 en Beveiligingsupdate 2014-003 (Mountain Lion en Lion).
 
Artikelen
 

De Nederlandse editie van TidBITS is een letterlijke vertaling van de oorspronkelijke Engelse versie. Daarom is het mogelijk dat een deel van de inhoud niet geldt in bepaalde landen buiten de VS.

Er is ook een iPhone-versie van TidBITS-NL op <http://nl.tidbits.com/TidBITS-nl-1230i.html>
En als je de volgende koppeling opneemt als bladwijzer in Safari op je iPhone, iPad of iPod touch, heb je altijd de nieuwste aflevering:
<http://nl.tidbits.com/TidBITS-nl-i.html>


Deze editie van TidBITS werd gedeeltelijk gesponsord door:
Help TidBITS te ondersteunen door onze sponsors te sponsoren!

Dit nummer werd uit het Engels vertaald door:

Verder werkten mee:

Hoe je ons kunt bereiken kun je lezen op:
<de contactpagina>


Apple introduceert Mac Pro-slot voor 49 dollar

  door Josh Centers: josh@tidbits.com, @jcenters
  1 reactie (Engelstalig)

[vertaling: LmR]

Als je de nieuwe in 2013 uitgekomen Mac Pro hebt gekocht, dan kan het je zijn opgevallen dat de kleine doch dure desktop machine geen veiligheidssleuf heeft om booswichten te beletten je apparaat van je bureau te halen.

Apple is nu met een oplossing gekomen: een vastklikbare adapter van 49 dollar voor Kensington-sloten, die compatibel is met de meeste computerbeveiligingsslotjes en die tevens voorkomt dat je Mac Pro geopend kan worden. Helaas krijg je voor die 49 dollar alleen de adapter en niet ook een slotje, dat nog eens vijf tot dertig dollar gaat kosten.

Image

Gezien het feit dat de goedkoopste Mac Pro al 2.999 dollar kost, is het toch verbazingwekkend dat Apple 49 dollar vraagt voor iets wat er standaard op zou moeten zitten. Aan de andere kant is 49 dollar ook weer niet zo veel voor de beveiliging van zo'n duur stuk hardware. (Breek je je nog steeds het hoofd over de prijs van een Mac Pro? Lees dan Julio Ojeda-Zapata's "Heeft een doorsnee-gebruiker een Mac Pro nodig?", 21 april 2014.)

Hopelijk komt Apple met eenzelfde soort oplossing voor de MacBook Air en de nieuwe MacBook Pro met Retina Display, die ook geen van beide een veiligheidssleuf hebben.

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


Zes nuttige Apple-accessoires

  door Josh Centers: josh@tidbits.com, @jcenters
  2 reacties (Engelstalig)

[vertaling: CC, IK]

Er zijn oneindig veel bergen accessoires voor je Apple-producten en wees eerlijk: het meeste is rotzooi. Als je al enige tijd in de Apple-wereld verkeert, heb je zeer waarschijnlijk een kast vol met iPhone-hoesjes, adapterkabels, toetsenborden, schermbeschermers en andere snuisterijen.

Nu ik langer dan een jaar een professionele technologie-auteur ben, heb ik meer dan genoeg van dat spul verzameld maar ik heb zes hebbedingetjes die mijn dagelijkse Apple-ervaring verbeteren.

Skiva USBLink Duo 2-in-1 kabel -- De Lightningpoort die te vinden is in de nieuwste iPhones, iPods en iPads van Apple is prachtig. Je kan er snel mee opladen en je kan hem in beide richtingen insteken. Maar zoals veel dingen bij Apple is hij geen standaard. De meeste apparatuur van andere firma's zoals Amazons Kindles, Android-mobieltjes en zelfs iPhone-accu's en iPad-toestenbordbehuizingen laden op met behulp van een micro-USB-plug.

Als je huishouden voornamelijk uit Apple-apparatuur bestaat, lijkt het niet zinvol om een USB-kabel voortdurend ingeplugd te hebben. Op dat moment is Skiva's geniale USBLink Duo 2-in-1 kabel erg handig. Op het eerste gezicht lijkt het een normale een meter lange Lightning kabel, maar als je het kapje verwijderd komt er een micro-USB-plug tevoorschijn. De USBLink Duo 2-in-1 wordt verkocht voor $ 15,99, maar de beschikbaarheid is beperkt.


MagCozy -- Over de eigen Apple-kabels gesproken, heb je een van die MagSafe-naar-MagSafe 2-converters om je oude Apple-netsnoer voor recentere MacBooks te gebruiken? Die adapter is klein, en je kunt hem gemakkelijk verliezen. Dan komt MagCozy van pas.

Met een vergelijkbaar ontwerp als de voorheen genoemde Skiva-kabel, verbindt de MagCozy de MagSafe 2-adapter met je MagSafe-kabel, of die nu een T- of L-vorm heeft. Je kunt de adapter op elk moment aan- en afsluiten, maar hij blijft veilig vastzitten aan je kabel en verstopt zich niet in de kussens van je bank. De MagCozy is verkrijgbaar in zeven kleuren (inclusief fluorescerend) en kost $ 9,99 per twee.


Lenmar Meridian -- Ik zou hem niet altijd willen gebruiken, maar een batterijbehuizing voor je iPhone is handig om te hebben voor het geval je op reis bent en in geval van nood.

Voordat ik Macworld/iWorld 2014 verliet, heb ik de Lenmar Meridian iPhone 5 Power Case meegenomen (adviesprijs $ 89, $ 65 bij Amazon), die was aanbevolen door de Wirecutter. Hij kost ongeveer de helft van de populaire Mophie Juice Pack Plus, en heeft een zwaardere batterij: 2.300 mAh versus de 2.100 mAh van de Juice Pack.

De weinige keren dat ik hem moest gebruiken heeft hij me goed geholpen, door me een batterij te geven die 24 uur lang werkt zonder hem volledig te moeten opladen en zonder al te opdringerig te zijn. Helaas past hij niet op de iPhone 5c.


iSlip Lite -- De eerste keer dat ik de iSlip Lite van Cooper Product zag, vroeg ik mezelf af: "Waar dient dit ding voor?" Het is een elastieken band met microvezels aan één kant. Het idee is dat je hem om de hoes van je iPad wikkelt en hem dan afneemt om je beeldscherm te poetsen.

Dat klonk nogal krakkemikkig, tot ik een betere manier uitkiende om hem te gebruiken. Schuif de iSlip Lite over het middelste paneel van de Smart Cover van je iPad, met het elastiek aan de buitenkant en vouw dan de Smart Cover in een driehoek. De platte kant van de driehoek is nu een poetsend oppervlak, dat je Smart Cover verandert in een grote vingerafdrukwisser voor je iPad. De iSlip Lite kost $ 5,99, en als het je aanspreekt: hij is te koop in een verscheidenheid aan kleuren en patronen.


