Previous Issue | List of Issues | TidBITS Home Page | Next Issue

TidBITS#334/24-Jun-96

Daar Adam en Geoff de laatste hand leggen aan de CD-ROM voor de vierde uitgave van de Internet Starter Kit voor Macintosh, stel ik deze uitgave samen en zorg ervoor dat die twee kerels wat te eten krijgen. Deze week brengen we jullie nieuws over updates van Claris Emailer en FileMaker Pro. Ook info over LibMoto, de math library van Motorola's PowerPC. Je vindt tevens het begin van een meerdelig artikel over de PowerPC-chip en tenslotte een gedetailleerde vergelijkingsstudie tussen Suitcase en MasterJuggler.

Dit nummer van TidBITS werd gedeeltelijk gesponsord door: Copyright 1990-1996 Adam & Tonya Engst. Details aan het einde van deze editie.
Informatie: <info@tidbits.com> Comments: <editors@tidbits.com>


Topics:

MailBITS/24-Jun-96

Geen TidBITS volgende week! Verwacht geen TidBITS volgende week, want er zal er geen zijn. In de loop van het jaar slaan wij twee tot vier nummers over om trade shows te kunnen bezoeken en een beetje tijd met de familie te kunnen doorbrengen. Wij plannen volgende week vrij te nemen, gedeeltelijk omwille van vier juli, wat in de VS Independence Day is. Kijk voor het volgende nummer op 8 juli '96. Tot dan! [GD]

Emailer 1.1v2 Updater -- Gebruikers van Claris Emailer kunnen nu updaten naat versie 1.1v2. Claris heeft twee updaters ter beschikking gesteld. Een die eender welke versie van Emailer opwaardeert tot 1.1v2 (ong. 2 MB), of een kleinere versie, die 1.1v1 opwaardeert naar 1.1v2 (ong. 350K). Verbeteringen zijn er in de ondersteuning van het nieuwe OfficeMail van Claris, de mogelijkheid om tekstdokumenten te verslepen naar boodschappen, een verbeterde adres-handling en de mogelijkheid om folders mee te sturen met berichten. [GD]

<http://www.fogcity.com/>
<ftp://ftp.claris.com/pub/USA-Macintosh/Updaters/>

FileMaker Pro 3.0v3 Updater - Claris heeft tevens een update gelanceerd voor de US-versies van FileMaker Pro 3.0v1 of 3.0v2 naar 3.0v3. De update corrigeert problemen met berekeningen, ScriptMaker en AppleScript, en verbetert relationele poorten en het herstellen van dokumenten. De Macintosh Updater is ongeveer 1.4 MB groot. Claris is tevens klaar om een versie van FileMaker Pro 3.0 te leveren, die (eindelijk) zowel Windows 3.1 ondersteunt als de aktuele Windows '95 en Windows NT. [GD]

<ftp://ftp.claris.com/pub/USA-Macintosh/Updaters/FileMakerPro3.0v3.hqx>
<http://www.claris.com/press/company/archive/fmp-win31.html>

Official Motorola Library -- In TidBITS-322 vermeldden wij een PowerPC math library samengesteld uit Motorola's PowerPC SDK. De library werd later ingetrokken omwille van licentie-problemen en Motorola's intentie om zijn eigen versie te lanceren. Hoewel het enkele weken later is, heeft Motorola nu inderdaad LibMoto gelanceerd, die de prestaties verbetert van sommige mathematische floating point functies op Power Macs. De "shared library" is gratis verkrijgbaar (een versie voor ontwikkelaars is tevens verkrijgbaar), maar Motorola vraagt de gebruikers wel online te registreren bij het downloaden van de Library. Doe je geen bewerkingen met moeilijke berekeningen of met grafisch werk op je PowerMac, dan zul je hieraan geen merkbare verbetering vaststellen, maar sommige gebruikers constateerden toch merkbare verbeteringen in de prestaties. Ik zag wel niet-geconfirmeerde rapporten over problemen bij het gebruik van LibMoto met de GeoPort Express Modem en sommige Fax-software (verrassing!), dus neem de gewone voorzorgen voor je deze (of andere) software installeert. [GD]

