Vorige aflevering | Search TidBITS | TidBITS Homepage | Volgende aflevering

TidBITS#504/01-Nov-99

De nieuwe netwerkmogelijkheden van Mac OS 9 mogen dan imponeren, misschien ben je meer geïnteresseerd om de gedetailleerde mening van Geoff Duncan te horen over de bloederige details van het systeem. Verder maken we een begin met een artikel in twee delen van Jerry Kindall over het coderen van MP3-bestanden; volgende week zal hij vijf Macintosh MP3 coderingsprogramma's met elkaar vergelijken. In het nieuwsgedeelte gaan we in op de beursgang van Aladdin Systems, op verbeteringen aan het AppleCare programma en de uitgaven van DiskWarrior 1.1 en MasterJuggler Pro 2.0.3 en 2.1.

Onderwerpen:

Copyright 1999 TidBITS Electronic Publishing. All rights reserved.
Information: <info@tidbits.com> Comments: <editors@tidbits.com>


Je kunt je gratis abonneren op de Nederlandse afleveringen van TidBITS door een (blanco) mailtje te sturen naar: tidbits-nl-on@tidbits.com. Je krijgt deze dan per e-mail toegestuurd.
Om je abonnement op te zeggen, kun je een mailtje sturen naar: tidbits-nl-off@tidbits.com.


Deze editie van TidBITS werd gedeeltelijk gesponsord door:


De Nederlandse editie van TidBITS is een letterlijke vertaling van de oorspronkelijke Engelse versie. Daarom is het mogelijk dat een deel van de inhoud niet geldt in bepaalde landen buiten de USA.

Dit nummer werd uit het Engels vertaald door:

Verder werkten mee:


MailBITS/01-Nov-99

Vertaling: [DPF], [JG] & [JS].

MasterJuggler Pro Spoort Meer Lettertypen Op -- Alsoft heeft twee nieuwe versies uitgegeven van haar lettertype-beheerprogramma MasterJuggler Pro om het compatibel te maken met Mac OS 9 en de hoeveelheid lettertypen die het tegelijk kan laden te vergroten. MasterJuggler Pro 2.0.3, 426K als download, is gratis en biedt alleen Mac OS 9 compatibiliteit. MasterJuggler Pro 2.1 maakt gebruik van de mogelijkheid van Mac OS 9 om meer dan 348 bestanden tegelijk open te hebben waardoor het nu tot 1200 suitcases tegelijk aankan. De upgrade naar 2.1 kost 18 dollar (eigenlijk 13 dollar met 5 dollar administratiekosten) voor gebruikers van MasterJuggler Pro 2.0 en later. De update is echter alleen verkrijgbaar op floppy disk, wat nogal twijfelachtig is gezien het feit dat de huidige Macintosh computers geleverd worden zonder floppy drives. [JLC]

<http://www.alsoft.com/MasterJuggler/>
<http://www.alsoft.com/download.html>

DiskWarrior Update Voegt Ondersteuning voor Mac OS 9 Toe -- Het schijfreparatie-programma van Alsoft is geüpdatet naar versie 1.1, waarbij men geprofiteerd heeft van de bestandsverbeteringen die geïntroduceerd zijn in Mac OS 9 (zie "Bestrijdt Corruptie met Alsoft's DiskWarrior" in TidBITS-486). DiskWarrior 1.1 repareert nu overlappende bestanden die groter zijn dan 2 GB, en bovendien schijven met mappen die meer dan 32.000 items bevatten (eerder was het mogelijk deze te repareren, maar niet te verifiëren). AppleScript scripts werken nu ook beter met DiskWarrior wanneer je een niet-Engels systeem hebt. De gratis DiskWarrior 1.1 Update is een download van 588K. [JLC]

<http://www.alsoft.com/DiskWarrior/>
<http://db.tidbits.com/getbits.acgi?tbart=05443>