Magnetisch ordensysteem -- Als je, net als ik, je MacBook op je bureau hebt staan, dan heb je er vast ook vaak last van dat er kabels achter het bureau vallen als je ze ontkoppelt.

Het magnetische ordensysteem (MOS) is een slim ding dat met een zuignap op je bureau plakt of dat je met de meegeleverde ronde plakker aan de muur kunt bevestigen. Binnenin zit een magneet die de uiteinden van usb- en DisplayPort-kabels vasthoud, waardoor ze niet op de grond vallen. Voor niet-magnetische kabels, zoals netwerkkabels, zitten er drie magnetische kabelbinders bij die je aan de kabels kunt vastmaken zodat ze toch blijven kleven.

De MOS kost $ 19,95 voor de plastic versies en $ 39,95 voor de aluminium versie. Een setje van drie extra kabelbinders kost $ 5,00.


Nimblstand -- Heb je er moeite mee om een geschikte plek voor je iPad en/of iPhone op je bureau te vinden? De Nimblstand is een innovatieve oplossing. Het is een plastic standaard die je aan je Apple Wireless Keyboard klikt, met een sleuf waarin je een iPad horizontaal of verticaal kunt neerzetten, of een iPad en een iPhone samen in verticale positie.


Een andere handige manier om de Nimblstand in te zetten, is hem te gebruiken als een soort ezel, om op je iPad te tekenen. Als je de Nimblstand zo draait dat het toetsenbord van je weg wijst, staat de iPad in een ideale hoek om op te tekenen. Voor dit doel heeft de Nimblstand ook een sleuf voor een stylus, en een gaatje om een stylus rechtop in te zetten.

Hoewel ik er weg van ben, heb ik toch twee reserveringen bij de Nimblstand. Ten eerste zou ik willen dat-ie van aluminium was in plaats van van plastic, omdat het goedkoop aanvoelt en vloekt bij de vormgeving van het toetsenbord. Ten tweede zitten er aan paar zelfklevende schuimblokjes bij die je in de sleuf kunt aanbrengen als je er een dunnere iPad Air in wilt zetten. Het voelt een beetje vreemd om kleine schuimblokjes in de standaard te moeten zetten.

De Nimblstand kost los $ 39,99, of $ 56,99, als je hem samen met een Bamboo Stylus van Wacom koopt.

Heb jij een favoriete Apple-accessoire die je dagelijks gebruikt? Vertel ons erover in de opmerkingen!

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


Apertures gouden uur

  door Jeff Carlson: jeffc@tidbits.com, @jeffcarlson
  11 reacties (Engelstalig)

[vertaling: HV, JO, RAW]

In de fotografie is het "gouden uur" een korte periode van net voor tot net na zonsondergang, als de zon laag aan de hemel staat en het oranje-rode licht een spectaculaire kwaliteit heeft. Het is een van de beste momenten van de dag om foto's te maken, maar het moment is altijd voorbij voor je het weet, waarna het snel duister wordt.

Apples professionele fotobeheerprogramma Aperture kende een enigszins verlengd gouden uur. Hoewel Adobe Photoshop Lightroom tijden geleden de markt al overnam en sindsdien gedomineerd heeft, bleef Aperture overeind, in een soort van ontwikkelaars-niemandsland. Het werkte naar tevredenheid van hen die het gebruikten (al was het wat traag, vond ik), maar er zat geen ontwikkeling meer in. Nu echter is het einde nabij: vorige week kondigde Apple aan dat de ontwikkeling van Aperture binnenkort gestopt wordt.

Het programma wordt, samen met iPhoto, vervangen door de spoedig te verschijnen app Photos voor OS X, waar Apple op de Worldwide Developer Conference (WWDC) in juni al een glimp van heeft getoond. Photos lijkt op de huidige versie van de Photos-app op iOS, en wordt begin 2015 verwacht.

Mocht je al eerder gespeeld hebben met de gedachte aan een overstap naar Lightroom, dan is nu het moment om die overstap serieus te overwegen. Er is echter nog geen onmiddellijke haast. Apple heeft aangekondigd dat Aperture in ieder geval gereed gemaakt zal worden voor OS X Yosemite, waarmee zijn leven zeker nog een jaar verzekerd is.

Zoals zo vaak bij Apple is informatie over het afscheid van Aperture schaars. Het bedrijf heeft het nieuws laten lekken door een korte verklaring te droppen bij enkele beroepsfotografen en nieuwsdiensten (ik las het het eerst op The Loop):

"Met de introductie van de nieuwe Photos-app en de iCloud-fotobibliotheek, waarmee je al je foto's veilig in iCloud kunt opslaan en je ze overal kunt openen, komt er een einde aan de ontwikkeling van Aperture. Op het moment dat Photos voor OS X volgend jaar beschikbaar is, zullen gebruikers hun Aperture-bibliotheken kunnen migreren naar Photos for OS X".

Aperture ondersteunt op dit moment de mogelijkheid om met iCloud-fotostreams te werken, maar dat is er duidelijk als een knutselwerkje aan toegevoegd. Ik vermoed dat vrijwel alle fotografen die Aperture gebruiken, zowel beroeps als amateurs, het links laten liggen of alleen sporadisch gebruiken. De iCloud-fotobibliotheek, die op de WWDC werd aangekondigd, slaat al je foto's op op servers van Apple, en is beschikbaar vanuit de Photos-apps op iOS en OS X (zie "Apple stelt iOS 8 en OS X Yosemite voor op WWDC", 2 juni 2014).

En dus lopen we op dit moment in het licht van de ondergaande zon tussen het onkruid. In de voor Apple zo typerende wijze kijkt het bedrijf al weer vooruit naar de volgende oplossing, en niet, althans zo lijkt het, naar het heden. Fotografie is kennelijk een bijzonder geval.

Het foto-dataprobleem -- Meestal gaan we ervan uit dat foto's niet anders zijn dan andere gegevens: losse bestanden in formaten die door verschillende programma's gelezen kunnen worden, verspreid bewaard op één of meer harde schijven. Zo beschouwd is een foto niet veel anders dan een Microsoft Word-bestand. Je kunt zelfs een foto of document in de Finder selecteren en op de spatiebalk klikken om een grote Quick Look-voorvertoning te zien. Maar foto's hebben twee eigenschappen die ze uniek maken.

