Vorige aflevering | Search TidBITS | TidBITS Homepage | Volgende aflevering

TidBITS Logo

TidBITS#1003, 9 november 2009

Net voor het ter perse gaan van deze editie (voorzover dat nog iets betekent in dit tijdperk van internet), bracht Apple Mac OS X 10.6.2 uit, waarin een hele reeks bugs en een groot aantal beveiligingsproblemen zijn verholpen. We bieden een korte voorbeschouwing. Hoewel sommige publicaties kennelijk een andere mening zijn toegedaan, is email nog lang niet op weg om uit te sterven en Adam legt uit waarom niet. Hij bekijkt ook hoe goed de 100.000 apps in de iPhone App Store het doen in vergelijking met de concurrentie en waarom de voornaamste hinderpaal voor de App Store mogelijk zijn grootte is. Joe Kissell bericht vanuit Parijs over de opening van de eerste Apple Store in Frankrijk en over kortingen op de Backblaze online backup-dienst. Glenn Fleishman signaleert de nieuwe Google Dashboard-dienst, die weergeeft wat Google over je weet en gaat diep in op de nieuwe trend voor 2D barcodes. Vergeet niet mee te doen aan de DealBITS-trekking voor een exemplaar van Labels & Addresses van BeLight Software! Bij de belangrijke software-releases deze week: Viewfinder 1.0, Captain FTP 6.2, MacSpeech Dictate 1.5.6, BBEdit 9.3, Sandvox 1.6.5, Kaspersky Anti-Virus For Mac 1.0, DiscLabel 6.1, BusyCal 1.0.3, Parallels Desktop 5, en TweetDeck 0.31.3.
 
Artikelen
 

De Nederlandse editie van TidBITS is een letterlijke vertaling van de oorspronkelijke Engelse versie. Daarom is het mogelijk dat een deel van de inhoud niet geldt in bepaalde landen buiten de VS.


Deze editie van TidBITS werd gedeeltelijk gesponsord door:
Help TidBITS te ondersteunen door onze sponsors te sponsoren!

Dit nummer werd uit het Engels vertaald door:

Verder werkten mee:

Hoe je ons kunt bereiken kun je lezen op:
<./tidbits-nl/contact.html>


Backblaze for Business biedt online back-ups voor vaste prijs

  door Joe Kissell <joe@tidbits.com>

[vertaling: RAW]

Leverancier van online back-up Backblaze heeft nu Backblaze for Business, waarmee professionele gebruikers van een onbeperkte hoeveelheid gegevens back-ups kunnen maken voor een jaarlijks tarief van $ 50 per computer. Eigenlijk betekent dit dat het bedrijf nu hun diensten voor bedrijven voor dezelfde prijs aanbieden die ze al voor particulieren hanteerden. Hoewel dat op het eerste gezicht niet vermeldenswaardig lijkt, rekent de concurrentie, met name de MozyPro-dienst van Mozy, een vaste prijs voor particulieren, maar een prijs per gigabyte voor bedrijven, waarmee de kosten van hun klanten mogelijk flink oplopen (en zijn ze onvoorspelbaar).

De software van Backblaze, die op Mac OS X en Windows draait, maakt voortdurend automatische back-ups van alle databestanden (maar kan worden ingesteld om bepaalde bestanden of bestandstypes over te slaan). Backblaze for Business-klanten kunnen ook de software voor het hele bedrijf vanaf één centrale locatie opstarten en beheren.

Ik juich deze stap toe, het zal een grote hulp zijn voor kleine bedrijven met een krappe beurs, maar ik zou ook graag zien dat Backblaze iets zou aanbieden zoals het Family Unlimited Plan van CrashPlan, waarin er een vaste prijs gevraagd wordt voor een onbeperkt aantal computers binnen één huishouden. (Met op dit moment vijf Mac onder handbereik vind ik back-upabonnementen per computer onredelijk duur.)

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


Mac OS X 10.6.2 pakt stapels bugs en beveiligingskwesties aan

  door Jeff Carlson <jeffc@tidbits.com>
  1 reactie (Engelstalig)

[vertaling: SL]

Apple heeft Mac OS X 10.6.2 uitgebracht, een tamelijk omvangrijke update van Snow Leopard die veel vlakken van het besturingssysteem raakt. Er zijn te veel veranderingen om op te noemen. Lees zelf maar de opsomming die Apple geeft van de veranderingen op de pagina "Over de Mac OS X v10.6.2-update". Lees ook de pagina met details over de verbeteringen aan de beveiliging in deze update.

De volgende belangrijke punten springen eruit:

Apple vertelde niet of het iets gedaan had aan het probleem in Snow Leopard met schermdelen, waardoor alle schermen op afstand zwart zijn totdat in het weergavemenu de kwaliteit opnieuw is ingesteld. (Zie "Fix Snow Leopard's Screen Sharing Black Screen Bug", 4 november 2009). We hebben nog geen bevestiging kunnen krijgen over een eventuele reparatie.

Slecht nieuws is dat de weeffout in Snow Leopard rondom Apple Events (die Matt Neuburg opspoorde in "Op zoek naar weeffout Apple events in Snow Leopard", 13 oktober 2009) er nog steeds in zit. Ook lijkt het erop dat de schermbeveiliger van Mac OS X 10.6.2 erg veel tijd nodig heeft om een lijst bestanden op te stellen als hij gericht wordt op een map of een mappen-hiërarchie met meer dan een paar duizend afbeeldingen. Dit in scherp contrast met talloze eerdere versies van Mac OS X.

Mac OS X 10.6.2 is te verkrijgen via Software-update of als twee zelfstandige downloads: de Mac OS X 10.6.2 Update is 473 MB en de Mac OS X 10.6.2 Update (Combo) is 479 MB. Zoals gewoonlijk is de Combo-update geschikt voor Mac OS X 10.6.0 en hoger en de gewone update alleen voor Mac OS X 10.6.1. Het kleine verschil in omvang heeft er waarschijnlijk mee te maken dat Mac OS X 10.6.1 een extreem kleine update was.

Verder kan de omvang van de update via Software-update sterk wisselen, afhankelijk van welke computer je hebt. Voor mijn 2,33 GHz MacBook Pro uit 2006 was een download van 499,9 MB nodig, tegenover een download van 157,7 MB voor mijn Mac mini van eerder dit jaar en voor de Mac Pro van begin 2008 van een collega.

Apple heeft ook Security Update 2009-006 Client (143 MB) en Security Update 2009-006 Server (231 MB) voor Mac OS X 10.5.8 uitgebracht. In deze updates zitten de talloze verbeteringen aan de beveiliging in Mac OS X 10.6.2, waarvan de koppeling hierboven staat. Zoals altijd zijn het reparaties van kwetsbaarheden voor kwaadaardig opgezette bestanden of websites.

Snow Leopard Server ondergaat ook allerlei reparaties van problemen bij het synchroniseren van de inhoud van Portable Home Directory, bij het gebruiken van de web-interface van iCal in bepaalde tijdzones, bij het gebruik van System Image Utility, bij het filteren op de server van binnenkomende e-mailberichten, bij het tegengaan van aanvallen met bruut geweld om wachtwoorden te raden, en meer. Zie de pagina "About the Mac OS X Server 10.6.2 Update" van Apple voor meer details. De delta update voor Mac OS X 10.6.1 is 496 MB groot. De Combo update is 503 MB.