Apple Herziet AppleCare -- Apple Computer heeft z'n AppleCare Protection Plan (voormalig bekend als AppleCare Extended Service) aanmerkelijk herzien sinds we er over schreven in "Moeten we allemaal AppleCare?" in TidBITS-478. In het algemeen heeft Apple AppleCare veel meer samenhangend gemaakt, met de prijs aan de vier hoofdproduct-families verbonden, inclusief bepaalde apparaten samengekocht met Macintosh systemen, en sluit het MicroMat's TechTool Deluxe voor het testen van je systeem bij (TechTool Deluxe is vermoedelijk hetzelfde als MicroMat's TechTool Pro). AppleCare is nu in totaal 3 jaar geldig (maar kan daarna niet vernieuwd worden) , daarbij de standaard 1 jaar hardware garantie verlengend met 2 jaar en de 90 dagen telefoon-ondersteuning verlengend tot 3 jaar. Vanwege de lengte van de nieuwe AppleCare gedragslijn, is de prijs iets hoger dan voordien, voor een iMac $150, een iBook $230, een PowerBook $300, een Power Macintosh of Macintosh Server (met scherm) $250, en een Apple scherm apart gekocht $100. Apple beweert dat het opwaardering aan zal bieden aan huidige AppleCare Extended Service klanten, maar details waren nog niet bekend. AppleCare is verkrijgbaar via Apple of Apple gemachtigde verkopers en is alleen geldig in de V.S. en Canada. [ACE]

<http://www.info.apple.com/support/applecare_products/protectionplan/features.shtml>
<http://db.tidbits.com/getbits.acgi?tbart=05370>
<http://www.micromat.com/>

Aladdin Systems Gaat Naar De Beurs -- In een uitzonderlijke gebeurtenis in the Macintosh-industrie is Aladdin Systems, de fabrikant van de StuffIt familie van compressie-producten en talrijke andere Mac utility's, naar de Beurs gegaan via een "omgekeerde fusie," wat inhoudt dat een privé maatschappij samensmelt met een stille vennootmaatschappij die al op de Beurs is zodat de aandelen verhandeld kunnen worden op algemene Beurzen. Omgekeerde fusies zijn over het algemeen makkelijker, minder kostbaar, en hebben tot resultaat een mindere verdunning van aandelen dan nieuwe Beursnoteringen (eerste openbaar aanbod). Aladdin Holdings, Inc., de oudermaatschappij waar van Aladdin Systems, Inc. nu een dochtermaatschappij-in-geheel-bezit, is genoteerd met het ticker symbool ALHI en wordt op het ogenblik verhandeld voor ongeveer $5 per aandeel. Op de Beurs gaan zou Aladdin's waarde moeten verhogen, hen meer toegang tot kapitaal geven, en maakt het mogelijk aandelen te gebruiken om andere producten of maatschappijen aan te schaffen - een strategie die Aladdin de afgelopen tijd gebruikt heeft om hun producten-opstelling te vermeerderen. [ACE]

<http://web.wt.net/~bellco/shell2.htm>
<http://www.aladdinsys.com/company/news/releases/aladdin/102599-aladdinholdings.html>

Enquête Resultaat: Mac OS 9 Upgrade Plannen -- De enquête vorige week met de vraag naar de plannen voor het overschakelen op Mac OS 9 liet zien dat het enquête bezoekende deel van de TidBITS lezers voorzichtiger is dan we verwacht hadden. De resultaten waren verdeeld over diegenen die onmiddellijk de upgrade wilden doen (26 procent) en tussen 1 en 2 maanden na nu (27 procent), met verder weg dan 3 maanden als populairste optie met 37 procent. Slechts 10 procent van de lezers was niet van plan de upgrade te doen. Eerlijk gezegd had ik verwacht dat meer mensen eerder zouden overstappen - het is mogelijk dat mensen Mac OS 9's nieuwe functies niet interessant genoeg vinden om over te stappen voordat de vroege vogels de verborgen problemen boven water hebben of voordat compatibele versies van populaire hulpprogramma's zoals RAM Doubler en StuffIt Deluxe beschikbaar zijn. [ACE]

Enquête Voorbeschouwing: QuickTime & Sherlock Uiterlijk -- Apple is trots op zijn nieuwe "stijlvolle" uiterlijk voor de QuickTime Player in QuickTime 4.0 en het uiterlijk van Sherlock 2. Echter, deze nieuwe vormgeving is in strijd met Apple's eigen gebruikers interface-richtlijnen (probeer maar eens venster te maximaliseren en let daarbij op het gebrek aan knoppen daarvoor in beide applicaties) en is controversieel bij Macintosh gebruikers. QuickTime Player zou een uitzondering geweest kunnen zijn, maar het gelijksoortige uiterlijk van Sherlock 2 geeft aan dat Apple deze ontwerp-trend doorzet. En waar Apple de toon zet, zullen anderen volgen. De vraag is dus: denk je dat Apple en andere ontwikkelaars hun gebruikers insterface meer moeten laten lijken op QuickTime Player en Sherlock 2? Geef je mening op onze home pagina! [ACE]

<http://www.tidbits.com/>


MP3's Maken, Deel 1

door Jerry Kindall <kindall@manual.com>. Vertaling: [JS] & [MK].

