Vorige aflevering | Search TidBITS | Volgende aflevering
TidBITS English | TidBITS Nederlands

TidBITS Logo

TidBITS#1372, 12 juni 2017

We sluiten het WWDC-keynoteverslag van dit jaar af met een blik op de nieuwe Mac-hardware, inclusief de aanstaande iMac Pro. Denk je erover na om een van de nieuwe iMacs van Apple te kopen? Wacht! Adam Engst vertelt je hoe je de meeste waar voor je geld kunt krijgen bij je bestelling. Sommige configuraties die identiek lijken, zijn dat niet en je zou op grafische prestaties kunnen inboeten als je niet oppast. Adam vat ook dit jaar de ACE-conferentie samen, die hem weer terug deed verlangen naar zijn adviesdagen. De aflevering wordt afgerond met Josh Centers, die uitlegt hoe je je betaalkaarten vanaf je iPhone kunt controleren, en William Porter, die kijkt naar wat er nieuw is in FileMaker 16. De vermeldenswaardige softwareversies van deze week zijn Boom 3D 1.0, GarageBand 10.2 en Swift Publisher 5.0.
 
Artikelen
 

De Nederlandse editie van TidBITS is een letterlijke vertaling van de oorspronkelijke Engelse versie. Daarom is het mogelijk dat een deel van de inhoud niet geldt in bepaalde landen buiten de VS.


Deze editie van TidBITS werd gedeeltelijk gesponsord door:
Help TidBITS te ondersteunen door onze sponsors te sponsoren!

[GvH]

Dit nummer werd uit het Engels vertaald door:

Verder werkten mee:

Hoe je ons kunt bereiken kun je lezen op:
<de contactpagina>


Apple versterkt de iMac- en de MacBook-lijn en licht een tipje van de sluier op van de iMac Pro

  door Adam C. Engst: ace@tidbits.com, @adamengst
  21 reacties (Engelstalig)

[vertaling: GvH, PAB]

Op de WWDC 2017 van de afgelopen week besteedde Apple een behoorlijk gedeelte van de keynote aan nieuwe Mac-hardware. Het bedrijf toonde verbeterde iMacs en MacBook Pro's met betere prestaties en maakte en passant melding van een snellere MacBook Air. Nadat alle veranderingen in de huidige reeks computers waren behandeld, presenteerde Apple een voorproefje van de iMac Pro, een werkstation-achtige versie van de 27 inch-iMac met 5K Retina-beeldscherm, die aan het eind van het jaar leverbaar wordt.

Apple repte met geen woord over de Mac mini of de Mac Pro, maar het bedrijf had eerder al wel gezegd dat het nog volop in de ontwerpfase zit van een geheel vernieuwde Mac Pro die zeker niet voor 2018 klaar zal zijn. (Zie "Maca culpa: Apple geeft Mac Pro-misstappen toe en belooft meer transparantie", 4 april 2017.)

iMac -- Het werkpaard van Apples reeks bureaucomputers is al sinds jaren de iMac. Apple blijft deze aanbieden in drie basismodellen: een 21,5 inch-versie zonder Retina-scherm, een 21,5 inch-iMac met 4K Retina-beeldscherm en de 27 inch-iMac met een 5K Retina-beeldscherm.

Op het processor-front stoot elk model door naar een hogere snelheid. Dat is te danken aan de door Apple gebruikte nieuwe processor, de 7e generatie Intel-processors, "Kaby Lake" genoemd, en door verhoging van de kloksnelheid. Op Apples pagina met technische specificaties kun je meer details zien, maar samengevat is het nieuws dat Apple zich meer richt op de 21,5 inch-iMac met Retina-beeldscherm, en slechts een enkele configuratie aanbiedt van het model daarzonder. De benchmark-tests zullen laten zien hoeveel sneller de combinatie van nieuwe CPU's en hogere kloksnelheid is, maar ik vermoed eigenlijk dat kopers hun keus eerder zullen laten bepalen door de prijs.


Al zijn de iMac Retina-beeldschermen fantastisch, Apple zegt dat ze die bij de 21,5-inch- en 27-inch-modellen nog verder verbeterd hebben: de helderheid is met 43 procent verhoogd, tot 500 nits, en ze kunnen tot 1 miljard kleuren weergeven.

Het scherm van het iMac-model zonder Retina wordt aangestuurd door een geïntegreerde videokaart (Intel Iris Plus Graphics 640), terwijl alle Retina-modellen nu profiteren van de Radeon Pro GPU's: type 555 en 560 voor de 21,5-inch-modellen en de 570, 575 en 580 voor de 27-inch-modellen. Het opmerkelijke winstpunt is hier voor de 21,5 inch-Retina-modellen, die voorheen beperkt waren vanwege de geïntegreerde Intel Iris Pro Graphics 6200-kaart.

Apple heeft de Fusion Drive standaard gemaakt voor alle configuraties, en het bedrijf beweert dat de SSD's, die beschikbaar zijn met een capaciteit van 256 GB, 512 GB of 1 TB, nu 50 procent sneller zijn. Je kunt ook een 2 TB SSD-drive toevoegen aan het topmodel, de 27 inch-iMac, voor de pittige meerprijs van $ 1400.

Wat het RAM-geheugen betreft, worden alle basismodellen nog altijd met minimaal 8 GB uitgerust. De niet-Retina-iMac en het eenvoudigste 21,5 inch-model zijn nog steeds beperkt to 16 GB, maar in het geavanceerdere 21,5 inch-Retinamodel past nu ook 16 GB of 32 GB, en dat is een welkome verbetering. Op dezelfde manier is het eenvoudigere model van 27 inch nog steeds beperkt tot een maximum van 32 GB, terwijl de twee geavanceerdere modellen kunnen worden uitgerust met 16 GB, 32 GB of 64 GB. Het geheugen in de 21,5-inch-modellen kan niet door de gebruiker zelf worden vervangen door extra RAM, maar je kunt dat wel zelf doen bij het 27-inch-model.

Het zal je niet verbazen dat Apple de Thunderbolt 2-poorten van de vorige modellen heeft vervangen door twee Thunderbolt 3-poorten, die DisplayPort ondersteunen voor externe schermen. Ook Thunderbolt-aansluitingen tot 40 Gbps, USB 3.1 Gen 2 tot 10 Gbps en verschillende andere protocollen worden via adapters ondersteund. (Zie "Uitleg over Thunderbolt 3, USB-C, en nog zo wat connector-standaarden", 3 november 2016.)

Dit zijn allemaal welkome veranderingen voor iedereen die toe is aan een nieuwe iMac. Ik vraag me wel af of deze veranderingen voldoende reden zijn om een Retina-iMac in te ruilen, tenzij Thunderbolt 3 per se nodig is. De interessantste veranderingen liggen eigenlijk bij de 21,5 inch-modellen, waarbij de beperkingen in RAM en grafische processor van eerdere configuraties losgelaten zijn en er ook voor het eerst een goedkopere configuratie bijgekomen is.

De 21,5 inch-iMac zonder Retina houdt dezelfde prijs van $ 1099, terwijl de twee Retina-configuraties vanaf $ 1299 en $ 1499 verkocht worden. Het 27 inch-model komt uit in drie configuraties: $ 1799, $ 1999 en $ 2299. Alle zijn nu leverbaar.