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


Apple opent eerste winkel in Frankrijk

  door Joe Kissell <joe@tidbits.com>
  1 reactie (Engelstalig)

[vertaling: CS]

Parijs, mijn thuis sinds midden 2007, heeft bijna alles wat je zou wensen van een wereldstad: uitstekende restaurants, fameuze musea, markante architectuur, fantastisch openbaar vervoer en een rijke historie die duizenden jaren teruggaat. Meer dan slechts de hoofdstad van Frankrijk, is Parijs een cultureel en commercieel brandpunt, waar je het nieuwste en beste kunt vinden op het terrein van mode, entertainment en technologie.

In mijn beleving was er een enkele grote lacune: de afwezigheid van een Apple Store. Er zijn natuurlijk genoeg winkels die Macs verkopen, waaronder een flink aantal authorized resellers en service centers. Maar er was geen plaats waar je de nieuwste hardware en door Apple net uitgebrachte software gegarandeerd kon vinden en waar je zeker wist geholpen te worden door iemand die echt bij Apple in dienst is.

Dat wil zeggen, tot nu toe: op 7 november opende Apple eindelijk zijn eerste (en veelbesproken) winkel in Frankrijk, toevallig op loopafstand van mijn appartement. De winkel is gevestigd in het luxe winkelcentrum Carrousel du Louvre, dat onder de gigantische binnenplaats van museum het Louvre ligt. Krijg je genoeg van oude schilderijen, beelden en relikwieën, dan kun je je daar laten omringen door heel moderne kunst, zonder een voet in de buitenlucht te hoeven zetten.


Ik was graag samen met duizenden andere Parijse Macfans in de rij gaan staan voor de officiële opening op zaterdagochtend om 10 uur, maar ik had al een afspraak staan aan de andere kant van de stad en kon pas rond zessen bij de winkel zijn. Zelfs acht uur na de opening waren tientallen in het zwart geklede beveiligingsmensen nog doende de mensen buiten de winkel in een ordelijke rij te dirigeren, en binnen was het heel druk. We werden in groepen binnengelaten via een korte gang met aan weerszijden lachende en joelende Apple Store-medewerkers.

Afgezien van de Franse teksten op de borden en overige documentatie, leek de winkel nogal op de andere Apple Stores die ik heb bezocht. Verrassend veel vloeroppervlak was gewijd aan iPhones en iPods en verrassend weinig aan accessoires en producten van andere merken, waarschijnlijk een goede indicatie van wat de kassa doet rinkelen. (Ik heb wel een Magic Mouse en een hoes voor mijn nieuwe 13-inch MacBook Pro kunnen vinden, maar de keuzemogelijkheden op het gebied van hoezen en randapparatuur was een stuk kleiner dan ik gewend ben in Apple Stores.) De enorme Genius Bar draaide op volle toeren, bij de kassa afrekenen ging snel en efficiënt, ondanks de drukte en de atmosfeer straalde alle klasse en efficiency uit die je zou verwachten.

Parijs is groot en gevoelig voor stijl en deze specifieke locatie is heel populair, daarom verwacht ik een constante drukte in deze winkel. Voor rustiger winkelen blijf ik dus trouw bezoeker van de Franse Apple Store online. (Nog een voordeel van online winkelen: je kunt je nieuwe Mac (zelfs een laptop) naar keuze met een Frans, Amerikaans Engels, of internationaal Engels toetsenbord krijgen.) Wel zal ik deze Apple Store weten te vinden wanneer een van mijn Macs een servicebeurt nodig heeft, of voor het kopen van software, iProducts of accessoires. Ik hoop dat er nog vele Apple Stores in Parijs en heel Frankrijk zullen volgen. (De tweede Apple Store in Frankrijk opent in Montpellier op 14 november en naar verluidt opent de volgende Parijse vestiging midden 2010.)

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


Google laat je zien wat het over jou weet

  door Glenn Fleishman <glenn@tidbits.com>

[vertaling: JWB]

Met het nieuwe Google Dashboard heeft Google weer een stap gezet richting transparantie omtrent hoe het alle informatie gebruikt die het over je verzamelt en die je het laat beheren. Die ene lokatie toont een samenvatting van de gegevens die zijn opgeslagen voor de meeste diensten die Google uitvoert voor een specifieke account die je er hebt (ik heb er twee om structurele en historische redenen).

Elke dienst toont een samenvatting van de belangrijkste informatie, zoals de verschillende emailadressen die zijn gekoppeld aan een Google Account of instellingen voor je Google agenda en koppelt deze aan beheersfuncties en het privacy en/of beveiligingsbeleid voor deze dienst.


Hoewel dit los staat van wat er allemaal speelt rondom de kolossale hoeveelheden gegevens en opslag die Google afhandelt, krijg je zo een aardig idee wat we het bedrijf allemaal laten doen en kun je, met een paar klikken, iets van die informatie uit de boeken wissen.

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


DealBITS-verloting: win een exemplaar van Labels & Addresses 1.3.3

  door Adam C. Engst <ace@tidbits.com>

[vertaling: LmR]

Toen TidBITS-eindredacteur Jeff Carlson vorig jaar begon aan zijn kerstkaarten kwam hij meteen in de problemen omdat Apple's Adresboek, hoewel uitstekend in het opslaan en weergeven van gegevens op de Mac en de iPhone, serieus in gebreke blijft als het gaat om het afdrukken van adresetiketten. Het probleem is simpel, Addresboek wil het liefst dat je iedereen een eigen kaart toekent maar mailingen zoals kerstkaarten moeten vaak aan koppels of hele gezinnen worden gestuurd en Adresboek heeft geen mogelijkheid om echtgenoten samen te voegen in een enkel label of een aan te maken voor een gezin.

De oplossing die Jef hiervor vond was BeLight Software's Labels & Addresses, voorheen Mail Factory (zie "Labels & Addresses maken kerstkaarten weer behapbaar", 12 december 2008). Dit programma heeft een aanzienlijk meer mogelijkheden voor het maken van etiketten dan Adresboek en kan kan etiketten maken voor samengevoegde echtpaarnamen of alleen de familienaam gebruiken. Labels & Addresses maakt het eigenlijk gemakkelijk om adresgegevens te importeren uit een keur van bronnen, eigen lables, ansichtkaarten en enveloppen (met barcodes) te maken en af te drukken op allerlei standaarden en labelprinters. Labels & Addresses kan zelfs zelfs unieke serienummers en lootjes aanmaken en afdrukken.

Deze week geven we drie exemplaren weg van Labels & Addresses 1.3.3 (Snow Leopard compatibel) ter waarde van $ 49.95, dus doe mee op de DealBITS-pagina (Engelstalige link). Alle informatie die wordt vergaard valt onder onze privacy policy. Bedenk ook deze keer dat als iemand die jij verwezen hebt wint, jij dezelfde prijs krijgt als dank voor de mond-op-mondreclame.

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


App Store omvang: Vergelijkingen en uitdagingen

  door Adam C. Engst <ace@tidbits.com>
  9 reacties (Engelstalig)

[vertaling: JWB]

Apple heeft medegedeeld dat in de App Store nu meer dan 100.000 titels verkrijgbaar zijn, waarmee het de grootste programmawinkel ter wereld is.

Om die claim te verifiëren, bezocht ik de programmawinkels van de belangrijkste concurrenten van de iPhone: Android-gebaseerde smartphones van verschillende bronnen, RIM's BlackBerry, Nokia's smartphones, en de Palm Pre en Pixi. Hier is de vergelijking:

Het is duidelijk, Apple's App Store is met afstand de grootste, ruwweg 8 keer de omvang van de Android Marketplace en flink wat groter dan de rest.