Allereerst bevatten foto's veel extra informatie, metagegevens, waarin andere aspecten van de foto zijn opgeslagen dan het simpele plaatje dat je ziet. Een applicatie als Aperture houdt zaken bij als sleutelwoorden en opnamelocatie, die niet in het bestand zelf kunnen worden opgeslagen. (JPEG-bestanden, het formaat waarin veruit de meeste foto's worden opgeslagen, slaan die gegevens in het bestand zelf op, maar veel fotografen kiezen ervoor om foto's in een RAW-formaat op te nemen; RAW-bestanden zijn vergelijkbaar met negatieven: de metagegevens worden ofwel door de foto-applicatie apart beheerd, ofwel opgeslagen in een zogenaamd "sidecar"-bestand, dat bij het oorspronkelijke bestand wordt bewaard.)

Aperture (en iPhoto) bevat daarnaast veel gereedschappen om foto's te bewerken. Fotografen willen uiteraard nooit hun originele opnames bewerken, dus een applicatie moet ook bijhouden welke bewerkingen er op een foto zijn losgelaten, zodat je te allen tijde terug kunt naar de onbewerkte foto.

En dat brengt ons meteen bij het tweede kenmerk van foto's: we beschouwen ze veelal als verzamelingen van bij elkaar horende beelden, niet afzonderlijk. We importeren tientallen of honderden foto's tegelijk vanaf onze camera's of iPhones en beschouwen ze in samenhang voordat we er enkele uitkiezen om mee verder te werken.

Met de nieuwe Photos-app vernieuwt Apple dus niet alleen een applicatie, maar alle beeldbibliotheken van iedereen. Het is niet heel waarschijnlijk dat je straks vanaf nul zult beginnen met een lege fotobibliotheek als het programma eenmaal beschikbaar is. Je neemt al je foto's mee (of in ieder geval de meeste ervan) die je in iPhoto, Aperture, of een ander programma hebt opgeslagen.

Laten we eens kijken hoe dit zich verhoudt tot andere vernieuwingen van apps in Apples recente verleden.

Toen ze Keynote opnieuw ontwierpen en versie 6.0 uitkwam, werden een aantal functies uit Keynote '09 niet meer ondersteund. Dat was weliswaar behoorlijk vervelend, maar meestal open je oude presentaties niet meer. Je maakt vaak een nieuwe presentatie op basis van de laatstgebruikte versie, of je converteert een paar bestanden, en dan zoek je een slimme oplossing voor de beperkingen die je tegenkomt. Op een gegeven moment zet je er een denkbeeldige streep onder, en hoef je eigenlijk niets meer met de oude bestanden.

Apple staat erom bekend dat ze oude software flink bijknippen om ruimte voor het nieuwe te maken. iMovie kreeg bijvoorbeeld met iMovie '08 een totaal nieuwe benadering, maar het duurde een aantal revisies lang, voordat gebruikers weer konden werken met alle functies die het programma eerder had. En veel gebruikers van Final Cut Pro werken nog steeds met de oude versie van het videobewerkingsprogramma, drie jaar nadat Final Cut Pro X het licht zag. Wie wel de sprong waagde naar de nieuwe versie zorgde ervoor, als hij slim was, dat hij oude projecten in de oude versie afmaakte. In Final Cut Pro X begon je dan fris, met alleen maar nieuwe projecten.

Met foto's ligt de zaak een beetje anders: je kan oude foto's niet gewoon links laten liggen en verder gaan met alleen maar nieuwe plaatjes. Tenzij je bereid bent om helemaal met een schone lei te beginnen, en het risico voor lief neemt dat je geen toegang meer hebt tot je oude fotobibliotheek. Het hoort juist bij het werken met een fotoverzameling, dat je er wanneer je wilt in kan duiken, op zoek naar die oude foto's. Het loslaten van Aperture, een programma met een lange geschiedenis, waarin gebruikers vaak duizenden tot tienduizenden foto's bewaren, is een lastige taak.

(In mijn boek "Take Control of Your Digital Photos" ga ik veel dieper in op het beheren van foto's. Het gaat vooral over Lightroom, maar je vindt er ook informatie over het werken met Aperture en iPhoto.)

Wacht, ik vergeet bijna om een derde karakteristiek te noemen van het werken met een fotoverzameling: foto's zijn ook nog eens heel persoonlijk materiaal, gestolde herinneringen aan onze liefste momenten. Mensen kunnen erg emotioneel reageren als ze foto's kwijtraken tijdens een conversie naar een nieuw programma, of bij de overstap naar een nieuwe versie. Of zelfs als er zomaar duplicaten van foto's opduiken na deze veranderingen. (Back-ups! Back-ups! Back-ups, mijn vrienden!)

Aan welke eisen moet de app Photos voldoen? -- Gelukkig weet Apple alles wat ik hierboven geschreven heb. Ik herhaal nog eens wat het bedrijf hierover naar buiten bracht: "...gebruikers kunnen hun Aperture-bibliotheek migreren naar Photos voor OS X".

Aperture en iPhoto maken gebruik van dezelfde bestandsindeling voor hun database. Je kunt op dit moment een iPhoto-bibliotheek openen in Aperture, en vice versa, en daarbij verlies je niets van de metadata of toegepaste bewerkingen. iPhoto negeert gewoon alle informatie die het programma niet herkent. Ik ben ervan overtuigd dat deze stap (twee jaar geleden) naar een compatibele indeling van de bibliotheek gezet werd met het oog op de overstap naar Photos voor OS X.

Maar welke functies zal Photos met zich meebrengen? Vanaf het begin zijn er een boel verwachtingen waar het programma aan zal moeten voldoen:

Misschien heeft Apple de afgelopen tijd werkelijk erg veel tijd gestopt in het ontwikkelen van een nieuw en ingenieus programma, helemaal los van Aperture en iPhoto. Maar de kans is groter, dat Photos voor OS X op een van de bovenstaande manieren de mist in zal gaan. (Natuurlijk blijf ik hopen dat ik het fout heb.) Maar Apple heeft een patroon, waarbij het bedrijf een programma helemaal opnieuw uitvindt, en vervolgens uitbrengt met niet meer dan de belangrijkste functionaliteit (in feite een uitgeklede versie). Dit zorgt dat ik niet heel hoopvol gestemd ben. Functionaliteit die nu in programma's aanwezig is, zal waarschijnlijk pas na verscheidene updates van het nieuwe programma terugkomen, waarbij programmeerfouten langzamerhand bijgewerkt worden.

iPhoto-gebruikers zullen hierbij nog niet zoveel problemen ervaren. Maar wie met Aperture werkt zal mogelijk uitwijken naar een ander programma, en afwachten of wat Apple biedt op termijn weer aantrekkelijk wordt.