<http://www.mot.com/SPS/PowerPC/library/fact_sheet/libmoto.html>

Font-leveranciers

door Andrew J. Cohen <sandrew@fdt.net>

Ik kies mijn fonts op dezelfde manier als ik kleren kies. Ik experimenteer graag: Ik leg ze allemaal uit voor mij en probeer ze een voor een. Alhoewel de Macintosh legendarisch is wat betreft de flexibiliteit met lettertypen, heeft het steeds omslachtig geweest een grote "kleerkast" aan fonts te beheren. Om een bijkomende font beschikbaar te maken moest je steeds het programma verlaten en herstarten om die font te kunnen gebruiken. 't is zo ongeveer strip-tease doen om uiteindelijk slechts je hoed op te zetten.

Daarom zijn Suitcase van Symantec en MasterJuggler van Alsoft lange tijd essentiële onderdelen geweest voor eenieder die "kleermakers-vrijheid" zocht voor het "aankleden" van zijn woorden. Zo'n vier jaar hebben de gebruikers van Suitcase geleden onder de antieke interface, temeer daar het produkt van Fifth Generation Systems naar Symantec ging met nauwelijks een glimp van ondersteuning of voortgezette ontwikkeling. Ondertussen nam Alsoft de kans de schijnwerper te zetten op MasterJuggler 1.9 met zijn rotsvaste PowerMac-compatibiliteit. Nu echter biedt Suitcase 3.0 een totaal opgepoetste interface, en Alsoft heeft kleinere verbeteringen aangebracht met MasterJuggler 2.0 Pro, leverbaar vanaf begin juni.

Beide programmas zijn nu Power Mac native stand-alone toepassingen. Hun doel is het zelfde: Fonts bevrijden van de beperkingen van de System Fonts-folder, daarbij de mogelijkheid biedend fonts te organizeren op eender welk opslag-aggregaat. Je laadt slechts de fonts in die je nodig hebt en wanneer je ze nodig hebt, zodat je systeemgeheugen bespaart en trage oplaadtijden van programmas vermijdt.

Organizeer je Fonts -- De eerste en vervelendste stap van fontbeheer voor elk programma is het organizeren van font-suitcases op een server of een lokale harddisk. Je zou nu alle fonts uit de fonts-folder van de systeemfolder moeten halen, behalve Chicago, Geneva en Monaco. Gebruik je SuperATM van Adobe of Adobe Acrobat, dan moet je tevens Adobe Sans MM, Adobe Serif MM en Symbol laten staan. Je kunt dan je fonts organizeren hoe je ook maar wilt: per projekt, per kliënt, alfabetisch, of zelfs per leverancier. Postscript fonts moeten in dezelfde folder bewaard worden als hun companion suitcases. In mijn grafische afdeling organizeren we eerst de font suitcases in folders genaamd naar classificaties -Serif, Serif Display, Sans Serif, Script en Dingbats (In typografische termen is een dingbat een versierend of decoratief symbool). -Geoff]

Nadat je font suitcases zijn ingesteld gebruik je MasterJuggler of Suitcase om sets te creëren die samen kunnen geopend worden. Als je je suitcases goed georganizeerd hebt, kun je die hiërarchie meestal terugvinden in je sets. Ikzelf bewaar bv. Times op mijn harddisk in een folder genaamd "Serif", en dat is tevens een onderdeel van een MasterJuggler- of Suitcase-set genaamd Serif.

Het creëren en beheren van deze font-sets is de belangrijkste manier om het onderscheid te zien tussen Suitcase en MasterJuggler. Ik bespreek ze hier een voor een.