Het is moeilijk de exacte aantallen voor Nokia's Ovi Store vast te stellen, omdat het apps groepeert per mobiele telefoon die ze ondersteunen en voor geen enkel model dat ik controleerde waren meer dan 750 apps en 450 spellen verkrijgbaar. In de categorie "Any Phone" waren echter meer dan 1.384 apps en 1.232 spellen, er zijn duidelijk wat compatibiliteitsproblemen die verhinderen dat een willekeurige telefoon alle verkrijgbare apps kan gebruiken.

Het aantal apps voor de Palm Pre en de verwachte (op 15 november 2009) Palm Pixi lijkt beperkt, maar toegang tot de Palm App Catalog is beperkt gedurende een beta periode die eindigt in december 2009. Daarna is Palm van plan het Palm webOS-ontwikkelaarsprogramma open te stellen en het aantal apps in de Palm App Catalog zou dan aanmerkelijk moeten groeien.

Natuurlijk is grootte niet alles. De echte test van Apple's model voor de iPhone en de App Store zal komen wanneer die andere app stores volwassen zijn geworden en ontwikkelaars kunnen bepalen welke platforms het meest winstgevend zijn. Apple mag dan 100.000 apps in de App Store hebben met meer dan 2 miljard downloads, maar veel van die apps zijn vrijwel nooit gedownload en van de apps die dat wel zijn weet slechts ongeveer 1 procent op lange termijn een publiek aan zich te binden, volgens Pinch Media's statistieken.

Zullen die andere platforms meer rendement opleveren voor ontwikkelaars? Momenteel heeft de App Store het moeilijk op dit vlak. Alan Oppenheimer van Open Door Networks, mede-ontwikkelaar van de schokkend populaire Envi Web-image diashow apps, vertelde me, "De App Store is een soort verkeers-paradox: de wegen zijn zo vol dat niemand er op wil rijden".

Apple mag dan juichen over de grootte van de App Store, maar grootte is ook de grootste uitdaging van de App Store. Het is vaak onmogelijk om apps te vinden in de App Store en hoewel Apple geprobeerd heeft iets aan dit probleem te doen, zijn de indeling en vindbaarheid nauwelijks verbeterd sinds de lancering van de App Store.

Zelfs nu, als je bijvoorbeeld zoekt naar "race timer" in de App Store app op de iPhone krijg je twee resultaten te zien, terwijl dezelfde zoekwoorden opgegeven via iTunes resulteren in 22 resultaten, waaronder een app genaamd "RaceTimer" die niet voorkomt bij de resultaten van de app op de iPhone. Of, nog even verder sniffelen, probeer eens te zoeken naar apps met het woord "dog" in iTunes, en kijk hoeveel resultaten dat oplevert (ongeveer 800). Vergelijk dat eens met een zoekactie naar het woord "dogs" (misschien 150 of zo).

Categorisatie blijft moeizaam, en is zo mogelijk nog waziger geworden met iTunes 9 en de nieuwe iTunes Store interface, die het kleine beetje organisatie dat de App Store had nog lijkt te verbergen. De truc is om je muis te bewegen over de App Store-"knop bovenin het iTunes Store venster; er verschijnt dan een neerwaarts wijzende driehoek die aangeeft dat de knop in werkelijkheid een menu is, en als je er op klikt zie je de 20 verschillende categorieën. Van die categorieën biedt alleen Games subcategorieën (19 stuks, waaronder Action, Adventure, Arcade, Board, etc. [dit geldt alleen voor de Amerikaanse App Store, in de Nederlandse App Store zijn deze subcategorieën niet als submenu zichtbaar, nvdv]. Maar je zou denken dat de categorie Reizen, die meer dan 7.000 apps bevat, ook op die manier zou kunnen worden onderverdeeld.


Apple vraagt ontwikkelaars om trefwoorden die hun apps beschrijven, maar hoe die informatie precies wordt gebruikt blijft onduidelijk en uitermate controversieel. Sommige ontwikkelaars melden zelfs dat downloads van hun apps abrupt werden onderbroken na het invoeren van trefwoorden, en ik heb gehoord dat Apple van plan is om regelmatig de manier te veranderen waarop de zoekmachine van de App Store trefwoorden gebruikt, waardoor het moeilijk wordt om functionele strategieën op te stellen.

Los van de manier waarop Apple nu gebruik maakt van trefwoorden, maken ze dit duidelijk niet kenbaar aan gebruikers op een wijze waar je iets kunt hebben. Ik zou me een progressief navigeerbare wolk van trefwoorden kunnen voorstellen, waar het klikken op een trefwoord (hond) een andere wolk van trefwoorden zou tonen die is samengesteld uit trefwoorden die de apps gemeenschappelijk hebben die hetzelfde trefwoord delen (training, plaatjes, fluiten, gezondheid), enzovoorts. Die suggestie zou wel eens lastig kunnen zijn, maar je kunt moeilijk stellen dat de App Store nu niet lastig is, en Apple zou er goed aan doen om te beginnen met wat voor additionele metadata ze ook hebben kenbaar te gaan maken aan gebruikers.

Eerlijk gezegd zie ik nog niet gebeuren dat Apple de App Store zal laten bezwijken onder haar eigen gewicht, maar met al die andere app stores die nu online komen en steeds meer aandacht krijgen, wordt het hoog tijd dat Apple deze problemen op gaat lossen.

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


Waarom e-mail de koning van internetcommunicatie blijft

  door Adam C. Engst <ace@tidbits.com>
  7 reacties (Engelstalig)

[vertaling: TK, LmR, RAW]

Het meest recente verhaal over "het einde van e-mail" begon met een artikel in de Wall Street Journal door Jessica Vascellaro met als titel "Why Email No Longer Rules… And what that means for the way we communicate." (Waarom e-mail niet langer meer toonaangevend is… en wat dat betekent voor de wijze waarop we communiceren.) Het artikel vermeldt dat een toenemend aantal mensen (en dan vooral jongeren) liever Facebook en Twitter en chatten en sms gebruiken in plaats van e-mail.

Maar zoals zoveel artikelen die het einde van e-mail voorspellen (of zelfs e-mail afdoen als ware het er al mee afgelopen), gaat ook dit artikel voorbij aan enkele belangrijke punten waarom e-mail in de nabije toekomst nog zal blijven bestaan (en waarom het nu zelfs niet tanende is).

Het draait allemaal om twee simpele feiten: e-mail is gebaseerd op open standaarden en het is de kleinste gemene deler voor internetcommunicatie. Om e-mail te vervangen moet een communicatiesysteem zowel openheid als alomtegenwoordigheid bieden en niets van wat tegenwoordig bestaat komt zelfs maar in de buurt.

Open standaarden -- E-mail bestaat al sinds het prille begin van het internet en zelfs nog voor het internet wanneer je weet dat het eerste intra-computer e-mailsysteem al ontstond aan het MIT in 1965 en Ray Tomlinson van BBN erkend wordt voor het eerste inter-computer e-mailsysteem in 1972. Sinds het begin op het internet, zijn de basisstandaarden van e-mail wel wat veranderd, maar ook weer niet zoveel. De grootste verandering in e-mail had te maken met betere prestaties en schaalbaarheid, terwijl trouw werd gebleven aan de basisstandaarden inzake interoperabiliteit.