Misschien dat het mij alleen maar duizelt door het aantal veranderingen die Apple bij de WWDC keynote heeft aangekondigd, maar ik weet niet hoe ik alle nieuwe modellen in samenhang met de eerdere configuraties had moeten presenteren, want de de hele matrix van alle modellen en welke opties daarbij leverbaar zijn, werd gewoon te ingewikkeld. Als je precies de prijzen van de verschillende mogelijkheden wilt kunnen vergelijken, dan raad ik je aan een aantal browservensters te openen zodat je de configuraties allemaal naast elkaar kunt vergelijken. Het is trouwens mogelijk dat zelfs Apple erdoor in de war was geraakt, als je sommige wonderlijke prijsstellingen ziet die wij gevonden hebben. (Zie "2017 iMac Configuration Quirks: Don't Get Burned!", 12 juni 2017.)

MacBook, MacBook Pro en MacBook Air -- Net als bij de iMac heeft Apple ook de processoren in de MacBook en MacBook Pro geüpdatet met de nieuwe Kaby Lake-processoren die op een hogere kloksnelheid draaien. Dat zou de prestaties moeten verbeteren, hoewel waarschijnlijk niet heel veel. Bij de MacBook Pro-modellen is ook de grafische verwerking verbeterd, doordat de 13 inch-MacBook Pro-modellen de Intel Iris Plus Graphics 640 en 650 toepassen en de 15 inch-modellen overgaan op Radeon Pro 555- en 560-grafische processoren bovenop Intel HD Graphics 630 en 640.

Je kan nu een MacBook kopen met 16 GB aan RAM-geheugen, meer dan de eerdere limiet van 8 GB, en Apple claimt dat de ingebouwde SSD van de MacBook tot 50 procent sneller is. Dat maakt de MacBook een aantrekkelijkere optie, aangezien matige prestaties een van de belangrijkste nadelen waren.

In tegenstelling tot de geruchten leeft de MacBook Air nog, maar dit model ondergaat wel de minste veranderingen. De standaard 1,6 GHz dual-core Intel Core i5-processor is vervangen door een 1,8 GHz-model. De upgrade naar een Intel Core i7 op 2,2 GHz blijft mogelijk.

Hoewel deze veranderingen allemaal positief zijn, maken ze de keuze tussen de drie modellen niet makkelijker. Elk valt in de driedimensionale grafiek van prijs, prestatie en afmetingen op een andere plek. Je moet beslissen wat voor jou het belangrijkst is (kosten, snelheid of draagbaarheid) en bepalen welke van Apples notebooks het beste bij je behoeftes past.

Net als de nieuwe iMac-modellen zijn al deze geüpdatete notebooks nu leverbaar.

iMac Pro -- Tijdens de besloten mediabijeenkomst waarin Apple-managers over hun zonden met betrekking tot de Mac Pro getuigden, werd melding gemaakt van pro-verwante aankondigingen over een iMac die later dit jaar zal verschijnen.

Apple heeft nu meer onthuld over wat dat betekent door de gordijnen weg te halen voor de iMac Pro. De iMac Pro wordt in december 2017 verwacht en behoudt dezelfde afmetingen als de 27 inch-iMac met Retina 5K-beeldscherm, maar wisselt het geborsteld-aluminiumuiterlijk in voor een space-grijze afwerking die ook terugkomt in het Magic Keyboard met numeriek toetsenblok, de Magic Mouse 2 en de optionele Magic Trackpad 2.


(Nieuwsgierig naar de naam van dat toetsenbord? Wij ook. Het blijkt dat Apple tijdens de WWDC ook nog stilletje een nieuw draadloos Magic Keyboard met numeriek toetsenblok uitbracht voor $ 129. Toetsenbord-gebruikers verheugt u!!)


Het doel van de iMac Pro is prestaties te leveren op werkstation-niveau binnen het iMac-ontwerp. Het moeilijkste deel daarvan is omgaan met de hitte, omdat de iMac Pro Intel Xeon-processors zal krijgen met 8-core-, 10-core- en 18-core-configuraties.

Ook het gebruik van een nieuwe Radeon Pro Vega-GPU, die naar verluidt een computerkern heeft van de volgende generatie en tot 16 GB ingesloten hoog bandbreedte-geheugen (HBM2) speelt een rol bij de noodzakelijkerwijs opnieuw ontworpen thermische architectuur. Apple zegt dat de iMac Pro met Vega-GPU tot 11 teraflops van enkele-precisierekenkracht levert voor real-time 3D-weergave en VR op hoge beeldsnelheid. Voor halve-precisieberekeningen die naar verluidt ideaal zijn voor machinaal leren, kan de iMac Pro tot 22 teraflops prestaties leveren. (We hebben geen idee wat dat betekent, maar Apple heeft het zijn best gedaan om het indrukwekkend te laten klinken. Ter vergelijking: de Radeon Pro 580 in de 27 inch-iMac heeft een piekprestatie van 5,5 teraflops.)

De iMac Pro zal standaard geleverd worden met 32 GB aan RAM-geheugen, maar voor een machine in deze klasse is het belangrijker te weten dat hij uitgerust kan worden met 64 GB of 128 GB. Een 1 TB SSD is ook standaard, met 2 TB en 4 TB SSDs als opties.

Het zal niet verrassend zijn dat de iMac Pro vier Thunderbolt 3-aansluitingen heeft, waarmee maximaal twee 5K-beeldschermen en twee hoogwaardige RAID-arrays tegelijkertijd kunnen worden aangestuurd. Andere aansluitmogelijkheden zijn gelijk aan wat er nu op de 27 inch-iMac met Retina 5K-beeldscherm te vinden is, met uitzondering van Ethernet. In plaats van gigabit Ethernet bevat de iMac Pro 10 Gb Ethernet, wat best belangrijk kan zijn bij het overbrengen van enorme hoeveelheden gegevens tussen machines.

Hoeveel kost dit alles? Veel. De basis iMac Pro-configuratie begint vanaf $ 4.999. Apple beweerde dat een vergelijkbaar werkstation ongeveer 7.000 dollar kost, zonder 5K-beeldscherm. Maar dan nog verwachten we, gezien de hoge prijs van grote SSD's en RAM-geheugen, dat een volgeladen iMac Pro de 7.000 dollar-grens gemakkelijk zal halen of zelfs overschrijden.

Maar dat zal het publiek voor de iMac Pro niet tegenhouden. Als je maximale prestaties van een Mac nodig hebt, zal de iMac Pro deze leveren. Of tenminste tot een nieuwe Mac Pro zijn debuut maakt en veel van hen voor wie de teraflops van levensbelang zijn, zullen niet willen wachten.

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


iMac-configuratiegrillen anno 2017: let op je portemonnee!

  door Adam C. Engst: ace@tidbits.com, @adamengst
  1 reactie (Engelstalig)

[vertaling: LmR, JO, LmR]

Overweeg je de aanschaf van een van Apples net bijgewerkte iMacs? Dan moet je goed opletten bij de configuratie, want je kan dan weleens een slechtere configuratie krijgen voor dezelfde prijs, afhankelijk van hoe je begint, of je betaalt meer voor dezelfde configuratie. Lezer Yasuhiro Sugawara van Sugarwater Brothers was zo alert om deze grillen in Apples online winkel te ontdekken.