Foto-assistenten -- Maar misschien stuurt Apple Photos wel in een andere, modulaire richting? Volgens een rapportage van Ars Technica heeft Apple gezegd dat het extensies van derden zal toelaten, vermoedelijk vergelijkbaar met de mogelijkheid die in iOS 8 komt. Wil je betere zwart-witconversies dan wat Photos te bieden heeft? Laad een Nik Silver Efex Pro-module.

Of (en nu zit ik 100% te speculeren) misschien wil Apple van de RAW-beeldtrein springen en Adobe de boel laten overnemen door klanten de kans te geven om beelden te bewerken met Adobe Camera Raw. Dat zou Apples neiging om de foto-ervaring geheel onder eigen paraplu te laten vallen tegenspreken, maar wellicht is het bedrijf tevreden met een focus op basisfunctionaliteit.

Ochtendlicht -- Fotografen staan vroeg op om hun voordeel te doen met het licht bij zonsopgang, net als bij zonsondergang. Vaak weet je, rijdend of wandelend in het donker naar een mooie plek, niet of het licht en de hemel bij het ochtendgloren spectaculair zullen zijn of verpest door wolken. Dus stel je je camera op, adem je de ochtendlucht in en hoop je er het beste van. Photos voor OS X ziet eruit als een nieuwe dag voor Apple en fotografen.

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


Hoe verhoudt de MacBook Air zich tot de nieuwste Ultrabooks en de Surface?

  door Julio Ojeda-Zapata: julio@ojezap.com
  2 reacties (Engelstalig)

[vertaling: HR, OF, TK, JWB, LmR, RAW]

Het upgrade-rondje van afgelopen april van de eerbiedwaardige MacBook Air-familie was nu niet bepaald spectaculair. De verwerkingssnelheid ging een beetje omhoog, de prijzen gingen een beetje omlaag en verder bleven de machines nagenoeg identiek aan hun voorgangers.


Degenen die hadden gehoopt op spectaculairdere verbeteringen, zoals de toevoeging van een Retina-beeldscherm of een nieuwe maatvoering (wellicht het gefluisterde 12 inch-formaat), werden teleurgesteld. Met deze opfrissing achter de rug, ziet het er niet naar uit dat Apple snel weer een update-ronde van de MacBook Air zal doen.

Intussen vinden er in de wereld van Windows grote veranderingen plaats op het gebied van mobiele computers. En terwijl wij niet verwachten (of aanraden) om voor de hardware alleen over te stappen naar Windows, is het verstandig om een oogje te houden op wat er aan de andere kant van de schutting gebeurt.

Microsoft biedt nu een compleet nieuw ontworpen derdegeneratie-Surface pc aan, de Surface Pro 3, en positioneert deze als een directe concurrent van de MacBook Air, hoewel de machine kenmerken heeft die hem ook laten concurreren met de iPad.


Ultrabooks, de dunne en lichte laptops die een paar jaar geleden werden bedacht om te concurreren met de MacBook Air, worden steeds beter. Bepaalde modellen zijn goed genoeg om zelfs de aandacht te trekken van verstokte Apple-fans.

En dus zouden Macgebruikers zich kunnen afvragen hoe de ultralichte laptops van Apple er nu hardwarematig voorstaan, gezien de snelle evolutie in de wereld van Windows. Staat de MacBook Air nog steeds aan te top, of is hij tenminste voldoende concurrerend? Of is het wellicht tijd om een heel klein beetje beschaamd te zijn?

Ik was dit de afgelopen weken aan het overdenken terwijl ik een aantal leencomputers aan het uitproberen was, waaronder 11,6- en 13,3-inch modellen van de MacBook Air en een Surface Pro 3 samen met duurdere Windows-notebooks zoals Acers Aspire S7 en Lenovo's ThinkPad X1 Carbon Touch. Iedere machine is op zijn eigen wijze geweldig.


Vergelijkingen tussen Macs en pc's zijn lastig in de zin van appels en peren, omdat functies aan de ene kant soms geen directe tegenhanger hebben aan de andere kant. De wereld van Windows-notebooks is groot en zeer gevarieerd vergeleken met het kleinere, consistentere Mac-ecosysteem.

Pc-fabrikanten lokken de Apple-getrouwen met allerlei kenmerken die vaak niet op de Mac worden aangetroffen. Vooral Microsoft is zeer gemotiveerd om Applegebruikers over te halen met bonussen voor degenen die hun Macs inruilen bij de winkels van de gigant uit Redmond. Microsoft beweert dat het tijd is om over te stappen van het oude en vermoeide naar het nieuwe en sprankelende.

Trouwe Macgebruikers zullen hier misschien om grinniken, maar is de MacBook Air dan tenminste niet een beetje in gevaar? Laten we eens kijken naar cruciale functies en hoe de Apple-producten zich verhouden tot de concurrentie.

Retina-schermen -- Wellicht de grootste klacht over de MacBook Air-lijn is het overduidelijk ontbreken van een Retina-beeldscherm zoals dat op de MacBook Pro-notebooks en alle andere Apple-apparaten met een scherm, exclusief de iMac. Dat is een groot probleem, niet?

Laat mij uitleggen waarom ik door het testen van mobiele Windows-hardware toch een beetje onrustig werd. De beeldschermen van mijn leencomputers zijn fantastisch. Alle modellen die ik heb geprobeerd hebben resoluties van 2.160 bij 1.440 pixels, met beeldschermmaten variërend van 12 inch op een Surface Pro 3 tot 13,3 inch op een Aspire S7 en 14 inch op een ThinkPad X1 Carbon Touch. Die 3.110.400 pixels gelden niet echt als "Retina" zoals gedefinieerd door Apple (de MacBook Pro-modellen hebben een hogere resolutie) maar het is nog steeds heel aardig.

De 13,3-inch MacBook Air, voor degenen die dat bijhouden, heeft 1.440 bij 900 pixels (1.296.000 pixels), terwijl de 11,6-incher 1.366 bij 768 pixels is (1.049.088 pixels). Dat is ongeveer 40 procent van de pixels op de Windows Ultrabooks en dat klinkt niet erg indrukwekkend. Zulke specificaties kunnen in bepaalde omstandigheden een serieus probleem zijn. Wanneer ik bijvoorbeeld kleine aanpassingen maak in een uitvergrote digitale foto in Apples verdwijnende app Aperture (lees "Zeg maar dag tegen iPhoto en Aperture", 27 juni 2014), dan word ik mij pijnlijk bewust van de grovere pixeldichtheid.

Maar zulke specifieke toepassingen zijn voor mij en de gemiddelde gebruiker betrekkelijk zeldzaam. Professionele fotografen kopen professionele hardware: de MacBook Pro, met een resolutie van 2.560 bij 1.600 (4.096.000 pixels) op het 13 inch-model en 2.880 bij 1.800 (5.184.000 pixels) op het 15 inch-model. De gemiddelde Applegebruiker is lang niet zo pixelbewust en zal niet zo'n probleem hebben met de relatief grove pixels. Dat geldt in het algemeen ook voor mij.