Hoewel MP3 een geweldige manier lijkt te worden om jezelf aan nieuwe muziek bloot te stellen - zoals de nieuwe single "Icicle" van de in Michigan lokale band Troll for Trout, of de titel track van "Dr. Evil Trance Remix", de nieuwe plaat van Alan Parsons, is het zelf maken de helft van alle lol. Gelukkig zijn er niet minder dan vijf aparte Macintosh programma's beschikbaar om zelf MP3's mee te maken. Met één uitzondering kunnen ze allemaal MP3-bestanden encoderen direct vanaf de audio CD - en ze doen het sneller dan de speeltijd met een redelijk snelle CD-ROM speler en processor.

<http://www.mp3.com/artists/16/michigan_rocks_99.html>
<http://www.amazon.com/exec/obidos/subst/music/download/alan-parsons/ap-main.html>

MP3-bestanden maken van CD's die je al in je bezit hebt en ze op je eigen apparatuur afspelen is perfect legaal. MP3-bestanden maken van muziek die je zelf gemaakt hebt en ze dan weggeven is ook legaal. Maar het uploaden en downloaden van "bootleg" MP3's (nummers van commerciële platen zonder de toestemming van de artiest of platenmaatschappij) is illegaal. Denk eraan, het is je eigen verantwoordeijkheid om het gebruik van MP3 spelers en encoderingsprogramma's aan de zuivere kant van de wet te houden.

We hebben onze koptelefoon opgezet en een AIFF-bestand van vier minuten audio samengesteld met daarin verschillende stijlen muziek, en volgende week zullen we je vertellen hoe snel onze vijf deelnemers het encoderen naar MP3 deden en hoe deze bestanden klonken. Maar eerst, een reis in de psychologie van het geluid.

Het belang van encoders -- Als je met een snelheid van 128 kilobit per seconde (Kbps) een MP3-bestand maakt van een audio CD, beslaat het gecodeerde bestand nog maar minder dan 10 procent van de grootte van het origineel, wat in wezen betekent dat de encoder meer dan 90 procent van de informatie in het oorspronkelijke bestand heeft weggegooid. Het is al tientallen jaren bekend dat onze gehoorzin niet alleen in onze oren is gelokaliseerd, maar ook, en voor een belangrijk deel, ertussen. Door gebruik te maken van onze kennis van de manier waarop mensen geluid waarnemen (de wetenschap van de psycho-akoestiek), is het mogelijk te bepalen wat de belangrijkste gedeelten zijn uit een bepaalde hoeveelheid geluidsinformatie en die vervolgens in hifi-kwaliteit op te slaan, en voor de minder belangrijke gedeelten een lagere kwaliteit te kiezen of deze zelfs helemaal over te slaan. Dit vormt het basisprincipe achter MP3 en andere 'lossy' geluidscompressieschema's (d.w.z. compressie waarbij informatie verloren gaat), zoals de QDesign Music Codec die ingebouwd is in QuickTime.

Interessant aan de MPEG-standaard (waarvan MP3 maar een klein deel is) is dat in de specificatie niets wordt gezegd over de manier van coderen - er wordt alleen vastgelegd welk bestandsformaat moet worden gebruikt, opdat elke MP3-decoder ermee overweg zal kunnen. Dit betekent dat het ontwikkelaars vrij staat hun eigen codeer-routines te ontwerpen, en zolang de daaruit voortvloeiende geluidsbestanden het juiste formaat hebben, kunnen ze worden gedecodeerd door elke willekeurige MP3-speler. De gedachte hierachter is, dat de ontwikkelaars van MP3-encoders door competitie zullen worden gedreven tot steeds betere psycho-akoestische simulaties. Betere encoders betekenen beter klinkende MP3-bestanden - en het echte goede nieuws is dat je geen nieuwe afspeelsoftware nodig hebt om wat aan die verbeteringen te hebben, alleen een nieuwe versie van het geluidsbestand.

Dus, anders dan je zou verwachten, kan de software waarmee het MP3-bestand is gecodeerd even veel of zelfs meer invloed hebben op het uiteindelijke resultaat dan de software die je gebruikt om naar het betreffende stukje muziek te luisteren. Hoewel sommige MP3-afspeelprogramma's voorzien zijn van ingebouwde equalizers en andere mogelijkheden om je in staat te stellen het geluid naar je eigen smaak af te regelen, klinken alle (softwarematige) MP3-spelers wel ongeveer hetzelfde als die trukendozen zijn uitgeschakeld.