21,5 inch-iMac's Radeon Pro 555 tegenover de 560 -- Stel je om te beginnen eens voor dat je een 21,5 inch-iMac wilt kopen met de snelste processor en een 1 TB Fusion Drive. Apples online winkel biedt dan drie configuraties, waarvan we de de eenvoudigste even buiten beschouwing laten want die heeft geen Retina 4K-beeldscherm en kan niet worden geconfigureerd met een snellere processor.

Als je dan het midden-model 21,5 inch-iMac met Retina 4K-beeldscherm kiest met de snellere 3,6 GHz quad-core Intel Core i7 processor en een 1 TB Fusion Drive in plaats van een 1 TB harde schijf, kom je op een prijs uit van $ 1699. Als je echter het topmodel 21,5 inch-iMac neemt, kan je dezelfde configuratie kiezen voor dezelfde prijs door simpelweg de snellere processor te kiezen, want dit model heeft al een 1 TB Fusion Drive.

Maar hier wordt het opmerkelijk. Zoals Yasuhiro Sugawara opmerkte is alles hetzelfde, inclusief de prijs behalve de Radeon Pro grafische processor. Het middenmodel iMac heeft een Radeon Pro 555 met 2 GB aan videogeheugen, maar het topmodel iMac bevat een Radeon Pro 560 met 4 GB aan videogeheugen. En dat dus voor precies dezelfde prijs van $ 1699.


Hoeveel beter is de hogere Radeon Pro grafische chip met twee keer zoveel videogeheugen? Dat is niet te zeggen zonder officiële benchmark-tests. AMD zegt dat de Radeon Pro 555 12 compute units heeft en 1,3 teraflops kan halen terwijl de 560 er 16 heeft en wel tot 1,9 teraflops kan. Op de website van Tech Report is een discussie gaande over deze grafische chips waaruit valt op te maken dat de 560 iets beter presteert dan de 555.


Of je nu wel of niet het verschil merkt tussen de 555 en de 560, er is geen reden om niet te kiezen voor de snellere 560 met meer video-geheugen voor dezelfde prijs. Deze chipset is in ieder geval theoretisch de betere, en de keuze zal waarschijnlijk ook de waarde van je iMac vergroten, mocht je hem ooit door willen verkopen. En kies als je een 21,5 inch-iMac wilt hebben met de snelste processor en op zijn minst een 1 TB Fusion Drive hoe dan ook voor het topmodel, niet voor het middenmodel.

Deze prijzengelijkheid blijft intact als je extra RAM of opslagruimte toevoegt, al werkt het topmodel met maximaal 32 GB RAM, terwijl het middenmodel niet meer dan 16 GB aankan. Net als bij de vorige 21,5 inch-iMac-modellen kan je ook hier de de hoeveelheid RAM niet meer aanpassen na aankoop, wat bij het 27 inch-model wel kan, dus zorg dat je meteen bij aankoop een passende hoeveelheid kiest.

De ontdekking van Yasuhiro Sugawara zette me aan het denken, dus ik keek hoe het bij andere Macs zat. Voor de 15 inch-MacBook Pro zag ik het bovenstaande patroon niet terug, aangezien je bij de middenconfiguratie de mogelijkheid hebt om voor $ 100 te upgraden van een Radeon Pro 555 met 2 GB videogeheugen naar de videokaart van het topmodel, de Radeon Pro 560 met 4 GB videogeheugen. Kennelijk vindt Apple dat het verschil hier gelijkstaat aan $ 100, tenminste waar het de MacBook Pro betreft.

De Radeon Pro 575 versus de Radeon Pro 580 bij een 27 inch-iMac -- Maar toen ik de configuraties van de 27 inch-iMac wat beter bekeek, stuitte ik op hetzelfde probleem als hierboven bij het 21,5-inch-model. Dit zie je pas als je het midden- en topmodel 27-inch-iMac beide combineert met een 4,2 GHz quad-core Intel Core i7, en vervolgens het middenmodel upgradet met een 2 TB-Fusion Drive, zodat je deze configuratie even sterk als het topmodel maakt. Hoewel beide configuraties nu $ 2499 kosten, zie je bij het middenmodel slechts een Radeon Pro 575 videokaart, met 4 GB videogeheugen, terwijl het topmodel mag bogen op een Radeon Pro 580 met 8 GB videogeheugen.


De Radeon Pro 575 heeft 32 rekeneenheden, terwijl de 580 er 36 heeft. Pieksnelheid is 4,5 teraflops voor de 575, en 5,5 teraflops voor de 580. Dus ook hier geldt: als je een 27 inch-iMac zoekt met 5K-Retina beeldscherm en met de snelste processor, kies dan het topmodel als uitgangspunt. Ook hier blijft deze prijzengelijkheid intact als je RAM toevoegt, en ook als je kiest tussen voor een 2 of 3 TB-Fusion Drive.


(Over het opwaarderen van RAM gesproken: je kunt de RAM in alle drie modellen 27 inch-iMac aanpassen. The Mac Observer merkt op dat het instapmodel tot 64 GB RAM aankan, in tegenstelling tot wat er op Apples Tech specificaties-pagina staat vermeld, al zal je het dan wel via een andere leverancier moeten kopen.)

De prijs van 27 inch-iMac-SSD's -- Er is een vlak waarop de deze merkwaardige prijzengelijkheid niet opgaat voor de 27 inch-iMac en dat is als je de Fusion Drive wilt verruilen voor een SSD.

Als je het middenmodel 27 inch-iMac uit wilt voeren met een 512 GB of 1 TB SSD, is dat $ 100 goedkoper dan het topmodel met precies dezelfde configuratie. Met een 512 GB SSD kost het middenmodel je $ 2599 en het topmodel $ 2699. Kies je een 1 TB SSD dan is het middenmodel slechts $ 2999, terwijl het topmodel $ 3099 kost.


Ik zie drie mogelijke verklaringen voor deze discrepanties en wel in deze volgorde:

Ik heb contact opgenomen met Apple over deze situatie maar heb nog geen reactie ontvangen.

Ondertussen is het dus zaak goed op te letten bij het configureren van je bestelling en er zo voor te zorgen dat je het beste model voor je geld krijgt.

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


ACEs-Conferentie 2017: de verleidelijke roep van consultancy

  door Adam C. Engst: ace@tidbits.com, @adamengst

[vertaling: JO, PAB, HV]

De recente ACEs Conference in Phoenix riep het verlangen in mij op om weer Apple-consultant te zijn. (Zie "ACEs Conference helpt consultants hun bedrijf te laten groeien", 12 april 2017.) Niet groots en dramatisch, door alle schepen achter me te verbranden en helemaal opnieuw te beginnen, maar subtiel: altijd als ervaren consultants hun herinneringen met elkaar delen, dan zie ik op zo'n conferentie een soort kameraadschap opbloeien waar ik jaloers op kan zijn. Ik heb voldoende mijn sporen in de Apple-wereld verdiend om zonder schaamte een broodje te eten met de cool kids, maar ik zal nooit werkelijk één van hen zijn.