Open standaarden zijn belangrijk omdat om het even welke programmeur, een nieuwe e-mailserver of client kan schrijven (in het jargon ook wel een "mail transport agent" of "mail user agent" genoemd). Over de jaren zijn al honderden e-mailservers en clients ontwikkeld voor elk bekend besturingssysteem en ofschoon er altijd wel kleine compatibiliteitsproblemen zijn geweest, betekent het feit dat deze programma's trouw bleven aan de open standaarden die internet e-mail definiëren dat om het even welke client met om het even welke server kan werken en alle servers kunnen met elkaar communiceren. Interoperabiliteit is het sleutelwoord.

(We moeten wel zeggen dat zowel Facebook als Twitter een open API bieden waarmee programmeurs programma's kunnen schrijven die met deze diensten werken, maar op een heel ondergeschikte manier. Niemand kan een eigen Twitter- of Facebook-server schrijven, al bestaat er wel een open-sourcepoging om Twitter opnieuw te maken, met de naam StatusNet.)

Omdat het gebaseerd is op een gezond ecosysteem van clients en servers die communiceren met behulp van open standaarden, beschikt e-mail over twee voordelen t.o.v. Twitter en Facebook.

Het eerste en belangrijkste is dat ondernemingen en overheidsorganisaties de controle moeten behouden over hun eigen communicatie, met zo weinig mogelijk tussenpersonen om te voorkomen dat buitenstaanders vertrouwelijke communicatie te zien krijgen. Kun je je voorstellen dat ingenieurs van Apple de volgende iPhone bespreken via Facebook? Waarom denk ik dat dat een dringende reden zou zijn?

Het tweede is dat een ecosysteem dat gebaseerd is op open standaarden geen bepaald zwak punt heeft. Twitter crasht regelmatig, zij het minder dan vroeger en ik heb dan wel de indruk dat Facebook betrouwbaarder is, maar het is af en toe ook al onbereikbaar geweest.

Een bepaald zwak punt bestaat ook op het ondernemingsniveau. Twitter heeft geen bewezen zakenmodel, laat staan winst, en ofschoon Facebook dan wel geld verdient door reclame op de site, is hun cash-flow nog maar onlangs positief, een stap in de richting van winst maken. Ondernemingen zetten geld in op grote, rendabele ondernemingen die blijven bestaan (denk maar aan het toegenomen gebruik van Google Apps in de zakenwereld) maar geen enkele onderneming met gezond verstand zal zijn essentiële communicatiediensten toevertrouwen aan een partner die niet alleen niet rendabel is, maar zelfs geen bewezen zakenmodel kan bieden.

Dit gezegd zijnde, met 300 miljoen regelmatige gebruikers van Facebook en nog eens 30 miljoen van Twitter, zou het mij eindeloos verbazen als één van deze twee bedrijven volledig zou verdwijnen. Een of ander megabedrijf met diepe zakken zoals Google of Microsoft zou ze maar al te graag inlijven als ze er niet zouden in slagen om voldoende inkomsten te genereren om te overleven.

Kortom, eigen diensten zijn onderhevig aan allerlei problemen die maar een klein deel van de gebruikers van een open standaard zoals e-mail kunnen beïnvloeden.

Kleinste gemene deler -- Laten we wat dieper op de materie ingaan. De open standaard van e-mail en het ecosysteem dat er dientengevolge omheen is ontstaan, zorgen ervoor dat e-mail vandaag de dag de kleinste gemene deler is bij één-op-één en één-naar-velen communicatie via internet. Daar staat tegenover dat Twitter en Facebook en dergelijke, juist gesloten diensten zijn.

Een voorwaarde bij communicatie is dat twee partijen een gezamelijk kanaal moeten vinden, wil er communicatie kunnen optreden. Of dat nou twee personen zijn die een gezamelijk taal moeten vinden of twee modems die het snelst mogelijke gezamenlijke protocol moeten afspreken (herinner je je nog dat geluid dat modems maakten voordat je verbinding had?), het vaststellen van een gezamelijk communicatiekanaal is hierbij noodzakelijk.

Dus als we het hebben over internetcommunicatie heeft Facebook misschien wel 300 miljoen gebruikers maar dat is slechts een fractie van de 1,4 miljard mensen die toegang hebben tot internet. Sterker nog, zelfs de vier grootste e-mailsystemen samen, Yahoo Mail, Hotmail, Gmail en AOL, hebben waarschijnlijk niet meer dan 650 miljoen gebruikers. Bovendien denk ik dat er nog veel meer e-mailgebruikers zijn op kleinere systemen.

Eigenlijk heeft iedereen die betaalt voor een internetverbinding, of dit heeft via school, werk of een overheidsinstelling een e-mailadres. Waarbij de grote uitzondering die ik kan bedenken, waarschijnlijk de kinderen zijn die de verbinding van hun ouders gebruiken. Dat e-mail de kleinste gemene deler van de internetcommunicatie is, houdt dan ook de volgende vijf dingen in:

Ik zeg niet dat e-mail de best denkbare oplossing is in al deze gevallen maar wel dat het op dit moment de beste en meest wijdverbreide methode is in deze situaties. Bovendien ziet het er naar uit dat Twitter en Facebook voorlopig nog wel blijven. Nieuwe en oude technologiën kunnen doorgaans prima en langdurig naast elkaar bestaan tenzij een ervan de ander volledig kan vervangen. E-mail en SMS-berichten hebben de noodzaak van veel telefoongesprekken weggenomen maar niemand gelooft dat telefoongesprekken hierdoor niet meer voorkomen.

E-mail verbeteren -- Hoewel ik beweer dat e-mail niet zal verdwijnen in de nabije toekomst, denk ik ook dat internet-communicatiesystemen zich zullen moeten ontwikkelen om de hoofdeigenschappen van e-mail te combineren met de lessen die we geleerd hebben van Facebook en Twitter, en tegelijkertijd de problemen zullen moeten oplossen waar e-mail mee worstelt.

De belangrijkste manier waarop Twitter en Facebook verschillen van e-mail is dat ze grotendeels vanuit het blogconcept geëvolueerd zijn. E-mail is in essentie een medium voor tweerichtingscommunicatie, waarin je een vrij aardig idee hebt van wie leest wat je schrijft, terwijl bloggen een medium voor publicaties is waarbij je publiek jou grotendeels onbekend is.

Het geniale van Facebook en Twitter is dat ze publiceren combineren met tweerichtingscommunicatie; bij beide kun je iets schrijven dat al je vrienden of volgers kunnen lezen, of je kunt een bericht richten tot een specifieke persoon of groep mensen (dit laatste is lastiger in Twitter, maar het is mogelijk; dat is een artikel op zich).

En eigenlijk is het specifiek geniale van Twitter ten opzichte van Facebook dat het beter voldoet aan het blog-publicatiemodel door asymmetrisch volgen mogelijk te maken. Dat wil zeggen, ik kan wielrenner Lance Armstrong volgen omdat ik geïnteresseerd ben in wat hij te zeggen heeft, maar Lance hoeft mij niet te volgen.

Dat is een veel comfortabelere aanpak van relaties dan op Facebook, waar mensen die willen volgen wat ik te zeggen heb automatisch mijn "vrienden" moeten zijn en door ze toe te staan om eenvoudig te lezen wat ik schrijf, moet ik mijzelf ook openstellen voor wat zij schrijven. Het feit dat Facebook de mogelijkheid heeft moeten toevogen om updates van bepaalde mensen en applicaties te verbergen geeft al aan dat hun systeem niet echt goed de manier weerspiegelt waarop relaties in werkelijkheid werken.