Mijn conclusie: toen ik een Windows-machine aan de kant zette en weer achter de MacBook Air ging zitten, mijzelf 15 minuten de tijd gunnend om weer even te wennen, was ik weer helemaal gelukkig. Natuurlijk zal ik een Retina-MacBook Air prachtig vinden, als die ooit eens uitkomt, maar ik zal de meeste Mac-gebruikers niet van de aankoop van een Macbook Air af willen houden alleen vanwege de kwaliteit van het beeldscherm.

Of de MacBook Air ooit Retina zal krijgen is overigens wel onderdeel van enige discussie. Sommige mensen denken dat het een Pro-kenmerk is dat niet snel naar de meer als doorsnee bedoelde Air-modellen zal doorstromen. Bovendien kan het wel eens onpraktisch blijken, omdat het wellicht de accu te zwaar belast.

Schootbaarheid -- Laptops oftewel schootcomputers [lap = schoot - nvdv] hebben een voor de hand liggende naam gekregen: ze zijn bedoeld om onder bepaalde omstandigheden op schoot gebruikt te worden. Ik moest laatst een bijeenkomst van de St. Paul City Council verslaan (ja ja, er was een technisch onderwerp aan de orde) en het voelde heel natuurlijk om mijn MacBook Air tevoorschijn te halen, hem open te klappen en in de kerkbank op mijn schoot te zetten, en te beginnen met tikken.

Dit lijkt niet een situatie die direct smeekt om verbetering of die een erg storende manier van werken is, maar zeg dat niet tegen Microsoft. De met veel tamtam geïntroduceerde Surface-pc's hebben een heel andere benadering van schootbaarheid ("lapability", een naam die Microsoft heeft bedacht - niet ik) die, zo benadrukken ze, helemaal geweldig is.

De Surface-pc's hebben een uitklapbare steun in de achterkant zitten en hebben een dun toetsenbordje dat ook als bescherming dienstdoet en dat met een magneet bevestigd wordt. Een Surface-pc op je schoot gebruiken, betekent dat je de pc op schoot moet balanceren met het pootje uitgeklapt en dan het toetsenbord moet aankoppelen om een volledig op de schoot gedrapeerde werkplek te krijgen.

Als dit een beetje onhandig lijkt: dat is het ook. De meeste toetsenbord-covers zijn een beetje buigzaam (de versie met een dikke extra accu ingebouwd is de uitzondering) en dat leidt niet tot een echt stabiele situatie. En de evenwichtsoefening met de Surface en steun levert lang niet de stabiliteit van de onderkant van een laptop die stevig op schoot staat.

Microsoft heeft dit allemaal onderkend, en verklaart dat het dit punt in het nieuwste model, de Surface Pro 3, heeft opgelost. De steun van dit model is veel beter verstelbaar en heeft een veel stroevere aansluiting, zodat de computer tot 150 graden omhoog kan worden gedraaid en stevig in die stand blijft staan. Het toetsenbord heeft een veel sterkere verbinding met de tablet gekregen, en de nieuwe trackpad is 68 procent groter dan de oude, en 78 procent minder stroef.


Microsoft heeft zelfs een nieuwe video met als titel (je had het kunnen raden) "Surface Pro - Lapability".

Schootbaarheids-probleem helemaal opgelost, nietwaar? Wel, bijna. Het is zeker beter, maar het voelt niet aan als iets dat je gewoon kunt instellen en dan vergeten. Ik heb een hekel aan de Surface Pro 3 wanneer ik een korte broek draag, omdat de dunne rand van de metalen staander als een mes in mijn blote benen snijdt. Bovendien heeft het toetsenbord nog altijd dat doorbuigprobleem. In vergelijking met een MacBook Air is de trackpad is nog altijd klein, en niet zo elegant en gemakkelijk te gebruiken. In de verste verte niet.

Ik houd het bij de Air, al werd de Microsoft-hybride in deze categorie ook verslagen door de machines van Acer en Lenovo. Soms kan een traditie gewoon niet verbeterd worden.

Vormgeving -- Volgens sommige volgers van Apple oogt het industriële ontwerp van de MacBook Air een beetje gedateerd. Iedereen heeft recht op een mening, maar voor mij zijn ze gek.

Concurrerende Windows-notebooks zien er inderdaad vaak mooi uit. De witachtige buitenkant van de Aspire S7 is een nieuwe mix van aluminium en Gorilla Glass 2 die er fantastisch uitziet, maar een echte vlekkenmagneet is. De X1 Carbon Touch biedt een klassieke zwarte soft-touch buitenkant van Lenovo met wigvorm en afgeronde randen, zoals de MacBook Air, maar afstekend tegen de vlakke Aspire S7.

Microsoft maakt een stijl-statement met de Surface Pro 3, die dunner en lichter is dan zijn voorganger, en die volgens de producent ook de dunste mobiele Intel Core-computer ter wereld is. Het lichtgrijze metaal verleent hem een waardig uiterlijk, en hij voelt goed aan in de hand (ofschoon hij als tablet te groot is om met één hand in bed te lezen).

Dit is fantastisch, maar beter of meer up-to-date dan het klassieke geborstelde aluminium van Apple? Niet echt.


Apple staat natuurlijk ook wel bekend om de manier waarop hun producten die op het einde van hun levenscyclus zitten er gedateerd gaan uitzien zodra de vervangingen worden onthuld, en ik ben ervan overtuigd dat ik deze woorden uiteindelijk zal moeten inslikken.

Aanraakscherm -- Ik heb een vervelende gewoonte ontwikkeld wanneer ik werk met een MacBook Air: ik blijf maar mijn hand uitsteken om op het scherm iets aan te raken of te vegen. Dit valt deels te verklaren door het feit dat ik, als laptop-recensent, Windows-notebooks met een aanraakscherm test. Maar zelfs alleen-Apple-mensen hebben dit probleem omdat zij hun aanraakinteractie met een iPad of iPhone meebrengen naar hun Mac-laptop, vaak met grappige resultaten.

Dit brengt ons bij de vraag: lopen MacBook Air-laptops (en, bij uitbreiding, de MacBook Pro-modellen) op de een of andere manier achter op hun Windows-tegenhangers omdat zij niet zijn uitgerust zijn met een aanraakscherm? Is het tijd voor Apple om met aanraakschermen te werken?