Een gloednieuwe Suitcase 3.0 -- Met Symantec's Suitcase 3.0 ($64,95, upgrade $34,95) heeft Symantec de beste aspecten van het oude programma behouden ondanks een totale herziening van de bedieningswijze. Suitcase 3.0 maakt gebruik van verscheidene Apple-technologieën, waaronder Apple Guide, AppleScript, en QuickDraw GX-lettertypen.

<http://www.symantec.com/compinfo/news/products/suit30pr.html>

Het is makkelijk om font-sets in Suitcase 3.0 aan te maken die overeenkomen met de hiërarchie waarlangs uw fonts ingedeeld zijn: simpelweg de individuele font suitcases (of mappen met font suitcases) naar het Sets-venster slepen, en het programma maakt sets aan met dezelfde naam als de mappen. Als drag & drop niet beschikbaar is (dit vereist namelijk Systeem 7.5 of hoger, of Systeem 7.1.1 of 7.1.2 met de extensie Macintosh Drag and Drop geïnstalleerd), kunt u ook sets aanmaken met de Add-knop, en met een Add All-knop vangt u een hele map met lettertypen tegelijk, hoewel font sets één voor één aangemaakt moeten worden.

Sets in Suitcase kunnen individuele fonts bevatten, font suitcases, of zelfs een andere Suitcase-set. Zelf heb ik sets gemaakt voor iedere map in mijn lettertype-archief (b.v. Serif, Sans Serif, enzovoort) vóórdat ik verdere sets ging aanmaken voor elke cliënt of klus. Ik heb bijvoorbeeld een set voor het maken van kaarten aangemaakt, die mijn hele Dingbats-set bevat, en ook enige sans serif-lettertypen.

Suitcase biedt twee speciale font-sets. Ten eerste is er een permanente Startup Set die wordt geladen bij het opstarten van de Mac. Ten tweede zijn er Application Sets, die fonts inladen wanneer u een bepaalde applicatie opstart. U kunt net zoveel Application Sets bijhouden als u applicaties hebt; thuis heb ik meteen een MacInTax font set aangemaakt voor die ergerlijke TaxType fonts die toch nergens anders goed voor zijn, en u kunt hetzelfde doen met de meeste CD-ROM-applicaties die met hun eigen fonts geleverd zijn.

De Sets-lijst van Suitcase lijkt op de lijstweergave in de Finder, en laat u makkelijk font sets hernoemen, verwijderen, en sorteren. Het is eenvoudig de inhoud van een set te inspecteren door het driehoekje ernaast open te klikken. Een tweede Suitcase-venster geeft u details over welke fonts er precies open zijn, welke fonts in de Systeemmap opgeslagen blijven, en welke fonts tijdelijk open zijn.

Suitcase 3.0 heeft nog steeds de mogelijkheid om in de Lettertype-menu's van al uw applicaties de lettertypen te tonen zoals ze eruit zien, maar andere font utilities bieden meer flexibiliteit. Suitcase 3.0 kan ook nog steeds fonts comprimeren om opslagruimte te besparen, maar deze zullen niet worden herkend door Suitcase 2.0, MasterJuggler, of de Lettertypen-map in de Systeemmap. Suitcase kan ook automatisch conflicten tussen font ID-nummers oplossen.

Suitcase heeft een font-database-bestand dat naar een andere Mac overgebracht kan worden om font sets te delen met andere gebruikers. De tests die ik heb uitgevoerd hebben echter uitgewezen dat het overbrengen van een font-database-bestand niet altijd even eenvoudig is. Ik merkte bijvoorbeeld dat de lettertypen waarnaar in de sets verwezen wordt zich op een door Samengebruik Bestanden beschikbaar gemaakte schijf moeten bevinden, anders zal Suitcase de fonts niet meer kunnen vinden. Suitcase kan vanuit b.v. AppleScript worden aangesproken om het aanmaken, verwijderen, en openen van fonts en font sets te automatiseren, maar Suitcase is niet 'recordable' of 'attachable'.