Wat daar nog het dichtst bij komt tegenwoordig, zou ik zeggen, is Googles Gmail, dat probeert om opnieuw uit te vinden waar e-mail eigenlijk over gaat. Het webinterface van Gmail beschouwt e-mail als een voortdurende stroom van informatie en de beperkte tekstbewerkingsomgeving stimuleert het soort snelle, korte antwoorden dat je ziet op Facebook en Twitter. Bovendien geeft de benadering van het groeperen van berichten binnen dezelfde conversatie dezelfde soort historische context als Facebook-berichten met hun commentaren en met de over het algemeen niet zo goed ontwikkelde discussielijnen die sommige Twitterclients bieden.

Natuurlijk is Gmail een dienst, het heeft last van een gebrek aan controle en is ook enigszins kwetsbaar voor het probleem dat het falen van één onderdeel alles plat kan leggen. Maar omdat het ook de open standaarden van e-mail ondersteunt, kun je altijd overstappen op een ander programma of zelfs op een andere internetprovider. En Google is tenminste een groot, winstgevend bedrijf dat niet zonder waarschuwing kan verdwijnen.

Hoewel het nog niet voor iedereen beschikbaar is, probeert Google Wave een nog ingrijpender herziening uit van hoe we op het internet communiceren. De vraag is, kan Google Google Wave zo generiek en open maken dat het in de buurt kan komen van de alomtegenwoordigheid van e-mail? Of misschien zal Google Wave klassieke e-mail absorberen en zijn nieuwe ideeën bovenop de oudere protocollen bouwen, zodat het compatibel blijft met de oude methoden?

Hoe dan ook, de andere grote uitdaging die e-mailsystemen vaak proberen te negeren is spam. De verregaande openheid van e-mail heeft gemaakt dat het misbruikt wordt op manieren die of moeilijk te repliceren zijn in Facebook en Twitter, of programmeurs bij die diensten hebben kunnen tegenhouden, dankzij de volledige controle over de programmering van het systeem. Spamfiltersoftware op zowel het server- als clientniveau is verbeterd, zodat het mogelijk is om te voorkomen dat je veel spam in je binnenkomende postbus ziet, maar het is nog steeds gebruikelijk dat er af en toe een legitiem bericht het slachtoffer wordt van een overenthousiast spamfilter.

Zullen e-mailsystemen zich ontwikkelen om aan deze behoeften te voldoen? Of zullen we gewoon de oude protocollen, servers en clients blijven repareren, omdat we de wilskracht niet hebben om een belangrijke verandering door te drukken die de dagelijkse e-mailcommunicatie over het internet zou verstoren? Ik zet mijn geld in op het laatste, en dat is jammer, omdat ik, hoewel ik e-mail nog niet snel zie verdwijnen, het zich graag zou zien verbeteren en leren van modernere diensten als Facebook en Twitter.

Oh, en dat Wall Street Journal-artikel dat het einde van de heerschappij van e-mail als de koning van internetcommunicatie voorspelt? Het veelzeggendste deel komt aan het einde, in het onderschrift, dat het ultieme bewijs geeft waarom e-mail nog lang niet van het toneel verdwenen is. Hoe anders zou je contact moeten opnemen met Wall Street Journal-verslaggevers?

-Mevr. Vascellaro is vaste verslaggever op de San Francisco-afdeling van The Wall Street Journal. Ze is bereikbaar op [redacted]@wsj.com

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


Wie niet weg is is gezien in 2D!

  door Glenn Fleishman <glenn@tidbits.com>
  14 reacties (Engelstalig)

[vertaling: HV, DPF]

Als je rechtsboven in de banner van een TidBITS artikelpagina kijkt zie je daar een vierkant met witte en zwarte vlakjes. Dat nu is een tweedimensionale streepjescode, een mengeling van verleden en toekomst. Deze machine-leesbare code kan een verbinding vormen tussen zaken die we zien en acties die we kunnen of willen uitvoeren op een computer of draagbaar apparaat. Je zou bijvoorbeeld een foto van zo'n 2D-streepjescode van één van onze artikelen kunnen maken met een app op je iPhone, om daarmee de URL van het artikel in je iPhone op te slaan.

Een 2D-streepjescode, ook wel een 2D-"label", of -"code", of ook -"matrix" genoemd, kan een behoorlijke hoeveelheid informatie coderen en wordt over het algemeen gebruikt (meestal door er een foto van te maken) om een website te laten zien of een stukje tekst te tonen. De meestgebruikte open standaarden, QR Code (dat wij gebruiken) en Data Matrix, coderen tekst of URL's in hun matrix. Iedereen kan zonder daarvoor rechten te hoeven betalen codes in deze standaarden genereren. (De rechthebbenden van deze formaten hebben beloofd daar geen geld voor te vragen, maar behouden wel het intellectueel eigendom).

Image

Image

Image

Hoe groter de matrix, hoe meer informatie hij kan bevatten, tot enkele duizenden tekens bij een grote matrix. En voor een korte URL of een MMS-nummer heb je maar een heel klein labeltje nodig. Ook kun je verschillende niveaus van fouttolerantie inbouwen, waarmee je bijvoorbeeld vervormingen die optreden bij het afdrukken van de code, of bij het fotograferen met een lage-resolutie camera kunt ondervangen, de mate van fouttolerantie beïnvloedt de grootte van de matrix. Verder kun je de codes in groter of kleiner formaat afdrukken, maar als hij te klein wordt wordt het lezen ervan met een eenvoudig cameraatje in een mobiele telefoon wel moeilijk.

Er zijn ook niet-openbare formaten, zoals die van Scanbuy, Microsoft (Microsoft Tag) en JagTag; die coderen een getal dat kan worden opgezocht in een database die door de beheerder van het formaat wordt onderhouden. Het opzoeken van dit getal kan vervolgens leiden tot een actie als het ophalen van een web-pagina of afbeelding, het toevoegen van een afspraak aan een agenda, of het versturen van een MMS aan de opvrager van de code. Omdat het label uitsluitend een getal codeert kan het klein blijven, en daarmee beter bestand zijn tegen slechte opnameomstandigheden.

Je komt deze 2D-labels inmiddels overal tegen (in de Sports Illustrated, bij de Zwitserse spoorwegen en op blikjes drinken) en wij willen graag meedoen, om te zien of het iets wezenlijks kan toevoegen aan ons aanbod. Natuurlijk zijn er andere mogelijkheden om de URL van een TidBITS-artikel van je Mac op je iPhone te krijgen, maar het simpel fotograferen van een 2D-code die je op je scherm ziet lijkt ons een van de efficiëntere. Maar laten we vooral afwachten wat jullie er van vinden.

Oplettende lezers denken nu wellicht aan het CueCat-systeem, waarbij ze zich afvragen of dit niet de zoveelste versie van een reeds mislukt systeem is. CueCat was echter een star, computer-gebonden systeem, dat uitsluitend bedoeld was voor reclame en drukwerk. Bovendien gebruikte CueCat gewone streepjescodes, waarbij de informatie in de breedte van de streepjes gecodeerd wordt. 2D labels hebben veel meer mogelijkheden, kunnen veel meer informatie bevatten en zijn voor iedereen bruikbaar, zonder daarvoor licentierechten te moeten betalen of toestemming te moeten verkrijgen.

Bovendien had je voor CueCat een apart, kostbaar apparaat nodig dat je als mogelijke gebruiker zelf moest aanschaffen; daarentegen heeft vrijwel iedereen tegenwoordig een mobiele telefoon met een ingebouwde camera.