Tot onze voldoening produceerden alle encoders die we hebben getest bij bitrates van 128 Kbps en hoger MP3's waar goed naar viel te luisteren, ongeacht de muziekstijl. Bitrate is gewoon een deftig woord voor de hoeveelheid bits die nodig zijn voor het coderen van een muziekfragment dat een seconde duurt. Hoe meer bits je daarvoor gebruikt, des te minder geluidsinformatie je hoeft weg te gooien, en hoe beter dus het uiteindelijke MP3-bestand klinkt, bij overigens gelijke omstandigheden. Als de bitrate van een MP3- of QuickTime-bestand lager is dan de bitrate van je modem (meestal 56 Kbps of minder), en als de planeten precies goed staan ten opzichte van elkaar, dan is het zelfs mogelijk om een bestand af te spelen op hetzelfde moment dat het binnenkomt. De meeste stereo MP3's die je op het Internet aan zult treffen zijn gecodeerd bij 128 Kbps of hoger, wat betekent dat je over ISDN of een kabelmodem of zoiets zult moeten beschikken om de fragmenten in real-time te kunnen beluisteren.

Bij vergelijkende tests met het blote oor zou het je grote moeite kosten om het verschil te horen tussen de MP3's die met de door ons aan de tand gevoelde audioversnipperaars waren gemaakt. Zodra je een hoofdtelefoon zou opzetten, zou je wat kleine verschillen kunnen waarnemen, hoewel we niets wereldschokkends konden vaststellen tot we overgingen tot het uitvoeren van een marteltest waarbij we stereofragmenten codeerden bij bitrates van 64 Kbps en minder. Op dit moment kwam een aantal onnauwkeurigheden in het coderen aan het licht (gewoonlijk worden deze aangeduid als "artefacten") toen de encoders begonnen te worstelen met de vraag welke gedeelten van het geluidssignaal het minst belangrijk waren en dus konden worden weggegooid. Toen werd duidelijk welke programma's gebruik maakten van de beste psycho-akoestische modellen. Stem volgende week weer af op deze zender om te zien hoe het de verschillende encoders (AudioCatalyst, SoundJam MP, N2MP3, MVP, en de gratis MP3 Encoder) in onze test verging.

[Jerry Kindall stond aan de wieg van Manual Labor, een bedrijf dat zich bezig houdt met technisch schrijven en Web design en dat zich vooral richt op de Macintosh. Tot zijn muziekverzameling behoorden, bij de laatste telling, meer dan 900 CD's.]

<http://www.manual.com/>


Mac OS 9 aan het Net

door Geoff Duncan <geoff@tidbits.com>. Vertaling: [GH], [Id<], [msh], [hvh] & [lmr].

Hiervoor hebben we gekeken naar een paar installatie en compatibiliteits-aspecten van Mac OS 9 en ook naar een paar belangrijke nieuwe mogelijkheden: Sherlock 2, Samengebruik en Stem Herkenning, plus de <<Keychain>> en Apple Bestandsbeveiliging. Dit artikel behandelt een paar van de Mac OS 9 netwerk- en samengebruikmogelijkheden.

<http://db.tidbits.com/getbits.acgi?tbart=05624>
<http://db.tidbits.com/getbits.acgi?tbart=05625>

Internet Bestand Samengebruik -- Een belangrijke power-user mogelijkheid is het gelijktijdig gebruik van Persoonlijk Bestandssamengebruik en Program Linking via het Internet. Persoonlijk Bestandssamengebruik, debuterend in Systeem 7 in 1991, en ondanks de beperking tot 10 gebruikers, heeft bewezen één van de meest geliefde en meest gebruikte Mac OS mogelijkheden te zijn.

Nu heb je dezelfde mogelijkheden over het Internet, met dank aan een speciale alleen-achtergrond versie van Open Door Networks' ShareWay IP die Apple ingebouwd heeft in Mac OS 9, met alleen de toevoeging van een enkele activerings-checkbox in het Samengebruik regelpaneel. Je configureert gebruikers, groepen en privileges zoals je normaal zou doen voor Samengebruik - maar nu kunnen gebruikers een connectie maken naar jouw Macintosh door jouw Mac's IP-adres in te vullen in de Kiezer (door een DNS naam of een IP nummer te gebruiken), of misschien door je Macintosh met de Internet Browser op te zoeken. TCP/IP Samengebruik zal niet zo nuttig zijn voor mensen met een inbelverbinding (met een dynamisch, wisselend IP-adres) maar het is wel handig voor toegang tot machines met een vast IP-adres als je onderweg bent of al het andere dat zich niet in je lokale AppleTalk netwerk bevindt. Let er op dat AppleTalk actief moet zijn in het AppleTalk regelpaneel voor TCP/IP Samengebruik om te werken - de mogelijkheid biedt makkelijke toegang tot de AppleTalk services die je al had ingesteld