Symantec heeft een 'patch'-programmaatje uitgebracht dat Suitcase naar versie 3.0.1 brengt, en het lost verscheidene bugs op. Let erop dat de patch in drie verschillende versies uitgebracht is: 68K, Power Mac, en Universeel (Fat). Indien u Suitcase 3.0 middels de optie Easy Install geïnstalleerd heeft, moet u de Universele patch gebruiken.

<ftp://ftp.symantec.com//public/Updates/mac/suitcase/>

MasterJuggler Pro 2.0: behoorlijk vernieuwd -- De nieuwe versie van MasterJuggler (prijs: 49,95$ of 29,95$ voor de upgrade) is geen radicaal vernieuwd produkt, maar veel storende elementen uit versie 1.9 zijn er wel uitgehaald. Tussen de nieuwe mogelijkheden bevinden zich de automatische detectie van beschadigde fonts en het automatisch herladen van tijdelijke fonts (zie hieronder) na een systeemcrash.

Het creëren van MasterJuggler-instellingen die de organisatie van je fontmappen weergeven, is geen eenvoudige klus en moet voor elke map apart worden uitgevoerd. Daarvoor moet elke map - bijvoorbeeld voor Serif - op het MasterJuggler programma-icoon worden gedropt terwijl je de Option-toets ingedrukt houdt. (Toen ik die operatie eens verkeerd uitvoerde, mocht ik een hele bende individuele fontmappen één na één weer sluiten.) Als je je fonts in tien mappen hebt ingedeeld, moet je tien keer slepen en droppen. Het lijkt gemakkelijker om vanuit het programma telkens zo'n setje instellingen aan te maken, maar zelfs dan moet je toch nog elke map afzonderlijk gaan toevoegen; dit programma heeft namelijk geen 'Add All'-functie. Het afsluiten van deze operatie is gelukkig eenvoudiger geworden; je moet enkel het font of de fontmap naar het icoontje van de 'MasterJuggler Drop Closer' slepen en droppen.

In tegenstelling tot Suitcase houdt MasterJuggler geen lijst bij van dergelijke sets in het programma zelf; elke set is hier een apart bestand dat je op de harde schijf of op het netwerk kan lokaliseren. Of dit als een voor- of nadeel moet worden beschouwd, lijkt mij nogal een persoonlijke zaak. Aparte bestanden maken het in elk geval gemakkelijk om instellingen te delen met andere gebruikers van het programma, zoals bijvoorbeeld in een prepress-bureau wel eens gebeurt. De afzonderlijke bestanden kunnen, zoals alle andere Macintosh-bestanden, worden hernoemd, verplaatst en verwijderd.

Dat is meteen ook het nadeel. Je kan een set instellingen enkel hernoemen of verwijderen als je het bestand kan terugvinden. Omdat dit ook nodig is om de inhoud ervan te bekijken, heb ik besloten om al mijnMasterJuggler-sets in één map bijeen te brengen. Het bestandsmenu toont weliswaar de tien laatste mappen van waaruit je bestanden hebt geopend met het programma, maar dat is toch even handig als een lijstje met al je instellingensets.

De interface van MasterJuggler, bestaande uit twee scroll-lijsten en tien knoppen, doet sterk denken aan Systeem 6. De bovenste lijst, 'Available Files', dient om te navigeren naar de fontreeksen of de fonts zelf. Eens die keuze gemaakt, kan je de instellingenset bekijken, bewerken of openen. Zodra je het opent, verschijnt zo'n set in de onderste lijst, 'Open Files'. Deze fonts worden opgeladen bij het opstarten, tenzij je op de Command-toets indrukt terwijl je de Open-knop klikt.