Ik had heel goed bij de club kunnen horen. Nadat Tonya en ik in 1989 afstudeerden aan de Cornell University waren we van plan een adviesbureau op te zetten met een kennis uit de lokale Mac-gebruikersgemeenschap met de briljante naam MUGWUMP: "Macintosh Users Group for Writers and Users of Macintosh Programs". Maar door allerlei oorzaken liep het anders. Tonya kreeg een baan die zich uiteindelijk ontwikkelde tot een functie als New Technologies Consultant, voor de Microcomputers and Office Systems-groep van Cornell. Zelf werd ik zelfstandig consultant, wat je nu een éénpitter zou noemen.

En dat is het werk dat we deden toen we in 1990 TidBITS oprichtten. Ik hield al jaren van de consultancy, omdat ik mezelf er nooit van kon weerhouden om mensen te laten zien hoe ze hun Mac beter konden gebruiken, en de professie van consultant betekende dat ik betaald werd voor datgene dat ik voor familie en vrienden ook al deed (maar dan gratis). En behalve die ene opdracht die te maken had met het ontwikkelen van een Double Helix-database, die ik nooit had moeten aannemen omdat hij niet goed gespecificeerd was, heb ik altijd goed werk geleverd.

Maar een paar jaar later kreeg Tonya een baan bij Microsoft aangeboden, trouwden we en verhuisden we van Ithaca naar Seattle. Ik had geen idee hoe ik daar mijn advieswerk kon oppakken, in een stad waar ik niemand kende. Toen besloot ik al mijn energie in TidBITS te stoppen. En de rest is geschiedenis, zoals dat heet.

En nu zat ik daar te luisteren naar Andy Espo van Call Andy! uit Boston, die vertelde hoe hij in consultancy terechtkwam en hoe hij veranderde van éénpitter in werkgever, en ik zag mijzelf in een andere mogelijke levensgeschiedenis. En mijn fantasie ging weer met mij op de loop toen we allemaal vreselijk moesten lachen om het verhaal van Alex Narvey van Precursor Systems uit Winnipeg, toen hij uitlegde hoe hij begon met het verkopen van diensten en ontdekte dat mensen hem liever een vast maandelijks bedrag betaalden dan uurtje-factuurtje. De kern van zijn verhaal ging over het ingebakken conflict van de uurtje-factuurtjemethode. Je verkoopt in feite uren, en dus breng je liefst zoveel mogelijk tijd bij de klant door in plaats van de problemen van je klant op de snelste en meest efficiënte manier op te lossen. En ik luisterde ook met veel plezier naar Remie Cremers, een vrolijke, energieke Hollander met een charmant accent, wiens verhaal ging over zijn bedrijf Super Remie, een Apple-adviesbureau in Utrecht dat de Mac-gebruiker in zijn thuissituatie als doelgroep heeft.

Andere sessies maakten duidelijk dat de wereld is veranderd sinds die eenvoudigere dagen van 1990. Ik kon met de meeste oplossingen meegaan toen Ryan Grimes van My IT Indy in Indianapolis het publiek vermaande om de "Alles tot in het ultieme te automatiseren". Maar ik voelde me duidelijk overtroefd toen JD Strong van Strong Solutions uit Spokane beschreef hoe een Apple MSP (Managed Service Provider, aanbieder van beheerdiensten) zou moeten overwegen PSA (Professional Services Automation, automatisering van profesionele diensten) of een BMP (Business Management Platform, zakelijk beheerplatform) aan te bieden om routinetaken te automatiseren zoals monitoren, update-beheer, softwaredistributie, problemenbeheer en facturatie. Maar alle anderen in de zaal waren enthousiast en de verhalen over verdwijnende facturen, zoekrakende tickets en twijfelachtige verkopers vlogen door de ruimte.

Misschien kan je een adviesbedrijf nog steeds zuiver op je gevoel runnen, zoals ik decennia geleden deed, maar in de moderne aanpak installeer je software van Watchman Monitoring. Het biedt proactief waarschuwingen die je bijvoorbeeld kunnen vertellen dat een Mac van een van je klanten al dagen geen back-up heeft gemaakt en de harde schijf ervan SMART-foutmeldingen geeft. Voor veel eenvoudige problemen vertrouwen consultants op software voor beheer op afstand zoals Addigy of Jamf Pro om software te installeren, onderhoudstaken uitvoeren en veel andere dingen op afstand te doen.

Hoe nuttig de gesprekken van andere consultants ook waren, wat ACEs onderscheidt van veel andere technologiecongressen zijn de sessies van zakelijke professionals die door conferentie-organisator Justin Esgar waren gevraagd. (Ja, hij is ook een consultant, met zijn bedrijf Virtua Computers in New York City.) Justin heeft Mike Michalowicz, auteur van de populaire zakenboeken "Profit First" en "The Pumpkin Plan", als hoofdspreker geregeld. Hij kwam met een paar nuttige zaken, maar toch vond ik wat sommige van de andere lezingen nog aansprekender.

Zakelijk coach Jennifer Dawn heeft haar ervaring opgedaan door een softwarebedrijf op te richten (en te verkopen) en vervolgens te werken in een groot bedrijf om ons bij te praten over hoe je financiële vrijheid bereikt. Aangezien ik altijd de mentaliteit heb gehad mijn eigen problemen op te lossen, was ik vooral blij haar de deelnemers te horen aanmoedigen zich te verplichten schuldenvrij te zijn en haar te horen zeggen dat "slimme schulden" onzin zijn. Door een belangrijk (en lucratief) gesprek op de gang met een van mijn TidBITS Content Network-abonnees moest ik de sessie van advocaat David Postolski over managed services-contracten [beheerdiensten - nvdv] missen, maar advies van marketing consultant Erin Begraaf over hoe consultants hun persoonlijke merk kunnen opbouwen, was nuttig voor iedereen die voor zichzelf werkt.

Maar wellicht was de belangrijkste sessie de handleiding van Marcy Maslov over hoe je belangrijke bedrijfsstatistieken uit financiële rapportages kunt destilleren. Ik had nog nooit stilgestaan bij het verschil tussen bedrijfsmatig boekhouden, bedoeld ter ondersteuning van interne beslissingen, en financieel boekhouden, bedoeld voor een overzicht van de financiële toestand van een bedrijf voor de buitenwereld. 45 minuten was te weinig om meer dan een beknopt overzicht te geven, maar de verhalen die Maslov vertelde over fraude, incompetentie en crimineel gedrag (veelal opgedist tijdens maaltijden en in de wandelgangen) maakten pijnlijk duidelijk waarom elke ondernemer in staat moet zijn om financiële rapportages te lezen en trends te ontdekken via ratio-analyse.