Ik moet toegeven dat ik houd van de aanraakfuncties van Windows-laptops. Enerzijds omdat Windows 8.1, de huidige versie van dit nog steeds dominante computerbesturingssysteem, in grote mate ontworpen is voor dat type van interactie. Een deel van het Windows OS bestaat uit grote, heldere tegels die om verschillende redenen moeten worden aangeraakt, zoals voor het starten van schermvullende apps die ook aanraakcentrisch zijn. Hiervoor zijn aanraakvriendelijke hardware en software de ideale combinatie (lees Microsoft Surface: de geschiedenis van twee computers).

De laptops van Acer en Lenovo kunnen 180 graden worden gedraaid zodat ze plat op een werkoppervlak liggen voor schermdelen en gebruik met gedeelde aanrakingen, iets wat de MacBook Air niet kan.


De Surface Pro 3 heeft een slimme pen met een knop die de app OneNote van Microsoft met een klik activeert, en waarmee je precies kunt schetsen, tekenen, en ander pen-specifiek werk kunt uitvoeren waarvoor Mac-gebruikers een externe grafische tablet nodig hebben (of wat ze afzonderlijk moeten doen op de iPad).


Mac OS X, zelfs de recentste variant met duidelijke sporen van het aanraakcentrische iOS van Apple, is een heel ander beestje. Het is niet vingertopvriendelijk, maar bedoeld voor gebruik met een trackpad of een muis. Dit is geen gebrek, maar een principe dat het sinds de jaren tachtig goed heeft gedaan voor Apple, en dat recenter werd verfijnd met een trackpad die zijn gelijke niet kent in de mobiele-computerbranche.

In feite gebruik ik het aanraakscherm van een Windows-laptop vaak niet omdat ik er zo gek op ben, maar omdat ik niet goed overweg kan met hun gebrekkige trackpads. De ingebouwde trackpads van de Aspire S7 en ThinkPad X1 Carbon Touch zijn goed, maar niet Apple-fantastisch. En als Apple-gebruiker mis ik op de MacBook Air maar zelden een aanraakscherm. Het maakt geen deel uit van het plaatje, en voor mij is dat prima.

Specificaties -- Een uitgebreid specificatieoverzicht die alle op Windows gebaseerde Air-rivalen op de markt omvat is hopeloos, gezien hoe groot en gevarieerd die markt is geworden. Sommige laptop-modellen zijn beter dan een MacBook Air. Andere zijn inferieur. Sommige zijn voordeliger. Sommige zijn veel duurder. Het feit dat Ultrabooks in veel gevallen in hoge mate configureerbaar zijn maakt dit in nog sterkere mate hopeloos gecompliceerd.

Dus zal ik mij, ietwat meer anekdotisch, beperken tot de Windows-pc's die ik bezit, aangezien die tot de bekendste en meest gerespecteerde alternatieven voor Apple-notebooks in het Windows-rijk behoren. Dit is een beperkte maar redelijke vergelijking.

In plaats van een stortvloed aan specificaties op je los te laten waar je tureluurs van zou worden, verwijs ik je naar relevante pagina's voor de Surface Pro 3, de Aspire S7, de X1 Carbon-serie en MacBook Air.

Om de rivaliserende computers op een gelijk speelveld te plaatsen stelde ik de volgende vraag: Wat zou ik voor circa $ 999 kunnen krijgen? I startte voor die prijs met een 13,3-inch Air op instapniveau en ging toen vergelijken.

Nadat ik zo lang naar die specificatie-pagina's had getuurd dat ik er een beetje scheel van werd, kwam ik met een paar observatie's:

  1. De computers zijn bijna identiek in sleutel-categorieën, waaronder opslag (128 gigabyte SSD), geheugen (4 gigabyte), processor (Intel Core i5, al draait deze op een aantal verschillende snelheden) en grafische capaciteit (ze gebruiken allemaal ruwweg vergelijkbare versies van Intels geïntegreerde HD Graphics).

  2. Een 13,3-inch beeldscherm is optimaal. De X1 Carbon voelt een beetje groot aan met zijn 14 inches terwijl de Surface Pro 3 een beetje benauwd is met 12 inches.

  3. Het ontbreken van Retina op de Air is niet zo'n groot probleem als ik gedacht had, omdat zowel de Acer-modellen als die van Lenovo lagere resoluties hebben (respectievelijk 1.920 bij 1.080 pixels en 1.600 bij 900 pixels), dus blijf ik binnen mijn budget.

  4. Hetzelfde geldt voor touch, in ieder geval bij Lenovo. Op mijn low-budgetmodel ontbreekt deze functionaliteit, terwijl hij met $ 1.186,55 nog steeds boven het budget komt. Aan de andere kant bleef ik met de Aspire S7 ruim onder het budget, met een model á $ 899 (ik kon hier geen model voor $ 999 kiezen), dat geen touch heeft.

  5. Een Surface Pro 3 met een prijs en specificaties gelijkwaardig aan zijn rivalen is exclusief toetsenbord-hoes, die nog eens $ 130 kost. Als je dat niet wilt ophoesten moet je je tevreden stellen met een ander USB- of Bluetooth-toetsenbord dat je niet aan de computer kunt bevestigen, of genoegen nemen met een Surface-model dat slechts een Intel Core i3-processor en een 64-gigabyte SSD heeft (en die configuratie is pas verkrijgbaar vanaf augustus).

  6. De MacBook Air is verrassend genoeg de zwaarste van het stel met 2,96 pond [1,34 kg], maar het scheelt heel weinig. De X1 Carbon en de Aspire A7 zijn ieder iets zwaarder dan 2,8 pond [1,27 kg]. De Surface Pro 3 is 1,76 pond [800 g] wat indrukwekkend is voor een complete Intel Core-computer.

Dit zegt me het volgende: de MacBook Air is, ondanks een paar nadelen (iets meer gewicht, lagere schermresolutie en geen touch-mogelijkheden), een duidelijke concurrent vergeleken met de rivalen. Geen van de nadelen lijken mij de aanschaf in de weg te staan.

Software -- Dit artikel gaat met name over hardware, maar het is onmogelijk om niet ook naar de software te kijken en in deze categorie is de Mac zeer indrukwekkend. Windows-kopers zullen er een flinke kluif aan hebben om een laptop te vinden die met zulke volledige software wordt geleverd als Apples strakke iWork-apps en iMovie, iPhoto en GarageBand, die bij elkaar de Mac-klant standaard het meeste bieden. (iPhoto maakt het niet heel lang meer, zoals je misschien gehoord hebt, maar Apple heeft al een vervanger klaarstaan. Lees "Apple stelt iOS 8 en OS X Yosemite voor op WWDC", 2 juni 2014.)