<http://db.tidbits.com/getbits.acgi?tbart=04961>

Program Linking - ook bekend als de Program-to-Program Communications (PPC) Toolbox - was een andere mogelijkheid die al in Systeem 7 verscheen, maar nooit de wijdverspreide populariteit gekregen heeft van Samengebruik. Program Linking maakt het mogelijk dat programma's op verschillende machines met elkaar communiceren over een netwerk, dit alles gecontroleerd door de gebruikers- en groepsprivileges ingesteld in het Samengebruik regelpaneel. Omdat programma's niet standaard met andere programma's communiceren benutten maar weinig gebruikers alle mogelijkheden, en vaak was het gebruik van scripting nodig. Ik zal wel de enige in het universum zijn die Program Linking regelmatig gebruikt om zowel de status van de servers te monitoren op het netwerk als het uitvoeren van dagelijkse standaard taken - feitelijk zouden TidBITS publicaties onze Website en de e-maildistributie niet eens halen zonder Program Linking. Voor veel gebruikers biedt de toepassing van Program Linking via het Internet de mogelijkheid met AppleScript scripts programma's aan te sturen op andere computers via het Internet.

Door TCP/IP Samengebruik en TCP/IP Program Linking zal voor veel gebruikers veiligheid ter sprake komen. Samengebruik over internet staat default uit (en gasttoegang is niet beschikbaar voor Program Linking over TCP/IP), maar een keer ze geactiveerd wordt is de beveiliging van je Mac beperkt tot de kwaliteit van je gebruikersnaam en van je wachtwoorden - en of je gasttoegang hebt toegestaan natuurlijk. Theoretisch heeft iedereen op internet toegang tot je Mac, in plaats van de (in verhouding) paar zielen op je lokaal AppleTalk netwerk. Hoewel je zeker je Mac kan beschermen met goede, moeilijk te raden gebruikersnamen en wachtwoorden en het uitzetten van gasttoegang, biedt Open Door Networks -dezelfde lui die deze mogelijkheden ontwikkeld hebben - utility's aan met verbeterde beveiliging en controle-mogelijkheden. ShareWay IP 3.0 voegt inlog-mogelijkheden toe en de mogelijkheid om IP-verbindingen per persoon aan of uit te zetten. Je kan ook het poortnummer voor TCP/IP Samengebruik veranderen naar iets anders dan de standaardpoort 548. Eigenaars van Mac OS 9 kunnen kortingen krijgen. Open Door biedt ook versies aan van Doorstop, een stand-alone firewall die zeer selectieve toegang biedt tot internet-diensten op een Macintosh vanaf Mac OS 8.1.

<http://www2.opendoor.com/shareway/MacOS9upgrade.html>

AppleScript 1.4 -- Program Linking over TCP/IP schept nieuwe mogelijkheden voor het maken van internet-scripts. Meestal zijn AppleScript scripts beperkt tot je lokale computer, voor handelingen die je zelf in gang zet of als Mapacties die dingen automatisch voor je doen. Alleen ambitieuze scripters gebruikten de PPC Toolbox om scripts te draaien over AppleTalk, maar dat loonde dan wel de moeite: je kon een database op een webserver openen of sluiten, gegevens heen en terug sturen van afgelegen programma's , bestanden tussen mappen heen en weer schuiven op een afgelegen Macintosh, programma's op een andere computer starten of sluiten... Kortom, ongeveer alles wat je met een script op je eigen Mac kon doen, kon je doen op afstand als je bereid was te prutsen met obscure zinsbouw en script-truukjes.