In het 'Open Files'-venster is soepelheid ver te zoeken. Zowel afzonderlijke fonts als reeksen staan er door elkaar, zonder al te veel organisatie. Of het een reeks of een afzonderlijk font is, zie je aan de iconen, en die geven ook aan of het een tijdelijk of permanent item betreft. Deze elementen sorteren of geopende sets bewerken is helaas niet mogelijk.

In MasterJuggler 2.0 zijn twee ergernissen uit versie 1.9 weggewerkt. MasterJuggler dringt er nu niet meer op aan om alle fontreeksen permanent toe te voegen. Tenzij je de Command-toets ingedrukt houdt als je het font toevoegt, verschijnt dit font telkens je opstart. In versie 2.0 kan je deze maatregel ook omkeren. Ten tweede verloor ik met de versie 1.9 vaak vele minuten door een font tijdelijk te openen en dan door een systeemcrash verrast te worden. Nu is MasterJuggler intelligent genoeg om ook tijdelijke instellingen na een crash te herladen.

MasterJuggler heeft veel gemeen met Suitcase wat uitgebreide mogelijkheden betreft - en gaat soms zelfs een stapje verder. Het biedt font-compressie (niet compatibel met die van Suitcase) en je kan er ook onmiddellijk mee optreden in geval van font-conflicten. Nieuw is ook 'Font Guardian', waarmee je fontmappen kan scannen op mogelijke problemen, zoals beschadigde bestanden en ontbrekende PostScript-bestanden. Uniek is ook de mogelijkheid om fontbestanden in een map te verzamelen en bijvoorbeeld mee te geven aan het service bureau. Dat is weliswaar een prima idee, maar het kon wel wat beter. Nu moet je namelijk elk font of elke reeks weer apart selecteren via het 'Open'-menu en pas daarna kan je de hele zwik bijeenbrengen met de 'Gather'-knop.

Conclusie -- Mijn voorkeur voor Suitcase 3.0 tegenover MasterJuggler 2.0 is vooral gebaseerd op de manier waarop deze fontbeheerder zich leende voor mijn persoonlijke noden. Sommige gebruikers zien misschien meer in de sterk op de Finder gebaseerde werkwijze van MasterJuggler, maar zelf vind ik dat de interface van Suitcase en het instelgemak ervan met kop en schouders boven die van MasterJuggler uitsteken. Beginnende gebruikers zullen Suitcase intuïtiever vinden, maar wie in het verleden gekozen heeft voor MasterJuggler zal heel blij zijn met deze nieuwe versie. Persoonlijk ben ik het geworstel met de interface ervan wat beu en schik ik me enkel nog bij Suitcase 3.0 te houden.

De voorsprong van Suitcase wordt bedreigd. Adobe zou wel eens voor verandering kunnen zorgen met de Adobe Type Manager 4.0, die zowel qua uitzicht als werkwijze sterk op Suitcase 3.0 gelijkt. Symantec zal zich moeten inzetten om Suitcase te blijven verbeteren als ze willen vermijden dat ze worden voorbijgestoken door ATM, een door derden ontwikkelde maar stilaan essentiëel onderdeel van het Macintosh besturingssysteem.

Alsoft -- 800/257-6381 -- 713/353-4090 -- 713/353-9868 (fax)
<sales.info@alsoftinc.com>
Symantec -- 800/441-7234 -- 541/334-6054 -- 541/334-7400 (fax)
+31 71 535-3294 (Europe)

Vissen naar Chips: Deel 1

door Geoff Duncan <geoff@tidbits.com>

Toen Apple de Power Macintosh introduceerde eind '94 verwezenlijkte het een technisch wapenfeit dat nog maar zelden werd geëvenaard in de computerindustrie: Apple verhuisde met sukses een operating system en de grote meerderheid van bestaande toepassingen van de 68000-processor-familie naar RISC-ondersteunde PowerPC processors. Voor dezen onder jullie, die niet vertrouwd zijn met het jargon: 68000-gebaseerde Macs worden ook dikwijls "68K" Macs genoemd, en RISC staat voor Reduced Instruction Set Computing (zoiets als computeren met een minimum aan instructies).