Ik zal het je sterker vertellen: een voortdurende bron van ergernis bij Windows-pc's die ik regelmatig test, is het onvermogen om programma's te vinden die vergelijkbaar zijn met wat er op mijn Mac draait. Dit zijn bijvoorbeeld Instacast for Mac, een geweldig podcast-programma; Pocket for Mac, de rijk uitgevoerde Mac-versie van het programma om de populaire bladwijzerdienst te kunnen gebruiken; Mailplane, een hybride semi-webapp voor het gebruiken van Gmail en Google Calendar; Reeder, de onlangs vernieuwde RSS reader en vele andere.

Ja, natuurlijk hebben deze geweldige Mac-apps op mijn computer wel een soort van equivalenten op Windows. Maar nee, ik vind niet dat zij ook maar een beetje te vergelijken zijn. Ja, je kan in sommige gevallen met mij van mening verschillen en ik geef toe dat dit enigszins subjectief is. Echter, ik denk dat ik in de kern toch gelijk heb: Mac-gebruikers hebben fenomenale software. Het is één van de redenen waarom ik zo loyaal blijf aan de Mac: ik ervaar software-armoede op een pc.

Conclusies -- Als de conclusie van al deze analyses nog niet duidelijk voor je is, zal ik hem voor je uitspellen: MacBook Air-gebruikers hoeven zich nergens voor te schamen.

Mijn favoriete Air-alternatief hier is de Surface Pro 3, grotendeels vanwege zijn betere draagbaarheid, scherm met hogere resolutie en de optie om het toetsenbord af te koppelen voor puur tabletgebruik, en ik ben dol op die oneindig verstelbare standaard.


Maar als ik zou moeten kiezen tussen de Surface Pro 3 en een MacBook Air, zou ik ongetwijfeld gemakkelijk voor de laatste gaan.

Sommige Mac-gebruikers zullen misschien willen wachten op een Retina-scherm, maar diegenen die nodig moeten upgraden kunnen met opgeheven hoofd een Air kopen. Een aanraakscherm is logisch op een pc, maar niet op een Mac, dus wie zou dat iets kunnen schelen? Airs behoren tot de slankste, sexyste en schootbaarste (de laatste keer dat ik dat woord gebruik, echt waar). En bij elke specificatie-vergelijking komt de Air aardig uit de bus, zij het niet altijd perfect, vergeleken met de topniveau Windows-laptops van ruwweg dezelfde prijs.

Ga heen en winkel met trots, Apple-fans.

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


FunBITS: Blek is een bochtige uitdaging voor iPhone en iPad

  door Josh Centers: josh@tidbits.com, @jcenters
  1 reactie (Engelstalig)

[vertaling: RAW]

Hoewel Onafhankelijksdag hier in de Verenigde Staten al voorbij is, is er, tenminste in mijn buurt, buiten nog een maand lang een spervuur van explosies. Misschien heb jij, net als ik, een leuke, rustige manier van ontspannen nodig. Als dat zo is, dan moet je de Apple Design Award-winnaar Blek eens proberen, een spel van ontwikkelaar Denis Mikan gebaseerd op kalligrafie. Blek kost € 2,79 [Nu tijdelijk in de aanbieding voor € 0,89 - nvdv] in de App Store (28 MB).

Een spel gebaseerd op kalligrafie? Zo werkt het: je moet gekleurde bellen laten barsten door lijnen te tekenen. Dat klinkt misschien saai, maar wat Blek briljant maakt is hoe de lijnen als een inktslang vertrekken nadat je ze getrokken hebt. Trek een rechte lijn en hij gaat rechtdoor. Teken een boog en hij huppelt weg over de onderkant van het scherm, maar als je een kromme lijn tekent die in de tegenovergestelde richting eindigt, zal hij op en neer over het scherm gaan als een golf. Om een beter idee te krijgen van hoe het werkt, kun je de officiële trailer bekijken.


Uitvinden hoe het in zijn werk gaat wordt essentieel wanneer er zwarte stippen bij komen, die als zwarte gaten fungeren die je lijn in de vergetelheid zuigen. De truc is dan om een lijn te tekenen die om de zwarte stippen heen gaat en de gekleurde stippen raakt. Elk niveau kan een frustrerende oefening in proberen en falen worden, maar gelukkig, als je plan niet werkt, teken je gewoon een nieuwe lijn om opnieuw te beginnen.


Nog een truc van het spel is dat je lijn van de zijkanten van het scherm af stuitert, maar verdwijnt aan de boven- en onderkant. Dit is op veel levels een belangrijk spelonderdeel, waar je de lijn een dusdanige hoek moet geven dat hij rond de zwarte gaten gaat, de gekleurde stippen raakt en daarna tegen de kant stuitert en omhoog gaat in de juiste hoek om nog een reeks gekleurde stippen te raken, en dat zonder over de boven- of onderrand van het scherm te gaan. Het is een spel waarbij je grondig na moet denken om te slagen.


Dat is eigenlijk alles aan Blek. Het is een simpele, bijna Zen-achtige ervaring, maar met meer dan 60 levels zul je er lang door uitgedaagd worden. The New Yorker nam Blek op in hun lijst van elegantste iPhone-spellen van 2013 en Mike Fahey van Kotaku noemde Blek "het briljantste spel dat ik dit jaar gespeeld heb". Blek is het beste van mobiel gamen in zijn zuiverste vorm, een soort aanraakspel dat te simpel is om haalbaar te zijn op een traditionele game-console, maar toch een voldoening schenkende ervaring.

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


TidBITS Volglijst: belangrijke software-updates, 7 juli 2014

  van de TidBITS-redactie: editors@tidbits.com

[vertaling: LmR, GvH]

LaunchBar 6.0.2 -- Objective Development heeft LaunchBar 6.0.2 uitgegeven met geweldige nieuwe functies, verbeteringen en reparaties. Dit gereedschap om vanaf het toetsenbord programma's te starten en om met sneltoetsen te werken, voegt ondersteuning toe voor het indexeren van de Safari-geschiedenis in het binnenkort verschijnende OS X Yosemite. Je kunt nu optie-escape gebruiken om sub-zoeken te beëindigen zonder de onderdelenlijst te sluiten en het gereedschap bevat nu ook omzetacties om te coderen in en te decoderen uit Base64. Daarnaast ondersteunt het ook het gebruik van rebeccapurple met de actie Voer kleur in, ter nagedachtenis aan Rebecca Meyer, dochter van auteur Eric Meyer. De update laat nu ook bij het invoeren of bewerken van tekst verschillende suggesties zien om combinaties van hoofd- en kleine letters te converteren, heeft betere titels bij de conversie tussen alleen hoofd- en alleen kleine letters, sorteert de map ~/Downloads automatisch op datum van toevoegen, zorgt ervoor dat de standaard indexering van het Bureaublad geen submappen indexeert en repareert het in willekeurige volgorde afspelen van albums. ($ 29 nieuw met 20 procent korting voor TidBITS-leden, gratis update, 10 MB, toelichting, 10.9+)