AppleScript 1.4 voegt twee dingen toe aan dit scenario - naast het klaarstomen van AppleScript voor de nakende wereld van Carbon en Mac OS X. Ten eerste laat AppleScript 1.4 het gebruik toe van "eppc"-URL's in tell statements, zodat scripts in verbinding kunnen gaan met computers op afstand die Mac OS 9 hebben draaien met TCP/IP Program Linking aan:

 tell application "Finder" of machine "eppc://pointless.quibble.com/"
   beep
 end tell

Ten tweede heeft AppleScript een nieuw "using terms from"-blok om de beruchte "double-tell"-truuk te omzeilen, waarmee scripts voor programma's op afgelegen machines werden geschreven. Je kan nu terminologie van ee lokaal programma gebruiken om een script te schrijven dat op een afgelegen systeem wordt uitgevoerd:

 using terms from application "FileMaker Pro"
   tell application "FileMaker Pro" of machine "eppc://pointless.quibble.com/"
     open database "Contacts" with password "LaVidaPoca"
   end tell
 end using terms from

Jammer genoeg biedt Apple geen documentatie van deze mogelijkheden, noch online, noch in de handleidingen die geleverd worden met Mac OS 9. Hopelijk gaat Apple snel zijn AppleScript website aanpassen om deze features te bespreken, en ook de toegevoegde script-verbeteringen in Mac OS 9. Ondertussen kan je het AppleScript SourceBook van Bill Cheeseman gebruiken om informatie over AppleScript 1.4 op te zoeken.

<http://www.apple.com/applescript/>
<http://www.applescriptsourcebook.com/applescript/applescript140.html>

Network Services Location --Al wordt vaak door netwerkbeheerders kwaad gesproken over AppleTalk (vooral door hen, die geen Macs gebruiken), het oeroude netwerk protocol van Apple bood steeds een goed gebruikersgemak, eenvoudige administratie voor kleine groepen en eigenschappen die nog steeds niet worden gevonden in veel moderne netwerkomgevingen, zoals de mogelijkheid tot het dynamisch "zien" van netwerkbronnen, zoals die verschijnen en verdwijnen in en op een netwerk. Niettemin staat AppleTalk voor twee fundamentele problemen: AppleTalk berust niet op Internet technologieën en netwerk administrateurs veronderstellen (meestal ten onrechte) dat AppleTalk diensten een hoop bandbreedte verorberen bij het "rondsnateren" om andere AppleTalk diensten te lokaliseren.

Dus begon Apple te werken aan Network Services Location (NSL), een protocol onafhankelijke manier om programma's op de hoogte te brengen van diensten die aanwezig zijn op een lokaal intranet. Het sleutelwoord hier is "intranet", niet "Internet" - al kunnen deze diensten op het Internet werkzaam zijn. Immers, niet aan enig protocol onderworpen, zijn ze niet bedoeld het gehele Internet te omvatten. De gedachte is om enkele van de beste eigenschappen van AppleTalk - makkeljke ontsluiting en eenvoud in het gebruik - naar andere protokollen en netwerkdiensten over te brengen.

Apple introduceerde stilletjes ondersteuning voor NSL in Mac OS 8.5 en 8.6, al waren er geen zichtbare manifestaties. Apple verstevigde NSL in Mac OS 9, maar gebruikers kunnen het nog steeds verwarrend en moeilijk vinden in het gebruik, totdat applicaties en servers op slimme wijze voordeel halen met wat er mee mogelijk is

In Mac OS 9 heeft NSL voor vier diensten plug-ins - DNS, LDAP, Service Location Protocol, en AppleTalk. In theorie stelt dit applicaties die met NSL bekend zijn, zoals de Network Browser, in staat om netwerkdiensten te localiseren en verbinding met ze te maken met ieder van deze protocollen. Delen van ieder van deze diensten verschijnen in "neighborhoods" (buurtgenoten) - hiërarchische groepen netwerk onderdelen - die dingen kunnen inhouden van iedere beschikbare netwerk service en eveneens ook die van andere "sub-neighborhoods". Afhankelijk van de opbouw van je LAN zou de Network Browser in staat kunnen zjn je lokale FTP-servers te zien, de Macs die Samengebruik van bestanden en Samengebruik van het Web aan hebben staan, Web servers op jouw intranet, organisatorische informatie die in een LDAP directory server zitten - plus alles wat je zou verwachten op een AppleTalk netwerk te zien, inclusief zones en bestandsservers; printers echter niet. Samengebruik van Bestanden en Web Samengebruik gebruiken Location Protocol (SLP), een voor cliënten nieuwe manier om te leren over bschikbare netwerk servers, dus deze diensten verschijnen automatisch in de Netwerk Browser als lokale diensten onder Mac OS 9.