Justin Esgar had me gevraagd om uitsmijter te zijn, in dit geval om de laatste sessie te verzorgen, en ik had die mogelijkheid aangegrepen om een content marketing-strategie voor consultants te presenteren. De strategie is gebaseerd op wat we met het TidBITS Content Network doen en op de terugkoppeling die we krijgen van onze abonnees. Het is te veel om er hier nader op in te gaan, maar ik zal delen van de strategie publiceren op de blog Publish or Perish die ik naast TCN onderhoud. (Voor Apple-professionals die een samenvatting van Apples WWDC-aankondigingen aan hun klanten willen sturen, is dat artikel nu beschikbaar als een gratis bonus voor abonnees van TCN. Een prima aanleiding om je aan te melden voor een gratis proefabonnement!)

En aan hen die zich eners dan ik, elke dag in de loopgraven der consultancy bevinden, kan ik de ACEs Conference niet genoeg aanbevelen. De datum en locatie voor volgend jaar zijn nog niet bekend, maar houd het in de gaten als je iets met consulting doet!

Luister ondertussen in ieder geval naar Command Control Power, een wekelijkse podcast verzorgd door drie consultants uit Connecticut: Joe Saponare van PsiMac, Sam Valencia van de HCS Technology Group en Jerry Zigmont van MacWorks. Ze verzorgen een directe uitzending op de eerste dag van ACEs over het belang van privé-klanten voor consultants die voorheen alleen zakelijk werkten, opgeleukt met een keur aan technische anekdotes en tips. Bijzonder goed verzorgd en zeker een aanwinst voor je wekelijkse portie podcasts.

En hoewel ik mij prima vermaakt heb op ACEs en veel heb opgestoken, houd ik me vooralsnog maar bij het schrijven en uitgeven van TidBITS en het TidBITS Content Network, in plaats van weer de consultancy in te duiken. Ook al zal ik nooit één van de cool kids zijn, ik kan ze toch elk jaar ontmoeten op de ACEs Conference, en voor mij is dat goed genoeg.

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


Je betaalkaart beheren vanaf je iPhone

  door Josh Centers: josh@tidbits.com, @jcenters
  7 reacties (Engelstalig)

[vertaling: HV, TK]

Enige tijd geleden controleerde ik mijn betaalrekening bij de Ally Bank en schrok ik van het feit dat er maar zo weinig op stond. Nadere beschouwing leerde dat dat het gevolg was van transacties ter grootte van enkele honderden dollars ten gunste van HostGator, een dienst waar ik nooit zaken mee doe. Shit, dacht ik, iemand heeft mijn debetkaartgegevens gejat!

Kennelijk gebeurt dat bij HostGator zo frequent dat ze er een speciale helppagina hebben voor onterechte afboekingen. Ik had mijn geld snel terug.

Het bizarre was dat deze fraude gepleegd werd met een oude debetkaart, die al lang door de bank gedeactiveerd had moeten zijn. Ik hoefde dus geen nieuwe kaart te krijgen, maar het had nooit mogen gebeuren.

En met mijn nieuwe debetkaart van Ally zal dat ook niet meer gebeuren, dankzij de nieuwe app Ally Card Controls. Met deze simpele app kan ik een betaalkaart met een simpele schakelaar aan- of uitzetten, bepalen hoe een kaart gebruikt kan worden, recente aankopen inzien en een melding krijgen wanneer mijn kaart gebruikt wordt.

Ally Card Controls is een beetje een merkwaardige app. Als je hem voor de eerste keer opent, krijg je de mededeling dat je hem moet autoriseren via de primaire app Ally Mobile. Hoe dat moet is echter niet meteen duidelijk. Wat je moet doen is in de app Ally Mobile naar Settings gaan en daar Card Controls kiezen. Je komt dan vanzelf in de app Ally Card Controls die daarmee geautoriseerd is. Wat ook opvalt, is dat Ally Card Controls niet geoptimaliseerd is voor de grotere schermen van bijvoorbeeld de iPhone 7 Plus. Maar dat zijn allemaal kleine onvolkomenheden die in het niet vallen bij de voordelen die de app biedt.


In het hoofdscherm zie je je betaalkaart, met een schakelaar om hem te activeren of deactiveren. (Als je meer dan één kaart van Ally hebt, kun je tussen de verschillende kaarten heen en weer vegen.) De normale gang van zaken is dat als je je kaart kwijt bent, je ervan uit moet gaan dat hij gestolen is, en je de kaartmaatschappij moet bellen om de kaart te deactiveren en een nieuwe te verstrekken. Knap onhandig. Met de app Ally Card Controls kun je de kaart zelf eenvoudig deactiveren, voor de zekerheid, en als je hem later tussen de kussens van de bank terugvindt kun je hem even gemakkelijk weer activeren.


En dat is nog lang niet alles. In Control Preferences kun je zelf kiezen waar en hoe je kaart gebruikt kan worden.

Onder Control Preferences vind je Alert Preferences. Je kunt gelijksoortige regels voor berichten opstellen als voor uitgaven, maar persoonlijk krijg ik liever berichten voor All Transactions. Ik gebruik mijn kaart niet zo veel dat die berichten storend worden, en ik vind het feit dat mijn iPhone vrijwel direct na een transactie trilt wel geruststellend.

En tot slot is er de knop Recent Transactions, die precies doet wat je zou verwachten.

Andere banken -- Het laatste wat ik wil, is overkomen als iemand die reclame maakt voor Ally Bank. Het is nou eenmaal de bank waar ik mijn geld heb staan, en dus de bank waar ik de meeste ervaring mee heb. Andere banken hebben ook de mogelijkheid om een betaalkaart te deactiveren via een app of een website, of om berichten te krijgen als de kaart gebruikt is in een transactie.

Het is goed dat je bij sommige financiële instellingen via een app of website een krediet- of debetkaart tijdelijk of permanent kan deactiveren, uitgaven kan opvolgen en op de hoogte kan blijven van aankopen, maar we zouden deze functies liever wat wijdverspreider zien.

Als je andere financiële instellingen kent die interessante functies via een iOS-app bieden, zeg het ons in de commentaren!

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


FileMaker 16's onzichtbare briljantie

  door William Porter: wp@william-porter.com
  2 reacties (Engelstalig)

[vertaling: LmR, PAB, TK, DPF]

Het net uitgebrachte FileMaker 16 is de meest significante update van het database-platform in ten minste 10 jaar tijd en toch hebben de meeste verbetering niets te maken met de belangrijkste producten van het bedrijf: FileMaker Go en FileMaker Pro. Dit zijn respectievelijk de mobiel- en de desktop-versie om FileMaker databases te draaien. Zeker, het bedrijf heeft beide verbeterd op een aantal zeer prettige manieren, maar het grote nieuws over deze versies zit hem in de technologieën die onzichtbaar zijn voor de eindgebruikers, te weten FileMaker Server, WebDirect en meer.

Vaarwel, Pro. Welkom, WebDirect! -- Laat ik eerlijk zijn ik ben een gecertificeerde FileMaker-ontwikkelaar en betalend lid van de FileMaker Business Alliance. Maar ik ben geen werknemer van FileMaker Inc. Ik ben een onafhankelijke ontwikkelaar die alleen voor zijn eigen cliënten werkt.