Meer dan twee jaar na hun introductie is het nog steeds moeilijk de relatieve voordelen van PowerPC processors in te schatten, en Apple heeft het dan nog onduidelijker gemaakt door het gebruik van cryptische model-namen. Wat is het verschil tussen een PowerPC 601 en een 603? Hoe belangrijk is kloksnelheid? Wat is een Level 2 cache? En wat zegt dit allemaal over bv. het verschil tussen een Performa 5400 en een PowerMac 7600?

Antwoorden op deze vragen zijn moeilijk te vinden, maar zijn toch alomtegenwoordig bij toestellen die Apple en ander Mac systems-fabrikanten beschikbaar stellen. Stellen we verder dat nieuwsbronnen (o.a. ook TidBITS) zelden deze termen verklaren, druk bezig zijnde met het opvolgen van de laatste produktlanceringen. Met deze gedachte in het achterhoofd meende ik het nuttig een overzicht te geven van PowerPC processors en de technologische termen hiermede geassociëerd. In het volgende nummer behandel ik dan de "real-world" aspecten van PowerPC's, en tevens emulators, systeem-software en prestatie-aanscherping.

Is het het RISC waard? Alle PowerPC processoren zijn software-kompatibel, dus, zolang je een PowerPC-chip in je Macintosh hebt, kun je alle PowerPC-gerichte Macintosh software draaien. PowerPC-gebaseerde Macintoshes kunnen ook oudere software draaien die geschreven was voor 68K Macs, maar dan in emulatie-modus, wat iets minder snel is dan wat je zou verwachten van machines die de naam hebben razendsnel te zijn. 68K Macs daartegen kunnen software, specifiek geschreven voor de PowerPC, niet draaien.

Dit betekent niet dat 68K Macs nu plots onbruikbaar zouden worden. De meeste van deze machines zullen nog vele jaren bruikbaar blijven. Ik gebruik de mijne in ieder geval verder. Ergens is dit een probleem voor Apple en andere software-ontwikkelaars, want deze lange gebruiksperiode betekent dat nog veel mensen 68K Macs zullen gebruiken in de toekomst, en die willen ook de mogelijkheid hebben hun software op te waarderen om te kunnen genieten van nieuwigheden.

Maar: het staat te lezen op de muur! Software zal meer en meer uitsluitend op PowerPC's werken. Het is onwaarschijnlijk dat Systeem 8 verkrijgbaar zal zijn voor 68K Macs, hoewel zekere technieken er toch tussenuit zullen gehaald worden om te worden gebruikt op oudere machines. In dezelfde zin zal software geoptimalizeerd worden voor betere prestaties op meer recente PowerPC processoren, dus recentere processoren hebben potentiële voordelen.

Over Clock en Cache -- Even een moment om de definitie te geven van deze termen, die meestal gebruikt worden bij de beschrijving van PowerPC-gebaseerde Macintoshes:

Het probleem met Level 2 caches is uit te zoeken hoeveel je nu juist hebt. De "Over deze Macintosh"-dialoog geeft deze informatie niet en het is soms moeilijk te vinden, tenzij je juist weet met welke configuratie je Mac werd geleverd, ofwel je je Mac opent om de cryptische nummers op je cache-module te ontcijferen. Newer Technologies heeft een gratis tool dat informatie geeft over de Level 1 en Level 2 caches van Power Mac's (tot 1MB). De resultaten van de machines die ik testte waren accuraat.

<ftp://ftp.newertech.com/users/ntech/download/cache22.hqx>

Huidige PowerPCs -- Hier is een beknopt overzicht van de PowerPC processor familie voor de Macintosh.