Er zijn meerdere haken en ogen in NSL en SLP. Ten eerste leverde Apple SLP 1.0 in Mac OS 8.5 en 8.6, en SLP 2.0 in Mac OS 9. Deze twee versies zijn onderling niet uitwisselbaar, daarom kunnen Mac OS 9 systemen SLP diensten niet ontdekken op Mac OS 8.5 and 8.6 systemen en vice versa; dat geeft verwarring bij de gebruikers. Gelukkig werkt versie 1.1 van de SLP plug-in van Mac OS 9 (dat SLP 2.0 implementeert; het heet "SLPPlugin" in de Extensie map) wel met Mac OS 8.5 en 8.6 systemen, maar deze truc wordt door Apple niet gedocumenteerd en het zou administratieve kopzorgen kunnen veroorzaken. Ten tweede, al kunnen SLP clients diensten op een lokaal netwerk ontdekken, er is thans geen mogelijkheid om ze te organiseren of administreren. Op matig tot grote netwerken werd SLP ontworpen om te werken met servers, genaamd "directory agents," die netwerk diensten registreren en administreren. De inschakeling van netwerkdiensten wordt door Directory agents verwezenlijkt en centrale administratie van wat al of niet is toegestaan om zich bekend te maken als een netwerkdienst, plus de definitie van hoe deze diensten georganiseerd zijn. Echter SLP directory agents zijn er nu niet meteen beschikbaar, al beweerde Apple afgelopen Mei op WDC, dat ze van plan waren een directory agent voor SLP te leveren. Daardoor kunnen SLP diensten op dit moment niet makkelijk georganiseerd worden en dit beperkt hun nuttigheid.

Dit alles heeft wellicht weinig praktische waarde als de routers van je LAN - of die van de mensen met wie je zou willen communiceren - IP multicasting niet ondersteunen. IP multicasting is een technologie die voornameljk bedoeld is om op IP gebaseerde audio- and videotransmissie te vergemakkelijken. In plaats van dat iedere cliënt of ieder publiekslid een aparte datastroom nodig heeft, kan iedere gebruiker dezelfde datastroom ontvangen, waardoor het netwerk efficiënter gebruikt wordt. Ofschoon de meeste recente routers IP multicasting ondersteunen, doet oudere apparatuur dat waarschijnlijk niet. Bij gebrek aan directory agents om de netwerk diensten te coördineren, vertrouwen met SLP bekende cliënten op IP multicasting om op het netwerk te zoeken naar de verlangde diensten. Als deze zoektochten nergens heen leiden, kunnen de diensten op diezelfde LAN niet worden ontdekt en zullen ze niet in de Netwerk Browser verschijnen.

(Open Door Networks heeft een goede bespreking van SLP en de Mac gepubliceerd; nuttig om te lezen als je geïnteresseerd bent in de geschiedenis en de ontwikkeling van SLP.)

<http://www2.opendoor.com/shareway/SLP.html>

Dus de SLP-situatie is gecompliceerd. Hoe staat het met het gebruik van NSL in de praktijk? Op een klein netwerk, kan NSL het gebruiksgemak van AppleTalk evenaren, zeker als alle gebruikers Mac OS 9 als standaard gebruiken of tenminste versie 1.1 van de SLP Plugin extensie. In andere situaties kan het gebruik van NSL onvoorspelbaar zijn.

Je kunt neighborhoods toevoegen aan de Netwerk Browser door DNS machine-namen of IP-nummers in te voeren. Maar: je kunt alleen neighborhoods verwijderen via de Finder - sommigen verschijnen in de Favorieten map in het Apple Menu, anderen zijn diep weggeborgen in je Voorkeuren map - of via de regelpanelen-instellingen (zie onder). Deze lastige configuratie geeft onnodige ergernis aangezien de meeste neighborhoods niet naar verwachting zullen werken.

De Netwerk Browser creëert bij het opstarten neighborhoods voor je. Als je op een AppleTalk netwerk zit, toont de Netwerk Browser een AppleTalk neighborhood die functioneert zoals je zou verwachten. Daar NSL een LDAP plug-in heeft, probeert het ook een neighborhood te creëeren die gebaseerd is op de LDAP server instellingen die je hebt gespecificeerd in de Hosts instellingen van de Geavanceerd tab in je Internet Regelpaneel. (Als je geen Geavanceerd tab ziet, moet je de Geavanceerd modus inschakelen door middel van het Gebruikersmodus commando in het Wijzig-menu van het Internet Regelpaneel.) Zelfs als je contact kunt leggen met de gespecificeerde LDAP server, zijn de LDAP resource-lijsten in de Netwerk Browser waarschijnlijk zo goed als zinloos: e-mailadressen verschijnen niet als Internet resource-bestanden maar eerder als geheel nieuwe neighborhoods die op hun beurt opnieuw de gehele LDAP directory informatie bevatten, ad infinitum. De URL's die verwijzen naar een LDAP entiteit staan apart vermeld, en dragen zodoende nog aan de verwarring bij.