Een van de beste dingen aan FileMaker 16 is dat ik updates kan uitvoeren bij mijn gebruikers zonder dat zij het doorhebben. Tenminste, zij hoeven geen nieuwe versie van FileMaker Pro te installeren. Ik stuur ze eenvoudigweg een URL en verwijs ze allemaal naar het web, dankzij WebDirect.

FileMakers technologie WebDirect bestaat nu al een paar jaar. Toen die er net was, was hij wel aardig maar niet echt geweldig, maar nu benadert hij zijn wat ik "bruikbaarheidsequivalentie" noem met FileMaker Pro. WebDirect is een technologie die het normale FileMaker database-bestand vertaalt naar een HTML5-webpagina die gebruikers kunnen bekijken en waarmee ze kunnen werken via een webbrowser.

Een app in WebDirect ziet er bijna hetzelfde uit als wanneer deze in FileMaker Pro zou worden bekeken. De meeste van mijn cliënten merken het verschil niet, behalve dat ze hun FileMaker-app nu gewoon kunnen openen door een website te laden. Door WebDirect kan je webbrowser in een thin client voor FileMaker veranderen, iets waar velen al jaren op hebben gehoopt.

Maar de huidige versie, de vierde generatie van WebDirect, biedt niet alleen FileMaker-toepassingen aan die betrouwbaarder dan zijn voorgangers, maar ook een oplossing voor het probleem hoe je opgemaakte rapporten kunt genereren in een browser. Eerdere versies van WebDirect konden redelijk goed records weergeven en bewerken, maar waren beroerd om rapporten mee te genereren. Met FileMaker 16 ondersteunt WebDirect nu afdrukken via de browser en ook pdf's genereren, en de uitvoer is identiek aan wat je zou krijgen met FileMaker Pro. Je kan de server zelfs vragen om een pdf te maken en deze naar jou of een klant te sturen als e-mailbijlage. In de onderstaande schermafbeelding kan je mijn op FileMaker gebaseerde planprogramma bekijken, links via WebDirect en rechts dezelfde toepassing in FileMaker Pro.


Bijkomend voordeel van deze ontwikkelingen is dat ze goed werken op smartphones. FileMaker Go, het mobiele client-programma voor FileMaker-databases, is er alleen voor iOS. Maar WebDirect werkt ook op Android. In feite werkt het in vrijwel elke moderne browser, ongeacht het besturingssysteem. Ik heb dit niet geprobeerd, maar een bevriende ontwikkelaar wees erop dat er geen reden is waarom een WebDirect FileMaker-toepassing nu niet goed zou werken in Linux.

Maar WebDirect heeft de oorspronkelijke FileMaker-clients nog niet helemaal ingehaald. De gebruikerservaring via FileMaker Pro of Go is nog steeds rijker dan de gebruikerservaring in een webbrowser. Sommige toepassingen ondersteunen bijvoorbeeld sneltoetsen die niet in een webbrowser werken. En WebDirect is niet gratis. Client-verbindingen met de server via WebDirect kosten hetzelfde als client-verbindingen die zijn gestart vanuit FileMaker Pro.

En toch ben ik ervan overtuigd dat WebDirect de toekomst is van FileMaker-implementaties. En FileMaker Inc. lijkt grote plannen voor WebDirect te hebben. Een hint: FileMaker Server 16 kan vijf verschillende machines koppelen, zodat maximaal 500 gebruikers tegelijkertijd toegang hebben tot een bestand via WebDirect.

Nu we het toch over toegang hebben... -- FileMaker 16 ondersteunt OAuth, een open verificatie-protocol. Met de OAuth-ondersteuning kunnen gebruikers zich op FileMaker aanmelden via Amazon, Google of Windows Azure. Ik verwacht dat andere verificatie-diensten in de toekomst beschikbaar komen. Laten we hopen dat Apple uiteindelijk de ondersteuning voor OAuth breder zal maken. OAuth werkt zowel in WebDirect (dus in je browser) als in FileMaker Pro en Go.

Wanneer de FileMaker-server goed is geconfigureerd en een gebruikersaccount is aangemaakt voor OAuth, dan krijgt een gebruiker die de app wil gebruiken de kans om zich aan te melden met de gegevens van een van de hierboven vermelde accounts.


Eerst had ik gemengde gevoelens bij deze functie. In "Take Control of Your Passwords" raadt Joe Kissell aan om je accounts niet te koppelen op het internet, en ik volg zijn raad gewoonlijk wel op. Maar Google en consorten zijn vast beter op de hoogte van veiligheidsrisico's dan ik, en deze andere diensten bieden dubbele verificatie, wat heel goed is en niet mogelijk is met alleen de beveiligingsinstrumenten van FileMaker.

To Infinity and Beyond - Verificatie via Google is mooi, en toegang via WebDirect tot FileMaker-databases is zelfs nog beter. Maar FileMaker 16 bevat nog andere technische verbeteringen die zelfs nog ingrijpender zijn. Deze nieuwe "functies" zijn niet alleen inherent moeilijk om te bespreken (omdat ze, laat ons zeggen, moeilijk zijn), maar ik kan het er moeilijk over hebben omdat ze heet van de naald zijn. Net zoals de meeste andere ontwikkelaars begin ik nog maar pas te leren hoe ik ze kan gebruiken. Maar ik zal proberen uit te leggen waarom deze veranderingen zo veelbelovend lijken.

Vroeger vertrouwde FileMaker op oudere technologieën voor het uitwisselen van gegevens, zoals ODBC/JDBC, om gegevens te delen met andere databases dan FileMaker. De laatste jaren werd het bereik van FileMaker vergroot door middel van dure plug-ins. FileMaker biedt nu volledige native ondersteuning voor een reeks technologieën die algemeen op het actuele internet worden gebruikt om gegevens uit te wisselen en te manipuleren, zoals cURL, JSON en RESTful API's, waaronder ook de nieuwe FileMaker Data API.

FileMaker kan al enkele jaren een verzoek naar een bron op het internet sturen, gegevens ontvangen, en dat resultaat in een veld kopiëren. Dat ging goed voor eenvoudige query's, zoals bijvoorbeeld een afbeelding ophalen of de stad en staat voor een bepaalde postcode opzoeken. De nieuwe ondersteuning voor cURL URL-formateringsfuncties in FileMaker 16 zal ontwikkelaars in staat stellen om veel complexere query's te genereren (zoals parameters doorgeven aan een remote pagina) en zal er ook voor zorgen dat deze query's veiliger kunnen worden doorgestuurd omdat de cURL-parameters in transit zullen worden gecodeerd.

Ik verwacht ook dat de ondersteuning van FileMaker 16 voor JSON (JavaScript Object Notation) de manier waarop geavanceerde FileMaker-ontwikkelaars werken zal verbeteren. Een groot deel van het web deelt nu gegevens in het taalonafhankelijke gegevensformaat JSON, zodat toegang krijgen tot JSON in FileMaker en dit formaat kunnen manipuleren een grote stap vooruit is naar het efficiënt delen van gegevens met een enorme verscheidenheid aan externe, non-FileMaker sites. En zelfs voor wie geen interactie met een remote site nodig heeft, breiden de gegevensmanipulatiefuncties van JSON de mogelijkheden van FileMaker sterk uit.