Reacties - LaunchBar 6.0.2

ScreenFlow 4.5.2 -- Telestream heeft versie 4.5.2 van ScreenFlow uitgebracht, waarin onder andere met een een bug wordt afgerekend die erin geslopen is sinds de vorige onderhouds-update (zie "ScreenFlow 4.5.1", 28 mei 2014). Hierdoor werden bestandsnamen bij het exporteren niet meer automatisch gevormd vanuit de naam van het document. In deze app voor het opnemen van screencasts is nu het probleem opgelost dat het programma soms bleef hangen als een document werd geopend met een hoge zoomfactor, werkt het programma nu beter als een document geopend wordt met uitvergrote tijdbalken en met veel clips van geluidsfragmenten, en wordt ten slotte een geheugenlek gedicht dat kon optreden als de snelheid van een geluidsclip gewijzigd werd. Voor een gedetailleerd overzicht van alle nieuwe opties lees je de toelichting (in PDF-formaat) op de ondersteuningspagina van Telestream. Let op dat, op het moment van dit schrijven, in de Mac AppStore de versie nog 4.5 is ($ 99 nieuw vanuit de website van Telestream of $ 99,99 uit de Mac AppStore, 39,1 MB, 10.7+)

Reacties - ScreenFlow 4.5.2

Beveiligingsupdate 2014-003 (Mountain Lion en Lion) -- Apple heeft Beveiligingsupdate 2014-002 voor 10.8 Mountain Lion, 10.7 Lion en 10.7 Lion Server uitgebracht, met veel van dezelfde beveiligingsoplossingen die in de kortgeleden uitgebrachte versie 10.9.4 Mavericks waren toegepast (zie "OS X 10.9.4 bevat oplossingen voor wifi en beter ontwaken", 30 juni 2014). In de drie versies wordt het certificate trust-beleid bijgewerkt, wordt de kwetsbaarheid opgelost voor kwaadaardig in elkaar gezette zip-bestanden, voor cURL's die NTLM-verbindingen opnieuw gebruiken en voor hoe het Dock omgaat met berichten die vanuit programma's komen. De beveiligingsupdate voor Mountain Lion repareert ook de kwetsbaarheid die te maken heeft met een probleempje met het kernel-geheugen in verband met grafische drivers, een probleem met een bevestigingsstap bij het reageren op aanroepen vanuit de OpenCL-API, en het indexeren van arrays met de IOAcceleratorFamily. (Zie de volledige lijst van gerepareerde kwetsbaarheidsproblemen.) (Alle updates zijn gratis. Voor 10.8 Mountain Lion, 139,3 MB; voor 10.7 Lion, 134 MB; voor 10.7 Lion Server, 184,3 MB.)

Reacties - Beveiligingsupdate 2014-003 (Mountain Lion en Lion)


ExtraBITS, 7 juli 2014

  van de TidBITS-redactie: editors@tidbits.com

[vertaling: JVK]

De nieuwe ExtraBits neemt een kijkje op Apples verdere ontwikkeling van CarPlay, een herhaling van de terug naar school-reclamecampagne, en de verlenging van de termijn om AppleCare+ tot kopen tot 60 dagen. Ook werpen we een blik op 1Password in iOS 8.

1Password kan in iOS 8 verbazend zijn -- Anthony Nelzin van de Franse website 1Gen.fr heeft twee korte video's geplaatst die tonen wat de wachtwoordenbeheertool 1Password in iOS 8 zal kunnen. Eén van de video's laat zien hoe Extensions te gebruiken zijn om met 1Password in te loggen op websites in Safari, en hoe je met Touch ID de wachtwoordenkluis kan ontgrendelen. De andere video belicht de mogelijkheid om met Touch ID de app zelf te ontgrendelen. Uiteraard verkeren deze functies nog in de testfase, en kunnen zij verschillen van wat men ziet in de video's als 1Password officieel een iOS 8-update uitbrengt.

Reacties

Negen andere automerken doen mee meet CarPlay -- Apple heeft negen nieuwe automerken aangeschreven voor CarPlay, het integratiesysteem voor in de auto: Abarth, Alfa Romeo, Audi, Chrysler, Fiat, Jeep, Mazda en Ram. Apple heeft nu in totaal 29 CarPlay-partners, alhoewel slechts vier van de partners van plan zijn om dit jaar compatibele voertuigen op de markt te brengen.

Reacties

Apple is van plan de terug naar school-advertentiecampagne te herhalen -- Het is weer de tijd van het jaar! Als je een student bent, staat ingeschreven bij een hogeschool of universiteit, een ouder van een student bent of werkt voor een school, dan kom je in aanmerking voor een Apple Store-cadeaubon ter waarde van $ 100 als je een Mac koopt, of een cadeaubon van $ 50 als je een iPad of iPhone aanschaft. In aanmerking komende klanten hebben ook recht op Apples speciale onderwijskortingen, en kunnen die combineren met deze aanbieding.

Reacties

De termijn om AppleCare+ te kopen is verlengd tot 60 dagen -- Apple verlengt de aankooptermijn van AppleCare+, het uitgebreide garantieprogramma voor iPhones en iPads, in alle regio's behalve Japan van 30 naar 60 dagen. Ook heeft Apple het lager geprijsde AppleCare Protection-contract voor iPhones en iPads stopgezet. (Kopers van Macs, maak je geen zorgen, voor jullie blijft het beschikbaar.) Het contract kost $ 99 voor een dekking van twee jaar, en naast de kenmerkende uitbreiding van de garantie krijg je dekking voor twee maal schade door een ongeluk, tegen bijbetaling van $ 79. Houd er wel rekening mee dat als je AppleCare+ niet tegelijkertijd als het apparaat koopt, je persoonlijk bij een Apple Genius langs moet gaan om de dienst te kopen.

Reacties


Dit is TidBITS, een gratis wekelijkse technologie-nieuwsbrief met recent nieuws, bekwame analyse en grondige besprekingen voor de Apple internet-gemeenschap. Geef het gerust door aan je vrienden; beter nog, vraag of ze een abonnement willen nemen!
Niet-winstgevende en niet-commerciële publicaties en websites mogen artikelen overnemen of een link maken als de bron duidelijk en volledig vermeld wordt. Anderen gelieve ons te contacteren. We kunnen de precisie van de artikelen niet garanderen. Caveat lector. Publicatie-, product- en firmanamen kunnen gedeponeerde merken zijn van hun ondernemingen.
Copyright 2014 TidBITS; reuse governed by this Creative Commons License.

Vorige aflevering | Search TidBITS | Volgende aflevering
TidBITS English | TidBITS Nederlands