De Netwerk browser kan ook proberen een neighborhood te maken die gebaseerd is op de gegevens die je hebt ingevuld in de zoekdomeinen van je TCP/IP Regelpaneel. Deze neighborhoods tonen alle gevonden diensten die gebruik maken van SLP (op dit moment betekent dit alleen Samengebruik via TCP of Persoonlijke Webserver) of DNS. Ongelukkigerwijs is de enige manier waarop een dienst "gevonden" kan worden via DNS, als de DNS server administrateur TXT records in dat domein heeft gemaakt die de diensten opsommen. Het formaat voor dit record is weggestopt in een Apple handleiding over NSL; als je denkt dat netwerk administrateurs een hekel hebben aan AppleTalk, ze reageren nog slechter op hard-coding verwijzingen naar diensten in hun DNS zones.

<ftp://manuals.info.apple.com/Apple_Support_Area/Manuals/software/NSLAdminGuide.pdf>

Kortom, Apple heeft met Mac OS 9 enkele nieuwe fundamentele netwerk-technologieën geïntroduceerd die op dit moment voor sommige gebruikers in specifieke omgevingen nuttig kunnen zijn. Echter, totdat server en applicatie ondersteuning verbetert, zullen vele van deze nieuwe mogelijkheden verwarring stichten omtrent het toegang krijgen tot netwerk diensten.

Remote Access -- Apple heeft ook de functies van Apple Remote Access Personal Server in Mac OS 9 gestopt, waardoor een Macintosh telefoontjes van klanten kan beantwoorden door gebruik te maken van PPP of ARAP (Apple Remote Access Protocol) en toegang kan geven tot de locale computer of het volledige locale netwerk - dit zet Mac OS 9 op gelijke voet met on de inbelmogelijkheden die in Windows 98 zijn gebouwd. Remote Access is handig als je toegang moet hebben tot je desktop Mac vanaf je PowerBook terwijl je buiten het kantoor bent, en je tegelijkertijd je gehele kantoornetwerk kan bereiken.

<http://www.apple.com/networking/applepersonalserver.html>

Je kan een antwoordapparaat-functie instellen in het Remote Access regelpaneel (kies dan Answering van het RemoteAccess menu); Remote Access kan functioneren als een PPP server en een IP address toekennen aan een beller met gebruik van TCP/IP, of het een beller mogelijk maken om een vooraf gekozen IP addres te kiezen. De gebruikers en Groepen tab van het Bestandsuitwisselingsregelpaneel geeft aan welke gebruikers mogen inbellen naar een Macintosh via Remote Access: dial-in privileges moeten worden verleend op een user-by-user basis en kunnen worden geconfigureerd om een gebruiker terug te bellen op een vooraf ingesteld nummer in plaats van directe toegang te geven. Mac OS 9's Remote Access capaciteiten zijn niet groot genoeg om een hele grote groep remote gebruikers te bedienen - het ondersteunt slechts éeacute;n modem - maar het biedt de modernste modem scripts voor Apple-modems en die van andere fabrieken, verbeterd DNS overleg, ondersteuning voor MS-CHAP, en verbeterde compatibiliteit met AppleTalk/PPP servers. Remote Access houdt ook een activiteitenlog bij zodat je kan controleren of mensen misbruik maken van de service of proberen in te breken op het systeem. Hoewel ik al twee jaar niet meer heb geprobeerd, is er geen reden aan te nemen dat Windows of Unix machines geen verbinding zouden kunnen maken met Remote Access via PPP, hoewel ze dan wel AppleTalk software nodig hebben om de AppleTalk services te kunnen gebruiken.

Vooruitblik -- Zelfs deze details beslaan alle veranderingen van Mac OS 9 niet volledig en we zullen in een ander nummer kijken naar verdere functies en naar de fundering van Mac OS X waarvan Apple de basis reeds in Mac OS 9 heeft gelegd..


Niet-winstgevende en niet-commerciële publicaties en Websites mogen artikels overnemen of een HTML link maken als de bron duidelijk en volledig vermeld wordt. Anderen gelieve ons te contacteren. We garanderen de precisie van de artikels niet. Caveat lector. Publicatie-, product- en firmanamen kunnen gedeponeerde merken zijn van hun ondernemingen.

Vorige aflevering | Search TidBITS | TidBITS Homepage | Volgende aflevering