Even belangrijk (maar nog moeilijker om nu op waarde te schatten) is de nieuwe FileMaker Data API (application programming interface). Bij FileMaker 16 kan een FileMaker-app niet alleen verbinding maken met andere diensten, maar kunnen andere diensten ook verbinding maken met FileMaker. FileMaker Inc. beschouwt FileMaker Data API tot eind 2018 als een proeffunctie. Maar volgens mij zullen op termijn zelfs eenvoudige websites gegevens kunnen ophalen uit FileMaker-databases en deze dynamisch kunnen weergeven, zonder PHP-scripts.

FileMaker is al lang een krachtig ontwikkelingsplatform voor applicaties en zal ongetwijfeld worden ingezet om veel zakelijke problemen op te lossen zonder het gebruik van cURL, JSON of de nieuwe FileMaker Data API. Maar ontwikkelaars die zich de moeite getroosten om deze nieuwe technologieën te leren, zullen zien dat zij nu dingen kunnen doen met FileMaker waarvan zij vroeger nauwelijks durfden dromen.

Vensters, dus -- Er zijn natuurlijk veel nieuwe mogelijkheden met een product zo complex als Filemaker. Ik sla bijna alle aankondigingen over die bedoeld zijn voor ontwikkelaars (zoals nieuwe functies, veranderingen voor Script Editor enzovoort). Je kunt de hele lijst met vernieuwingen nalezen op de website van Filemaker.

Ik wil wel twee veranderingen noemen die niet spectaculair zijn, maar wel welkom.

Ten eerste: FileMaker Pro 16 op Windows 10 ondersteunt nu SDI, de interfacebenadering voor een enkel document. FileMaker-vensters kunnen nu losstaan van het raamwerk van de applicatie, eigenlijk net zoals op de Mac. Ik geef bijna de voorkeur aan hoe het eruit ziet op Windows 10, hoewel ik een die-hard Mac-gebruiker ben. Dat is omdat ik op Windows 10 de menubalk kan verwijderen. De venster zien er dan eenvoudiger uit en moderner qua uiterlijk en gedrag.

Dat geldt ook voor het kaartachtige ontwerp van het nieuwe venster. Zo'n kaart heeft geen omlijsting of menubalk en kan zo ingesteld worden dat het venster erachter vaag gemaakt wordt. Daardoor kun je mooiere apps maken, maar je kunt bijvoorbeeld ook twee vensters met elkaar verbinden. Ik voorspel dat deze vensters populair gaan worden.


Onder de streep -- In de tachtiger en negentiger jaren bouwde FileMaker Pro een reputatie op als klantvriendelijke, makkelijk te gebruiken database. Of dat destijds werkelijk zo was, laat ik in het midden, maar de app heeft lang geen aandacht aan de gebruikers besteed. Ik vergelijk FileMaker soms met de gitaar. Het is eenvoudig om te leren "gitaarspelen" als je alleen maar "Louie, Louie" wilt kunnen spelen. Als je echter de Toccata van Sergio Assad wilt kunnen spelen (kijk eens naar de versie van David Russell), dan is de gitaar allesbehalve eenvoudig.

Zo is het ook met FileMaker. Natuurlijk kun je met de app een eenvoudige kerstlijst maken voor een gebruiker. Maar dat is als het gebruiken van een benzinegrasmaaier om het gras op je balkon te maaien.


Als je alleen maar een database voor een enkele gebruiker wilt, kun je beter iets als Knack of Airtable gebruiken. Met Airtable kan je in een paar minuten een database op je telefoon maken en delen met andere gebruikers. Als je niet al te veel wensen hebt, is Airtable bijna gratis. FileMaker, zoals wel zullen zien, is dat niet.

Maar als je gegevens wilt kunnen opslaan en gebruiken, een flexibele en creatieve toepassing wilt maken voor je gebruikers, of hoge eisen hebt op gebied van veiligheid en het maken van rapporten, wil je geen database kunnen bouwen, maar een app. En hier ligt Filemakers kracht, al kost het wat tijd om dat te leren zien.

Prijsstelling -- Hoeveel kost dat je dan? Een eenvoudige vraag, maar die heeft geen eenvoudig antwoord.

Met FileMaker 16 zullen de kosten variëren tussen de $ 5 en $ 15 per gebruiker per maand. Er zijn verschillende programma's verkrijgbaar, en of je bedrijfskosten dichter bij de $ 5 of $ 15 zitten hangt af van veel factoren, zoals het aantal licenties dat je nodig hebt. En er zijn ook kortingen voor gebruikers in het onderwijs en van non-profit organisaties.


De prijs hangt er bovendien ook voor een groot deel van af hoe je het programma wilt gebruiken: wil je updates (beveel ik aan) of wil je vaste licenties hebben voor een bepaalde versie en die blijven gebruiken? Wil je toepassingen alleen op desktop computers kunnen gebruiken of ook op smartphones en in webbrowsers? Worden de databases intern gehost of in de cloud?

Sommige van de aankoopmogelijkheden worden niet vermeld in de online store van FileMaker, dus je kunt het beste Filemaker bellen voor advies.

Zoals ik al zei: FileMaker is nu echt een omgeving voor database-ontwikkeling, geen database voor eindgebruikers. Filemaker richt zich met FileMaker 16 op WebDirect, ondersteuning voor OAuth en integratie van technologieën voor het internet, hoewel de desktop- en mobiel-versie van het hoofdprogramma FileMaker nauwelijks veranderd zijn.

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


TidBITS Volglijst: belangrijke software-updates, 12 juni 2017

  van de TidBITS-redactie: editors@tidbits.com

[vertaling: CC]

Boom 3D 1.0 -- Global Delight heeft Boom 3D geïntroduceerd, een nieuwe versie van zijn volumebooster- en equalizer-app (eerder Boom 2 genaamd) die nu een immersieve 3D virtuele surround audio-ervaring levert die is bedoeld voor gebruik met koptelefoons. Volgens het persbericht "kalibreert Boom 3D zelf naar het type Mac waar het op draait" om een gepersonaliseerde audio-ervaring te bieden. De app beschikt nu ook over een ingebouwde mini audio-speler waarmee je liedjes heen en weer kunt slepen om in surround sound af te spelen, volumeniveaubesturing op app-niveau en veel handgemaakte equalizer-voorinstellingen die je kunt zelf kunt afstemmen.