Maar genoeg gezeurd; hoe kun je met een iPhone en andere mobiele telefoons nou gebruik maken van die 2D-labels? Dat zal ik je vertellen en ik zal gelijk ingaan op de geschiedenis en de toekomst van het systeem. (Je kunt natuurlijk ook het artikel dat ik voor de Economist schreef lezen; dat bevat meer details over de techniek en de zakelijke aspecten van 2D-labels)

Hoe gebruik ik een 2D-label? -- Om onze QR-codes te gebruiken heb je een telefoon nodig waar je een programmaatje op kan zetten dat die codes kan lezen; er zijn verschillende aanbieders van zulke programmaatjes; voor alle smartphones en voor veel gewone telefoons die op J2ME (Java) of Brew draaien zijn er programma's beschikbaar. Je telefoon moet, uiteraard, ook een camera hebben en een data-verbinding zodat je het internet op kunt.

De camera in je telefoon moet een label op korte afstand redelijk scherp kunnen weergeven, zodat de pixels in het beeld voldoende nauwkeurig herkend en het label gedecodeerd kan worden. De iPhone en iPhone 3G zijn notoir slecht in het herkennen van 1D-streepjescodes, omdat ze op de vereiste afstand geen scherp beeld kunnen vormen, maar 2D-labels kunnen ze meestal wel herkennen. Met de iPhone 3GS kun je zowel 1D- als 2D-streepjescodes goed herkennen, omdat er een veel betere camera in zit.

Scanbuy levert programmatuur die zowel hun eigen code als de veelgebruikte open standaarden kan herkennen. Het bedrijf biedt heldere aanwijzigen en downloads, waarmee hun programmatuur op veel verschillende telefoons en vrijwel alle moderne smartphone geïnstalleerd kan worden. De software is bovendien gratis.

QuickMark levert een groot aantal betaalbare programmaatjes om labels te lezen voor veel verschillende apparaten. Ik kocht hun programma voor de iPhone, waarmee je 1D-streepjescodes, die je bijvoorbeeld op boeken en consumentenartikelen vindt en een groot aantal 2D-codes kunt lezen. Het is op dit moment in de aanbieding in de App Store (voor 99 dollarcent; normale prijs is 2,99 dollar).

Een van de bedrijven die aan de wieg stond van de Japanse revolutie die ik later zal bespreken, te weten 3GVision, levert programmatuur voor vrijwel alle wereldwijd verkrijgbare telefoons en heeft zojuist ook een, gratis, app voor de iPhone het licht doen zien. Het programma, genaamd i-nigma ziet er uit als een slecht Windows programma, maar kan alle populaire 1D- en 2D-formaten lezen.

Je kunt ook je eigen 2D-labels maken. QuickMark heeft een website waar je labels in verschillende formaten kunt maken en de iPhone-app van QuickMark kan adresinformatie, of ingetypte tekst omzetten in een 2D-label. Kaywa, een Zwiters adviesbureau dat gespecialiseerd is in 2D-labels heeft een QR Code-maker. (Kaywas websites bieden veel informatie over 2D-labels; je kunt de ontwikkelingen op dit gebied hier goed volgen)

Microsofts slimme en kleurrijke bijdrage aan het 2D-labellandschap biedt de mogelijkheid om informatie compacter en fraaier op te slaan; je hebt wel specifieke Microsoft programmatuur nodig; deze is gratis beschikbaar voor Windows Mobile, iPhone, BlackBerry, Symbian S60, en Java (J2ME) telefoons.

Microsoft Tag wordt nog niet veel gebruikt, maar de Reus uit Redmond laat je zijn formaat gratis gebruiken. De kleine afmetingen van een Microsoft Tag en de mogelijkheid om het te verwerken in een kleurenontwerp maken het bij uitstek geschikt om op producten aangebracht te worden.

De nieuwste code-mode? 2D-labels maakten furore in Japan in de vroege jaren 2000, toen mobiele-telefoniebedrijven (die het gebruik van mobieltjes als webbrowser wilden stimuleren) samen met fabrikanten van handcomputers en met adverteerders een volledig systeem ontwikkelden. Telefoons werden uitgerust met camera's en software om zulke labels eenvoudig te kunnen scannen en adverteerders maakten van het systeem gebruik in oproepen aan het publiek.

Volgens een recent onderzoek hebben ongeveer 50 miljoen mobiele-telefoongebruikers van 2D-labels gehoord en er wel eens gebruik van gemaakt. Als je een krantenartikel of tijdschrift leest, iets interessants opmerkt op een billboard of in een advertentie, of zelfs iemand signaleert met een gaaf label op T-shirt of sjaal, maak je een kiekje en je hebt meteen verbinding met datgene waar het label voor staat. Er is zelfs een tijdschrift geweest dat volledig bestond uit koppelingen via 2D-labels naar gratis materiaal, zoals ringtonen en kortingsbonnen voor een product in een winkel.

Een goed voorbeeld hoe in Japan de labels gebruikt worden buiten advertenties en kortingsbonnen is iemand die een artikel leest op de bureaucomputer en halverwege weg moet. Ze maakt een kiekje van het 2D-label, waardoor de pagina op haar mobieltje wordt geopend, en dan rent ze naar de trein waar ze het artikel op weg naar huis verder leest. 2D-labels kunnen ook handig zijn om URL's toe te voegen aan een lijst bladwijzers op je mobiele toestel.

In Europa en Amerika loopt het gebruik van 2D-label een beetje achter, omdat netwerkbeheerders minder belangstelling hadden om het mobiele webgebruik op dezelfde manier te stimuleren en er geen samenwerking tot stand kwam om het ecosysteem op te zetten. Daarbij waren telefoons in Japan in het algemeen al eerder slimmer dan telefoons elders, maar dat is inmiddels veranderd. AT&T vertelde me dat ze nu net zo veel smartphones activeren als simpelere telefoons met "toeters en bellen".

Scanbuy sloot onlangs een overeenkomst in Spanje waardoor hun software in alle handtoestellen van de belangrijke maatschappijen komt. Spaanse adverteerders heb ervoor gekozen om de codes van Scanbuy te gebruiken. Dat zal bijdragen aan de acceptatie, vooral als je dankzij de codes korting kunt krijgen op een populair product zoals cola. Scanbuy heeft ook een overeenkomst waardoor hun software op de meeste telefoons in Denemarken komt, een relatie in de dop met belangrijke Mexicaanse netwerkbeheerders en een partnerschap met Sprint dat tot nu toe pas één telefoon heeft opgeleverd waar de software op wordt meegeleverd.

De software van Scanbuy kan zijn eigen labels herkennen, maar ook (als de netwerkbeheerder daarvoor kiest!) openbare smaken zoals QR Code. Scanbuy stelt ook particulieren in staat om een flink aantal codes te registreren voor persoonlijk gebruik en laat alleen grote ondernemingen betalen voor gebruik op grote schaal. (Het is niet duidelijk of netwerkbeheerders zullen vragen om het lezen van QR Code en Data Matrix uit te schakelen, maar dat is de keuze van de beheerder. Als je zelf de software van Scanbuy installeert kunnen de openbare smaken gelezen worden.)

Buiten Japan beginnen de 2D-labels nog maar net op te duiken, meer als uitzondering of test dan op een wijdverbreide manier. In de nieuwe verzameling van xkcd comics zitten her en der verspreid een aantal 2D-labels.

2D-labels kunnen ook als ding op zichzelf worden gebruikt. Je hebt misschien al 2D-kortingsbonnen gezien die je kunt uitknippen en meenemen naar een winkel, of die je op het scherm van een smartphone kunt laten verschijnen om hem te laten scannen in een supermarkt of andere winkel.