<http://www.3do.com/3dosystems/m2/>

Toekomstige PowerPCs -- De PowerPC vertoont nog geen tekenen van verslapping in termen van de ontwikkeling van snellere processoren. Toekomstige processoren zouden moeten bestaan uit de PowerPC 603e-200, wat in feite een 200 MHz versie is van de PowerPC 603e, met overeenkomende lage energie-consumptie. Als je meer geïnteresseerd bent in verbeteringen van de 604, denk dan aan de PowerPC 604e, een aangepaste versie van de 604, met hogere kloksnelheden (166, 180 en 200 MHz om mee te beginnen), betere prestaties op die snelheden, en een grotere processor cache. Een aantal 604e processoren is al beschikbaar, en je kunt hoge-snelheids 604e-gebaseerde systemen van Apple, Power Computing en andere fabrikanten verwachten later in 1996.

Als je de 604 snel vindt, de toekomstige PowerPC 620 is de eerste 64-bit PowerPC implementatie, en het is zelfs een processor met een nog hogere prestatie ontworpen voor extreme high-end systems. De PowerPC 620 gebruikt in feite hetzelfde ontwerpproces als de 604e. Alhoewel de 620 vertraging van een jaar heeft opgelopen door problemen met de technologie en personeel, verwacht ik dat machines gebaseerd op de 620 vroeg in 1997 beschikbaar zullen komen van Apple en andere fabrikanten. Sommige fabrikanten zouden al over versies van de 620 moeten beschikken op 200 MHz. De 620 is bedoeld voor multi-processor implementaties en 'transaction processing', en ondersteunt een Level 2 cache tot een spectaculaire 128 MB.

IBM en Motorola zijn op dit moment de enige verstrekkers van de PowerPC chips, maar een klein bedrijf in San Jose zou dat kunnen veranderen. IBM heeft Exponential Technology een licentie gegeven om PowerPC-compatible processoren te ontwikkelen. Exponential, met aan het hoofd CEO Rick Shriner, een voormalige vice-president van Apple, en andere industrie veteranen, heeft in de planning om BiCMOS technologie te gebruiken om de kern van de processor te vormen, om daarna meer conventioneel CMOS aan te wenden voor geheugen op de chip - min of meer het omgekeerde van de manier waarop Pentium chips worden gefabriceerd. Alhoewel Exponential geen specifieke snelheidsclaims heeft gemaakt, anticiperen ze op het bereiken van twee keer de snelheid van de microprocessoren van vandaag de dag, wat zou neerkomen op 300 tot 400 MHz. Exponential moet nog de realiseerbaarheid van haar technologie bewijzen, maar het bedrijf heeft significante steun van Apple en andere investeerders, en claimt dat de eerste chips klaar zullen zijn begin 1997.

<http://www.exp.com/>

Blijf Opletten -- In de volgende TidBITS zal ik emulatoren, systeem software, feitelijke prestaties behandelen, en hoe deze informatie te gebruiken wanneer je een Power Mac wil kopen. Nogmaals, we nemen een korte vakantie tot 4 juli, en er zal volgende week dus geen TidBITS uitkomen.

Niet-winstgevende en niet-commerciële publikaties mogen artikels overnemen of een HTML-link maken als de bron duidelijk en volledig vermeld wordt. Anderen gelieve ons te kontakteren. We garanderen de precisie van de artikels niet. Caveat lector! Publikatie-, produkt- en firmanamen kunnen gedeponeerde merken zijn van ondernemingen. Voor meer informatie over TidBITS: hoe zich te abonneren (enkel engelstalige versie!!!), waar vroeger edities te vinden en andere nuttige dingen, stuur e-mail naar: <info@tidbits.com>. Anders, contacteer ons op: <editors@tidbits.com>.

Vroeger edities verkrijgbaar via ftp en www:
<ftp://ftp.tidbits.com/pub/tidbits/issues/>
<http://www.tidbits.com/tb-issues/>

Om oude edities te zoeken, gebruik volgende URL met een webbrowser:
<http://wais.sensei.com.au/macarc/tidbits/searchtidbits.html>