Boom 3D kost $ 16,99, maar Global Delight biedt voor een beperkte tijd 33 procent korting wanneer je het via de Global Delight website koopt. Bestaande Boom 2-gebruikers komen in aanmerking voor een korting van 60 procent via de Global Delight-winkel. Als je Boom 2 in de Mac App Store hebt gekocht, kun je contact opnemen met de Global Delight-ondersteuning met je aankoopbewijs om de upgradekorting te ontvangen. Een gratis proefperiode van 15 dagen is beschikbaar. ($ 16,99 nieuw bij Global Delight en de Mac App Store, $ 6,80 upgrade, 22.2 MB, toelichting, 10.10.3+)


Reacties - Boom 3D 1.0

GarageBand 10.2 -- Apple heeft GarageBand 10.2 uitgegeven met een verbeterde gebruikersinterface en heeft ondersteuning voor de 2017 MacBook Pro's Touch Bar toegevoegd. De update voegt ook drie nieuwe drummers toe die percussie spelen in pop-, songwriter- en latin-stijlen en biedt nieuwe drummer-loops die je kunt aanpassen voor jouw nummer. Je kunt nu ook nieuwe sporen toevoegen aan een bestaand project met GarageBand voor iOS op je iPhone of iPad. (gratis bij de Mac App Store, gratis update, 997 MB, 10.11+)

Reacties - GarageBand 10.2

Swift Publisher 5.0 -- BeLight Software heeft Swift Publisher 5.0 uitgegeven, een belangrijke upgrade voor de pagina-opmaak- en desktop publishing-software. Die is nu geoptimaliseerd voor MacOS 10.12 Sierra en beschikt over een stijlvol vernieuwde gebruikersinterface. Deze versie voegt ondersteuning toe voor de Touch Bar van de 2017 MacBook Pro, een nieuwe Spread Mode waarmee je twee pagina's op het scherm kunt bekijken en bewerken, ondersteuning voor Google Maps, integratie met Art Text 3 (dat je zult moeten kopen, zie "Art Text 3.2", 25 januari 2017), een verzameling artistieke 2D- en 3D-voorinstellingen voor kopteksten en nieuwe sjablonen voor tijdschriften, kranten, wenskaarten en formulieren.

Swift Publisher 5.0 heeft ook verbeterde prestaties bij het werken met grote documenten, voegt pixel- en pica-meeteenheden toe zodat je hulplijnen kunt positioneren door exacte coördinaten in te voeren, verbetert het werken met tekstblokken (inclusief de mogelijkheid om bestaande blokken te koppelen en te ontkoppelen) en repareert een fout waardoor onnodige tijdelijke bestanden zich na verloop van tijd opstapelden.

Eén licentie voor Swift Publisher 5.0 kost $ 19,99, met een upgrade van elke vorige versie van Swift Publisher voor $ 14.99. Als je het in de Mac App Store hebt gekocht, kun je de upgradeprijs krijgen via de BeLight Software-website door contact op te nemen met de verkoopafdeling van het bedrijf met je aankoopbewijs. Een extra's-pakket is ook beschikbaar voor $ 9,99 met meer dan 40.000 clipartafbeeldingen en 100 lettertypen. ($ 19,99 nieuw met 25 procent korting voor TidBITS-leden en in de Mac App Store, $ 14,99 upgrade, 368 MB, toelichting, 10.10+)

Reacties - Swift Publisher 5.0


ExtraBITS, 12 juni 2017

  van de TidBITS-redactie: editors@tidbits.com

[vertaling: LmR]

Deze week in ExtraBITS lijken bedrog-apps het grote geld te verdienen in de App Store, worden recensieverzoeken in iOS minder irritant, positioneert Apple de iPad voor een 'comeback' en kondigt het bedrijf de winnaars aan van de Apple Design Awards 2017.

Bedrog-apps verdienen veel geld in de App Store -- Hoe kan een app van een onbekende ontwikkelaar $ 80,000 per maand binnenhalen in de App Store? Johnny Lin zocht dit uit. De app "Mobile protection :Clean & Security VPN" belooft je iPhone te controleren op virussen en boosaardige software en vraagt het verbijsterende bedrag van $ 99.99 voor een abonnement van 7 dagen (het lijkt ondertussen te zijn verdwenen). Vanwege 'sandboxing' in iOS en andere veiligheidsmaatregelen is boosaardige software geen significant probleem in Apples mobiele besturingssysteem. Lin legt uit hoe onethische ontwikkelaars misbruik maken van het App Store-gereedschap en -beleid om onoplettende iOS-gebruikers uit te melken en hij komt met suggesties voor hoe Apple het probleem zou kunnen aanpakken. Het is onbegrijpelijk dat Apple dergelijke apps überhaupt heeft goedgekeurd - misschien is dit een neveneffect van de kortere beoordelingsperiode. Totdat Apple deze bedrieglijke apps verwijdert en het recensie-beleid verbetert, kan je maar beter vrienden en familie waarschuwen dat ze zich geen poot moeten laten uitdraaien!

Reacties

iOS app-recensieverzoeken worden minder irritant -- Veel apps zeuren gebruikers aan het hoofd om een recensie te schrijven in de App Store, wat nogal eens irritatie oproept. Apple heeft deze irritatie nu deels aangepakt door een eigen recensieverzoek-scherm te maken in iOS 10.3 en is nu zelfs zo ver gegaan om ontwikkelaars te verplichten deze te gebruiken. In Apple's versie mogen apps je maar drie keer per jaar om een recensie vragen, kan je nu een beoordeling in het scherm geven zonder de app te verlaten en als je eenmaal een beoordeling hebt gegeven, kan die app je nooit meer lastig vallen voor een beoordeling. In iOS 11 kan je zelfs deze minimale verzoeken uitschakelen.

Reacties

De comeback-tour van de iPad? -- Na een stormachtig begin zijn de verkoopcijfers van de iPad gekelderd. Apple-topmannen Craig Federighi en Phil Schiller kwamen bij BuzzFeed om te vertellen wat het bedrijf doet om de verkoop van de iPad weer te doen stijgen. Dat zijn onder andere het uitbrengen van goedkopere instapmodellen, de nieuwe 10.5-inch iPad Pro en de vele iPad-specifieke functies in iOS 11. Een aantal interessante weetjes: het heeft vier jaar geduurd om de nieuwe ProMotion-technologie in de nieuwe iPad Pro's te ontwikkelen en Apple vergelijkt tabletten nu met 'crossover voertuigen' en niet meer met auto's.

Reacties

Apple kondigt Apple Design Award 2017-winnaars aan -- Zoals ieder jaar heeft Apple wederom 12 apps bekroond met de prestigieuze Apple Design Awards. De winnaars van dit jaar zijn het e-mailprogramma AirMail 3, de foto-bewerker Enlight, het valuta-conversieprogramma Elk, de takenmanager Things 3, de recepten-app Kitchen Stories en de schrijf-app Bear, plus zes spellen. Felicitaties aan alle winnaars!

Reacties


Dit is TidBITS, een gratis wekelijkse technologie-nieuwsbrief met recent nieuws, bekwame analyse en grondige besprekingen voor de Apple internet-gemeenschap. Geef hem gerust door aan je vrienden; beter nog, vraag of ze een abonnement willen nemen!
Niet-winstgevende en niet-commerciële publicaties en websites mogen artikelen overnemen of een koppeling maken indien de bron duidelijk en volledig vermeld wordt. Anderen gelieve ons te contacteren. We kunnen de precisie van de artikelen niet garanderen. Caveat lector. Publicatie-, product- en firmanamen kunnen gedeponeerde merken zijn van hun ondernemingen.
Copyright 2017 TidBITS Publishing Inc. reuse governed by this Creative Commons License.
TidBITS Publishing: 50 Hickory Road, Ithaca, NY 14850, USA 607-216-8248

Vorige aflevering | Search TidBITS | Volgende aflevering
TidBITS English | TidBITS Nederlands