In commerciële toepassingen zijn 2D-labels wereldwijd al wijdverspreid. Je ziet een 2D-label op bijna elke medische rekening, als onderdeel van een verzendbon van UPS, als frankering van USPS-poststukken, en naast of in plaats van een 1D EAN product-code in winkels. In gesloten systemen kunnen bedrijven ondersteuning voor 2D-labels van begin tot eind inbouwen.

Parel of zeepbel? Veel technologie die de Japanners dagelijks gebruiken wordt in de rest van de wereld nog niet echt begrepen. Maar denk eens terug aan de onbekendheid van Amerika met sms-berichten totdat telefoons deze mogelijkheid toegankelijker maakten en netwerkbeheerders afspraken om berichten tussen netwerken uit te wisselen. Toen daar ook nog het juiste prijskaartje aan werd gekoppeld werd sms'en net zo gewoon in de Verenigde Staten als in Japan en Europa. Het aantal wereldwijd in 2009 verzonden sms-berichten zal een biljoen bedragen. Zullen mobiele telefoons in 2010 een biljoen 2D-labels scannen?

Lees reacties op dit artikel of plaats er een | Tweet dit artikel


TidBITS Volglijst: belangrijke software-updates, 9 november 2009

  van de TidBITS-redactie <editors@tidbits.com>

[vertaling: DPF, MSH, SL]

Viewfinder 1.0 -- Is voor jou het zoeken naar afbeeldingen die je kunt gebruiken in presentaties of publicaties een nachtmerrie? Voor dit probleem heeft Connected Flow de eerste versie uitgebracht van zijn Flickr-zoekgereedschap Viewfinder. Met deze software kun je in de Flickr-archieven zoeken op sleutelwoord, en de treffers filteren op basis van de afmetingen en het soort licentie (om afbeeldingen te vinden die je legaal kunt gebruiken). Gevonden afbeeldingen kun je bekijken met Snelle weergave, downloaden, als bureaubladachtergrond gebruiken, of direct doorsturen naar Keynote '08 en later. Viewfinder 1.0 vereist Mac OS X 10.6 of later. (15 euro introductieprijs, 19 euro normaal, 1,7 MB)


Captain FTP 6.2 -- Xnet Communications heeft Captain FTP bijgewerkt, hun goed toegeruste client voor overdracht van bestanden. De nieuwste versie werkt samen met Snow Leopard en heeft een aantal verbeteringen onder de motorkap: ondersteuning voor Growl, een nieuwe XML-parserbibliotheek, en een nieuwe SQLite-bibliotheek. Ook zijn een aantal weeffouten verholpen, waaronder enkele rondom SFTP-verbindingen, de Transfer Manager, het wijzigen op afstand van bestanden, en het bewaren van tabs. ($ 29, $ 19 upgrade, 11,8 MB)

MacSpeech Dictate 1.5.6 -- MacSpeech heeft een onderhouds-update uitgebracht van het gereedschap voor spraakherkenning MacSpeech Dictate. In de nieuwste versie zit een voorkeurenpaneel waarin je Auto Cache Document voor TextEdit en Microsoft Word aan of uit kunt zetten. Enkele van de andere veranderingen in recente updates zijn: een contextueel menu voor het venster Available Commands, correcte weergave van Selection Commands in het statusvenster onder het veld Recognized Text, en het uitschakelen van Email Commands als Adresboek meer dan ongeveer 900 kaarten bevat, om geheugenproblemen te vermijden. Ook is de indeling van menu's in overeenstemming gebracht met de recentste versies van programma's die meegeleverd worden met Snow Leopard, is er een probleem opgelost dat documenten liet crashen als ze werden afgesloten of in cache werden geplaatst en is er een probleem aangepakt dat crashes veroorzaakte als je wijzigingen aanbracht met de muis. Een volledige toelichting staat op de website van MacSpeech. ($ 199 nieuw, gratis update voor aankopen sinds 1 april 2009, $ 54,95 upgrade vanaf eerdere versies)

BBEdit 9.3 -- Bij Bare Bones Software verscheen een belangrijke update voor de krachtige tekst editor BBEdit. De nieuwe versie voegt de mogelijkheid toe om bewaarde zoekopdrachten in de Finder in te sluiten in Projects, verbetert ondersteuning voor niet-tekst bestanden in Projects, stelt gebruikers in staat om Snelle weergave te gebruiken voor de voorbeschouwing van bestanden in Projects en schijfbrowsers en stelt gebruikers in staat om taal-specifieke tagbestanden te maken voor bewaren van gemeenschappelijke completeringen. Ook is een nieuw gereedschap, genaamd bbfind, toegevoegd dat opdrachtregel-toegang geeft tot BBEdit's multi-bestands-zoekeigenschap. Tenslotte, de functie Clippings werd verbeterd voor makkelijkere toegang tot meertalige bestanden, een knop "New", die nieuwe mappen en bestanden direkt in de browser kan maken, werd aan de FTP/SFTP-browser toegevoegd en meerdere foutjes werden hersteld. Volledige uitgave-opmerlingen zijn verkrijgbaar op de Bare Bones Web Site. ($ 125 nieuw, gratis update, 16,1 MB)

Sandvox 1.6.5 -- Bij Karelia Software verscheen een onderhoudsupdate voor Sandvox, hun website-maakgereedschap dat gebaseerd is op sjablonen. De nieuwste versie verbetert ondersteuning voor uploaden naar bepaalde SFTP- en WebDAV-servers en verbetert Snow Leopard compatibiliteit voor de iMedia Browser-component. Voorts heeft Karelia Software, naast de update, een actie tot eind november waarbij Mac-gebruikers een gratis licentie krijgen voor Sandvox Pro door aankoop van een eenjarige webhostingpakket bij A2 Hosting of Server Logistics. ($ 57 Normaal/$ 97 Pro, gratis update, 26,8 MB)

Kaspersky Anti-Virus voor Mac 1.0 -- Internet beveiligingsbedrijf Kaspersky toonde hun eerste produkt gericht op Mac-gebruikers, Kaspersky Anti-Virus voor Mac. Voornamelijk is de software er op gericht om Mac-gebruikers te beletten dat ze onwetend Windows-specifieke virussen oplopen en ze dan door geven aan Windows-gebruikers waarbij hun machines zoud getroffen kunnen worden. Eigenschappen bevatten real-time download en scanning van bijlagen, minimaal CPU gebruik, automatisch updaten en het opnemen van de nieuwste Kaspersky-antivirustechnologie. Alhoewel we een nieuwkomer in de Macintosh-antiviruswereld interessant vinden, bevelen we antivirus-softwarevoor de meeste Mac gebruikersniet aan. (zie "Moeten Macgebruikers antivirus-software gebruiken?", 18 maart 2008). ($ 59,95 nieuw, 49,4 MB)

DiscLabel 6.1 -- Bij SmileOnMyMac verscheen een onderhoudsupdate voor de cd- en dvd-labelontwerpsoftware. Veranderingen in DiscLabel 6.1 omvatten ondersteuning voor Flickr-accounts, de mogelijkheid om dingen weg te doen door ze te slepen naar het grijze gebied buiten het ontwerpkader en knipmarkeringen die na het eerste knippen nog te zien zijn in de "plain paper"-uitvoer. Verder verbetering bij groottebepaling van laagtabs als je werkt met veel lagen, het is nu makkelijker om lagen te tonen of te verbergen, een sneltoets werd toegevoegd om het Inspector-venster te tonen en werden meerdere, niet aangeduide fouten hersteld. ($ 35,95 nieuw, gratis update, 23,2 MB)

BusyCal 1.0.3 -- BusyMac heeft een onderhouds-update uitgebracht van de op iCal geïnspireerde bureaublad-kalender met ingebouwde mogelijkheden om te delen, BusyCal. In de nieuwste versie kun je wekkers koppelen aan gebeurtenissen op de verjaardagskalender en tekst in alleen-lezenvelden selecteren en kopiëren. Verder laat het symbool in de Dock nu de datum zien. Ook zijn er een aantal weeffouten hersteld, waaronder een die te maken heeft met het wekker-menu, een die te maken heeft met zomertijd en verschillende weeffouten die het programma lieten crashen als je koos voor Herstel, dubbele invoer wilde herstellen, of Sticky Notes wilde bewerken. Er staat een volledige lijst van de veranderingen op de website van BusyMac. ($ 40 nieuw, gratis update, $ 10 upgrade voor BusySync-gebruikers, 4,5 MB)

Parallels Desktop 5 -- Fusion 3 van VMware (zie "VMware Fusion 3", 28 oktober 2009) wordt op de hielen gevolgd door een nieuwe versie van Parallels Desktop for Mac. Parallels 5 ondersteunt Windows 7 volledig en is naar verluidt tot 300 procent sneller dan de vorige versie van Parallels (en zelfs nog sterker vooruit gegaan in snelle 3D-weergave). Je kunt er nu 64-bits versies van Windows mee draaien en Snow Leopard Server als gastbesturingssystemen en er tot acht virtuele kernen mee geven aan virtuele machines. Naast verbeteringen in compatibiliteit zijn er ruim 70 nieuwe functies, waaronder een MacLook Theme, waardoor Windows-vensters er uitzien als Mac-vensters; Crystal Mode, een uitbreiding van de Coherence-weergave die geen Parallels-menu's meer heeft en die het Start-menu van Windows in de menubalk van Mac OS X heeft; ondersteuning voor Apple Remote en gebaren op multi-touch trackpads; verbeteringen op het gebied van kopiëren en plakken en van slepen; en uitgebreidere ondersteuning voor meerdere beeldschermen. Er is een gratis versie, en Parallels hanteert nu een concurrentie upgrade-prijs van $ 49,99 voor eigenaars van VMware Fusion. ($ 79,99 nieuw, $ 49,99 upgrade, 219 MB)

TweetDeck 0.31.3 -- Iain Dodsworth heeft de nieuwste versie uitgebracht van zijn op Adobe AIR gebaseerde Twitter-client, TweetDeck. Enkele veranderingen zijn een meldingen-systeem met een nieuw voorvertoon-popupvenster, ondersteuning van sneltoetsen, een extra kolom "Followers" en de mogelijkheid om voorkeuren voor meldingen in te stellen per kolom. Ook zijn diverse weeffouten hersteld, waaronder eentje die zorgde dat de spellingcontrole voor sommige gebruikers ontoegankelijk was, eentje die verhinderde dat bepaalde URL's automatisch werden ingekort en eentje die het onmogelijk maakte om berichten te tikken van meer dan 140 tekens (maar uiteindelijk moet je lange berichten alsnog inkorten tot maximaal 140 tekens). Een complete lijst van de veranderingen staat op de website van Dodsworth. (Gratis, 2 MB)


ExtraBITS, 9 november 2009

  van de TidBITS-redactie <editors@tidbits.com>

[vertaling: TK]

Apple TV 3.0 probleem met verdwenen content opgelost in 3.0.1 -- Door een probleem in de recent uitgebrachte Apple TV 3.0-software kan al je beschikbare materiaal schijnbaar laten verdwijnen tot je opnieuw synchroniseert met iTunes. Apple raadt de update naar 3.0.1 ten zeerste aan om dit probleem op te lossen.

Fortune verkiest Jobs tot CEO van het decennium -- Fortune Magazine heeft Steve Jobs verkozen tot CEO van het decennium. Waarom Jobs? Volgens Fortune heeft hij de afgelopen 10 jaar "drie markten (muziek, film en gsm's) radicaal en op lucratieve wijze veranderd en zijn impact op zijn oorspronkelijke branche, computers, is alleen maar gegroeid".

UPS maakt gratis app voor iPhone -- Als je een iPhone-gebruiker bent die regelmatig pakjes verzendt of ontvangt via UPS, dan kun je de gratis UPS Mobile app voor de iPhone en iPod touch downloaden. Met deze app kun je zendingen volgen, verzendingslabels maken, UPS-locaties in de buurt zoeken en de verzendingskosten voor verschillende diensten opzoeken.

Verander een iPod classic of iPod nano in een e-boeklezer -- Een betadienst met de naam Notescasts.com belooft gebruikers van de iPod classic, iPod nano en iPod van de 5de generatie een online winkel waar ze gratis en goedkope e-boeken kunnen downloaden. Dit is een gewaagde stap met alle aandacht die de iPhone en iPod touch en de App Store krijgen, maar zullen voldoende gebruikers van de ondersteunde iPod-modellen dit opmerken?

Mini-videoseminaries voor Panorama 5.5 -- Jim Rea van ProVUE Development is begonnen met de productie van korte videotrainingseminaries voor hun databaseprogramma Panorama 5.5 (dat wij gebruiken voor het opvolgen van bestellingen van de Take Control-reeks en databases voor auteursrechten). Als je Panorama gebruikt, bekijk dan de eerste video over Live Clairvoyance (je kunt de Windows-interface-elementen negeren aangezien dit op dezelfde manier werkt op de Mac). Panorama biedt enorm veel mogelijkheden die de meeste gebruikers nooit vinden; hopelijk brengen de video's van Jim hier verandering in.


Recente onderwerpen in TidBITS Talk, 9 november 2009

  door Jeff Carlson <jeffc@tidbits.com>

[vertaling: CS]

[De discussies waarnaar verwezen wordt zijn in het Engels, daarom hebben we de titels niet vertaald - Tb-NL.]

Computer Workstation Madness -- Heeft de nieuwe grotere iMac een slechte kijkhoek? Moeten beeldschermen van computers zo geplaatst worden dat je erop neer kijkt, zoals bij het lezen van een boek? (10 berichten)

Flash Downloader -- Een lezer vraagt naar hulpprogramma's voor het downloaden van streaming Flash videobestanden. (2 berichten)

Finder: 'select all' is inconsistent -- Het selecteren van alle berichten in kolomweergave werkt niet volgens de verwachting van een lezer, waardoor zijn Mac 200 applicaties opende. (4 berichten)


Dit is TidBITS, een gratis wekelijkse technologie-nieuwsbrief met recent nieuws, bekwame analyse, en grondige besprekingen voor de Macintosh- en internet-gemeenschappen. Geef het gerust door aan je vrienden; beter nog, vraag of ze een abonnement willen nemen!
Niet-winstgevende en niet-commerciële publicaties en websites mogen artikelen overnemen of een link maken als de bron duidelijk en volledig vermeld wordt. Anderen gelieve ons te contacteren. We kunnen de precisie van de artikelen niet garanderen. Caveat lector. Publicatie-, product- en firmanamen kunnen gedeponeerde merken zijn van hun ondernemingen.
Copyright 2009 TidBITS; reuse governed by this Creative Commons License.

Vorige aflevering | Search TidBITS | TidBITS Homepage | Volgende aflevering